27-05-13

EEN JAAR LATER: RECHTSZAAK TEGEN BBET START OPNIEUW

Allereerste BBET-tijdschriftnummer.JPGBBET-tijdschrift.JPGNa een jaar onderbreking wordt vandaag in Dendermonde de rechtszaak tegen de Blood and Honour-groep Bloed-Bodem-Eer-Trouw (BBET) hernomen.

 

Na vele procedurekwesties en vertragingsmanoeuvres van de advocaten van de verdachten ging op 12 september 2011 de rechtszaak tegen BBET van start. De federale en gerechtelijke politie, het federale parket en het parket van Dendermonde, de staatsveiligheid en de militaire veiligheidsdienst volgden vanaf 2004 het doen en laten van deze Blood and Honour-groep. Twee politieagenten infiltreerden in het BBET-milieu, wat anders dan in Duitsland zeer uitzonderlijk is. Op 7 september 2006 volgde een grootscheepse politieactie waarbij in vijf legerkazernes en op achttien privé-adressen huiszoekingen werden verricht.

 

Er werd een grote hoeveelheid vuurwapens in beslag genomen, ontstekers voor landmijnen, munitie, kogelvrije vesten, gasmaskers, propagandamateriaal en documentatie met neonazistische symbolen, extremistische literatuur, anabolen, explosieven… Zeventien verdachten werden aangehouden, waaronder tien militairen. Procureur Daniël Bernard zei over die laatsten dat ze allemaal “een uitgesproken racistisch en neonazistisch gedachtegoed” hebben en de intentie hadden om hun terroristische ideeën in de praktijk te brengen.

 

Vooraleer de rechtszaak op 12 september 2011 kon starten moesten twee kwesties beslecht worden. Het oprollen van het BBET-netwerk gebeurde met de inzet van twee infiltranten, een in Leopoldsburg waar hoofdverdachte Tomas B. gekazerneerd was, en een bij een schietclub in Aalst waar BBET’ers bijeenkwamen. De verdediging van twee verdachten betwistte of dit wel kon, maar het Hof van Cassatie bevestigde dat alles volgens de regels was gebeurd. Ook werd aangevoerd dat met de nieuwe wapenwet de in beslag genomen wapens geregulariseerd hadden kunnen worden, en dus niet langer het voorwerp van de rechtszaak konden uitmaken. Ook hierin gaf het Hof van Cassatie de verdediging ongelijk.

 

Vier verdachten werd op 6 juli 2010 de gunst van opschorting verleend zodat ze uiteindelijk niet voor de rechtbank moesten verschijnen. Onder hen Tamara V.A., destijds de vriendin van Tomas B., ook bekend om van haar topless serveren in café De Viking in Leopoldsburg.

 

Op de eerste procesdag werd het bestaan publiek gemaakt van een White Freedom Fighter-document. Een handboek voor terroristische activiteiten waaraan Tomas B. meerdere jaren werkte, met uitleg over vuurwapens en explosieven, wat aan het gebruik voorafgaat (het observeren van doelwitten…), wat achteraf nuttig kan zijn (EHBO…), een verantwoording… “Wij zullen tot het einde gaan en het volk beschermen tegen de vijanden die het vandaag kent”, zei Tomas B. op een video met naast zich een vlag met een swastika. In het White Freedom Fighter-document wordt verduidelijkt dat met “de vijanden” de leiders van de “zionistische en multiculturele lobby” bedoeld worden.

 

In dezelfde rechtszaak worden ook een aantal aanverwante dossiers behandeld: verschillende vechtpartijen waarbij Tomas B. betrokken was, wapenhandel, handel in anabolen en viagra… Voor Tomas B. wordt in totaal 12 jaar gevangenis gevraagd (BBET, slagen en verwondingen buiten de BBET-zaak en handel in anabolen), Voor Joeri V.d.P in totaal zeven jaar cel (BBET + anabolicazaak), Voor Mark H. en Stijn V.M. vijf jaar cel. Voor dertien anderen: van drie maanden tot drie jaar cel.

 

De verdediging pleit dat de gedagvaarden allemaal onschuldige lammetjes waren, minstens intussen allen voorbeeldige burgers zijn. Wel wordt toegegeven dat Tomas B. een bewijs van goed gedrag en zeden vervalste om security op Pukkelpop te kunnen zijn, en dat het BBET-tijdschrift en de gelijknamige website bulkt van racisme en negationisme kan moeilijk ontkend worden (foto 1: het allereerste BBET-tijdschrift; foto 2: het tweede nummer onder de naam Bloed-Bodem-Eer-Trouw).

 

Op 21 mei 2012 werd de uitspraak in de BBET-zaak verwacht maar tot verrassing van iedereen besloot de rechtbank eerst drie prejudiciële vragen aan het Grondwettelijk Hof voor te leggen op vraag van de verdediging. Onder andere of het geen schending van de rechten van de verdediging is dat zij de bevoegdheid van het in terrorismebestrijding gespecialiseerde federale parket niet in vraag kunnen stellen. Het duurde tot 28 maart 2013 tot het Grondwettelijk Hof zich uitsprak. In een 18 bladzijden tellend arrest geeft het Grondwettelijk Hof de verdediging over de hele lijn ongelijk. De rechtbank in Dendermonde zal er vandaag officieel kennis van nemen en het vervolg van de rechtszaak vastleggen. Een jaar geleden liet de verdediging zich ontvallen nu nieuwe procedurekwesties te zullen opwerpen.

 

Twee BBET-verdachten haalden in de tussentijd de nationale media. Tomas B. was nog eens betrokken bij een vechtpartij en Joeri V.d.P. verscheen voor de hem intussen bekende rechtbank van Dendermonde voor het slaan van zijn vriendin. In de gespecialiseerde pers werd Tomas B. gesignaleerd als man die met een Native Pride-kleding een stand zou opstellen op de startavond van de Autonome Nationalisten. Sindsdien werden meerdere Autonome Nationalisten in die kledij gesignaleerd (foto: Christian Berteryan met een Extremist-T-shirt).

00:10 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bbet, blood and honour |  Facebook | | |  Print

De commentaren zijn gesloten.