09-09-08

DE ZWARTE BLADZIJDEN VAN DE VLAAMSE BEWEGING HERDACHT

In het jongste nummer van Vlaams Belang Magazine wordt een nieuw boekje (104 blz.) van Pieter Jan Verstraete besproken, Vlaamse bedevaarten naar Münstereifel (foto 1). In de ‘recensie’ in het Vlaams Belang Magazine oogt het onschuldiger dan het is.

Volgens Frederik Pas, in VB-kringen beter bekend als hun huiscartoonist Fré, trokken “oud-Oostfronters en sympathisanten (…) tussen 1956 en 1972 jaarlijks naar het graf van enkele Vlaamse oorlogsvrijwilligers.” Aanvankelijk verliep alles in peis en vree, maar na kritiek in enkele “Belgisch-francofone kranten”, kritiek overgenomen door een aantal politici, “werden de vreedzame bedevaarders SS-misdadigers en kampbeulen.” Protest van antifascistische militanten leidde in 1968 “zowaar tot een vechtpartij op het kerkhof. Het zou het einde inluiden van de dodenherdenkingen in Münstereifel. Het deelnemersaantal brokkelde zienderogen af en met de achttiende bedevaart werd een stukje Vlaamse geschiedenis afgesloten.”

Wie de tentoonstelling bezoekt die momenteel te zien is in het Bormshuis in Antwerpen (foto 2, klik eenmaal op de foto voor een duidelijker afbeelding), en de begeleidende brochure doorneemt, merkt al vlug dat het allemaal wel minder onschuldig is dan in het Vlaams Belang Magazine voorgesteld wordt. Vooreerst gaat het niet om zomaar “Vlaamse oorlogsvrijwilligers”, maar om “Vlaamse Waffen SS’ers.” De bedevaarten naar hun graven werden georganiseerd door Alfons Rongé, één van de leidende figuren van de Vlaamse Sociale Beweging – een organisatie die in de jaren 1950 haar sympathie voor het nationaal-socialistisch Duitsland niet onder stoelen of banken stak en er een militie op na hield met de weinig originele naam Storm-Afdeling, SA. De latere VMO-leider Bert Eriksson maakte hiervan nog deel uit.

In de brochure bij de tentoonstelling in het Bormshuis wordt er overigens nog op gewezen dat de twee in Münstereifel begraven Vlaamse Waffen SS’ers “in de Vlaams-nationale betekenis van het woord geen Vlaamse Oostfronters waren die ten strijde waren getrokken tegen het communisme. Zij hadden wel dienst genomen als vrijwilligers in Duitse (weliswaar internationale, ‘Germaanse’) SS-eenheden die streden voor het Duitse Rijk en dit aan het Oost- én aan het Westfront.” Na het protest dat in de jaren zestig op gang kwam tegen de herdenking van deze SS’ers, en mede doordat de sociaaldemocraten in de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen de verkiezingen wonnen op de christendemocraten, kwam er een einde aan de bedevaarten naar Münstereifel die op hun hoogtepunt een driehonderdtal mensen mobiliseerde.

Bijkomend element voor het stopzetten van de bedevaarten naar Duitsland was dat het Sint-Maartensfonds voor haar dodenherdenkingen intussen terecht kon op het militair kerkhof van Lommel, en in 1968-1969 in Stekene een eigen erepark opzette – intussen overgedragen aan en onderhouden door het Vlaams Nationaal Jeugdverbond (VNJ). In het boek van Pieter Jan Verstraete wordt het niet vermeld maar volgens Luk Dieudonné van het Bormshuis is het niet uitgesloten dat de bedevaarten naar Münstereifel ook aanleiding waren voor internationale contacten van extreemrechts, de ‘Zwarte Internationale van Malmö’ zoals ze in de linkse pers werd genoemd.

De tentoonstelling in het Bormshuis belicht ook vader (1894 - 1971) en zoon (1921 - 1984) Piet van Rossem, die mee hun schouders zetten voor de organisatie van de bedevaarten naar Münstereifel. Vader en zoon werden na de Tweede Wereldoorlog gearresteerd wegens collaboratie met het nazi-regime. Zij kwamen in 1949 vrij, vestigden zich in het Antwerpse en richten er de beweging Vlaams Blok op die, zoals het bekendere Vlaamse Concentratie, ijvert voor amnestie voor de collaborateurs met het nazi-regime. In 1957 verdween dát Vlaams Blok van de kaart. Piet van Rossem junior werd later nog redacteur van De Nieuwe Gazet, de Antwerpse versie van Het Laatste Nieuws.

De tentoonstelling in het Bormshuis over deze collaborateurs en de bedevaarten naar graven van collaborateurs werd samengesteld door Bob Hulstaert, VB-gemeenteraadslid in Antwerpen, en Lieve van Onckelen, die onder andere ook het secretariaat van de IJzerwake verzorgt. Alhoewel Bob Hulstaert de nationale kranten haalde met zijn uitspraak om Het Toneelhuis maar op droog zaad te zetten, is hij één van de meest gematigde VB-gemeenteraadsleden in Antwerpen. Een gematigde VB'er die een tentoonstelling opzet rond collaborateurs, zonder een zweem van afkeuring.

00:15 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken |  Facebook | | |  Print

De commentaren zijn gesloten.