31-07-13

20 JAAR CENTRUM GELIJKE KANSEN EN RACISMEBESTRIJDING (1)

Het beruchte zeventigpuntenplan, door Filip Dewinter gepresenteerd op een colloquium van het Vlaams Blok op 6 juni 1992, begint met: “1. Opdoeken van het Koninklijk Commissariaat voor het Migrantenbeleid”. De tweede versie, verschenen in 1996, hield rekening met een naam- en bevoegdheidsverandering maar bleef voor het overige hetzelfde: “1. Opdoeken van het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding”. Met een opiniebijdrage en de publicatie van een boek met twintig getuigenissen meldt Jozef De Witte (foto), directeur van het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racisme-bestrijding (CGKR), dat het CGKR inmiddels al twintig jaar bestaat. AFF/Verzet feliciteert hierbij graag het CGKR en haar medewerkers voor het geleverde werk. Filip Dewinter en het VB zijn grandioos mislukt in de eerste opdracht die ze zichzelf stelden.

 

Jozef De Witte verwijst naar de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (1948) en het Internationaal Verdrag inzake Uitbanning van alle Vormen van Rassendiscriminatie (1965) als potgrond waaruit het CGKR is kunnen ontstaan. Het duurde evenwel zestien jaar vooraleer laatstgenoemd verdrag haar Belgische vertaling kreeg, met de wet van 30 juli 1981 tegen het racisme waarvan toenmalig minister van Justitie Philippe Moureaux de drijvende kracht was. In diezelfde periode, op 15 december 1980, zag ook de Vreemdelingenwetgeving het licht. Officieel: de Wet betreffende de Toegang tot het Grondgebied, het Verblijf, de Vestiging en de Verwijdering van Vreemdelingen. Maar van een echt migratiebeleid, met aandacht voor alle aspecten verbonden aan de migratie, was daarmee nog geen sprake. Impulsen daarvoor moesten komen van het Koninklijk Commissariaat voor het Migrantenbeleid dat in 1989 opgericht werd en vier jaar later het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding (CGKR) werd.

 

De oprichting van het Commissariaat, met Paula D’Hondt als Koninklijk Commissaris en Johan Leman als haar kabinetschef, is niet vreemd aan het verkiezingssucces van het Vlaams Blok dat bij de gemeenteraadsverkiezingen in oktober 1988 in Antwerpen 17 % van de stemmen behaalt, onder andere het gevolg van een andere kijk op de migratie na de economische recessie en felle toename van de werkloosheid die volgde op de oliecrisis van 1980. Opereerde het Commissariaat nog onder de vleugels van de Eerste-Minister, het CGKR werd bij wet opgericht en krijgt zijn opdrachten van het parlement. De opdrachten van het CGKR werden alsmaar uitgebreid, niet in het minst natuurlijk als gevolg van nieuwe wetgeving: de wetgeving tegen negationisme (1995), tegen discriminatie (2003), tegen mensenhandel (1995 en 2005)… Twintig jaar na de oprichting van het CGKR verloopt het uitstippelen van een migratiebeleid nog steeds moeizaam – maar het CGKR kan enkel studies en aanbevelingen aanreiken, het is de politiek die beslist. Het manifest racisme is intussen grotendeels verdwenen, het racisme wordt nu meer gecamoufleerd (lees het interview met advocaat Luc Walleyn).

 

Het succes van het CGKR lijkt bescheiden, maar dat is deels perceptie. Het CGKR haalt vooral de pers met gerechtelijke dossiers waarin het zich burgerlijke partij stelt, zoals de veroordeling van drie vzw’s van het Vlaams Blok (2004) en de veroordeling van kantelpoortenfirma Feryn (2009). Maar de gerechtelijke dossiers vertegenwoordigen tegenwoordig nog slechts 1 % van alle dossiers die het CGKR opent. Het leeuwendeel van het werk gebeurt achter de schermen. Met ontmoetingen, bemiddelingen, opleidingen en aanbevelingen worden grondrechten zoals een gelijke behandeling verdedigd. Een zaak die in der minne kan geregeld worden, is beter dan een zaak die via een gerechtelijke procedure moet behandeld worden en achteraf slechts met tegenzin, en vaak met jaren vertraging, door de veroordeelde wordt uitgevoerd.

 

Bij momenten is er kritiek op het CGKR, maar geloof ons vrij: met de jaren ervaring weten ze bij het CGKR vrij goed wat juridisch haalbaar is en wat slechts een kamikazeoperatie zou zijn. Dat bijvoorbeeld discriminatie en haatboodschappen anders moeten aangepakt worden, helpt ook al niet voor begrip voor het optreden van het CGKR. Ook al heeft Jozef De Witte de werking van het CGKR en zijn kijk op enkele actuele kwesties verduidelijkt in een interessant boek. Pijnpunt blijft de ruimte die ‘de politiek’ aan het CGKR geeft. Met name vanuit de N-VA is al meermaals gesteld dat het CGKR zich meer moet richten op ‘het Vlaamse aanvoelen’, terwijl niet iets zo fluïde de leidraad kan zijn. Het CGKR kan en moet haar werking enkel oriënteren op de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.

 

Ingevolge van Europese wetgeving wordt het CGKR de eerstvolgende maanden omgevormd tot een interfederaal antidiscriminatiecentrum en een federaal migratiecentrum. Het CGKR is alleen gemachtigd om op te treden tegen discriminatie in federale zaken. Niet bij bevoegdheden van de Gewesten en Gemeenschappen. Niet dus bij De Lijn, de VDAB, het onderwijs, de Vlaamse administratie, de Vlaamse welzijnssector… Dat verandert nu ten goede. Eenentwintig jaar na haar zeventigpuntenplan vindt het Vlaams Belang nog altijd dat het CGKR opgedoekt moet worden, maar het CGKR is er nog altijd, en wat er in de plaats komt krijgt nog meer bevoegdheden.

00:15 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: racisme, discriminatie, actie |  Facebook | | |  Print

De commentaren zijn gesloten.