08-10-13

BBET: HET EINDE (NOG NIET) IN ZICHT, VERVOLG

Ongetwijfeld zullen de advocaten van de verdediging van de Blood and Honour-groep Bloed Bodem Eer Trouw (BBET) pleiten dat hun rechtszaak al onredelijk lang aansleept, en alleen al daarom de vrijspraak voor de verdachten hoort. Maar wie veroorzaakt de lange duur van deze rechtszaak? Gisteren hebben we een tipje van de sluier gelicht, vandaag het vervolg.

 

Naast over BBET als racistische, negationistische en terroristische organisatie, worden in deze rechtszaak een aantal aanverwante zaken behandeld. Zoals wapenhandel. Tomas B. die bijvoorbeeld wapens verkocht aan een undercoveragent, en de vierde hoofdverdachte Stijn V.M. eens vroeg tien matrakken mee te brengen die Tomas B. op weg naar een NSV-betoging zou kunnen verkopen. Drie van de zeventien gedagvaarden staan voor de rechtbank louter als wapenhandelaar, met verborgen ruimtes waar ze een aantal wapens buiten zicht bewaarden.

 

Over Tomas B. worden nog een paar andere dossiers voorgelegd: een caféruzie waarbij Tomas B. een champagnefles op het hoofd van twee mensen knalde, met blijvende gehoorschade voor een van de twee; chantage bij één van zijn vriendinnen die bedreigd werd de laatste – gefilmde – vrijpartij naar buiten te brengen als ze zich niet excuseerde voor het beëindigen van de relatie; een met bloed geschreven dreigbrief en mes achtergelaten bij een andere vriendin op de verjaardag van het zoontje… Ook een vechtpartij, samen met een vriend, op een oudejaarsfuif die een agent in burger een gebroken kaak opleverde zit in het dossier. En dan is er nog de anabolen- en viagrahandel waarvoor Tomas B., Joeri V.d.P en nog een derde verdachte terechtstaan (meer over de aanverwante dossiers: hier).

 

Voor Tomas B. (foto) wordt in totaal twaalf jaar gevangenis gevraagd (8 jaar voor BBET, 2 jaar voor slagen en verwondingen buiten de BBET-zaak en nog eens 2 jaar voor handel in anabolen), voor Joeri V.d.P in totaal zeven jaar cel (5 jaar voor BBET en 2 jaar voor de anabolicazaak), voor Mark H. en Stijn V.M. vijf jaar cel, voor dertien anderen: van drie maanden tot drie jaar cel. De verdediging pleit dat de gedagvaarden allemaal onschuldige lammetjes waren, minstens intussen allen voorbeeldige burgers zijn. De verdediging doet intussen ook haar uiterste best om de gang van de rechtszaak te vertragen: conclusies die tegen een bepaalde datum ingediend moeten worden, worden vaak pas op de eerstvolgende rechtbankzitting overhandigd. Zodat het Openbaar Ministerie niet de tijd heeft om de argumenten grondig te bestuderen en desgevallend pas later de argumenten kan weerleggen (meer over de verdediging: hier).

 

Op 23 januari 2012 is er een tweede rechtbankzitting, op 29 februari en 16 april volgen extra zittingen. Op 21 mei zou de uitspraak over de BBET-rechtszaak volgen, maar tot verrassing van iedereen besloot de rechtbank in te gaan op de vraag van de advocaten van twee verdachten om aan het Grondwettelijk Hof te vragen of het onder andere wel kan dat de bevoegdheid van de in terrorismezaken gespecialiseerde federale parketmagistraat niet kan betwist worden (meer over deze coup de théâtre: hier). Een jaar later, op 27 mei 2013, herneemt men de BBET-zaak in Dendermonde. Het Grondwettelijk Hof ziet geen enkel probleem met de bevoegdheid van nationaal parketmagistraat gespecialiseerd in terrorismebestrijding Ann Fransen. Maar intussen is één van de drie rechters in de BBET-zaak ernstig ziek en vervangen door een andere rechter. De verdediging van de zeventien verdachten vindt het niet voldoende dat de nieuwe, derde rechter kennis neemt van de geschreven stukken, en vraagt opnieuw mondeling te kunnen pleiten. Het Openbaar Ministerie ziet zich genoodzaakt ook opnieuw mondeling te pleiten (meer daarover: hier).

 

Morgenvoormiddag pleit het Openbaar Ministerie. Morgennamiddag pleiten de advocaten van de vier hoofdverdachten: Tomas B., Joeri V.d.P, Mark H. en Stijn V.M.. Ook morgennamiddag protesteert Blokbuster in Dendermonde tegen het fascistisch geweld (Grote Markt, 14 uur). Donderdag en vrijdag pleiten de advocaten van de dertien andere verdachten. 

 

Het is echter maar de vraag of eind dit jaar of begin volgend jaar de uitspraak in de BBET-zaak volgt. Dezelfde advocaat die de bevoegdheid van de federale parketmagistraat voor terrorismebestrijding in vraag stelde, zei meer dan een jaar geleden al dat hij de volgende keer – morgen dus – de bevoegdheid in vraag zal stellen van de Dendermondse parketmagistraat Jan Kerkhofs die het anabolen- en viagradossier behartigt. Als de Dendermondse rechtbank oordeelt dit te moeten voorleggen aan het Grondwettelijk Hof zijn we opnieuw voor minstens een jaar uitstel vertrokken. Voor hetzelfde geld had die advocaat dit al een jaar geleden kunnen opwerpen, maar het is de strategie van de verdediging om zoveel mogelijk procedurekwesties en vertragingsmanoeuvres in te lassen om dan achteraf te pleiten dat deze zaak al al te lang aansleept.

 

Na de uitspraak in eerste aanleg kan men nog naar het Hof van Beroep trekken, en vervolgens het Hof van Cassatie. Tegen dan zal Tomas B. wel naar Zuid-Afrika geëmigreerd zijn om een van zijn andere plannen te realiseren? Om er de blanke boeren te verdedigen met, naar het voorbeeld van 'Artsen zonder grenzen' enzomeer, ‘Security zonder grenzen’.

 

Parallel met de BBET-zaak loopt in Nederland nog een andere zaak waarbij Tomas B. betrokken is. Een zaak van wapenbezit waarvoor Tomas B. met drie anderen aangehouden werd op 18 oktober 2011, amper een maand na de eerste procesdag over BBET op 12 september 2011. De voorbije zomer, uitgerekend op zijn verjaardag op 23 juli, werd Tomas B., samen met zijn boezemvriend Arnoud K., voor de Ulfhednar-wapenzaak verwacht bij de rechtbank in Alkmaar. Maar Tomas B. daagde niet op. De rechtszaak werd na een korte zitting voor onbepaalde tijd uitgesteld om bijkomende getuigenverklaringen te noteren (hier het verslag van de rechtbankzitting).

00:10 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: bbet, blood and honour |  Facebook | | |  Print

De commentaren zijn gesloten.