16-06-16

FUCK TINA!: BOEK + DVD OVER RUÏNES NA THATCHER

Volgende week, donderdag 23 juni, spreken de Britten zich in een referendum uit over de Brexit, of ze al dan niet uit de Europese Unie willen stappen. Maar wat weten wij eigenlijk over het leven in het Verenigd Koninkrijk? In Fuck Tina! neemt stand-up comedian Nigel Williams ons mee naar het Engeland waar hij opgegroeid is. Trees Heirbaut noteerde en Jef Maes filmde.

Jef Maes heeft al een paar documentaires op zijn actief. Het idee voor de jongste kreeg hij toen op de stakingsdag van 24 november 2014 enkele Bekende Vlamingen (Slongs Dievanongs, Rachida Aziz…) ’s morgensvroeg een ronde deden langs stakingspiketten in het Antwerpse. Nigel Williams was er ook bij, en aan Het journaal legde hij uit waarom: “Ik heb Thatcher één keer meegemaakt, ik wil haar geen tweede keer meemaken” (foto 2: eerste van links: Nigel Williams diezelfde 24 november bij de solidariteitsfietstocht van Hart boven Hard). Maar wat heeft Thatcher precies teweeggebracht en kan dit naar ons land overwaaien? Trees en Jef spreken met Nigel af in café De Muze in Antwerpen, en daar rijpt het idee om een documentaire te maken met Nigel Williams in zijn Engeland.

Nigel neemt zijn Vlaamse gasten mee naar de arbeiderswijk in Bristol waar hij opgroeide, en de fabriek voor de Concorde-vliegtuigen waar hij zes jaar werkte. Toen de productie van deze vliegtuigen stopte (met de Rolls Royce-motorenfabriek erbij goed voor de tewerkstelling van 20.000 mensen), was dat een klap die de streek nooit te boven is gekomen. Of men trok naar het buitenland op zoek naar werk en geluk, of men bleef achter voor een troosteloos bestaan. Overdag is het er rustig, ’s avonds is het er gevaarlijk. Het zijn broeihaarden van geweld. De mensen hebben geen toekomstverwachtingen. Er is geen werk. Drank en drugs regeren hier. De plaatselijke bibliotheek is gesloten wegens besparingen.

Margaret Thatcher had geen schuld aan de vliegtuigcrash in Parijs waarmee een einde kwam aan de bouw van de Concordes, maar ze is wel verantwoordelijk voor de verloedering van de sociale woningbouw. Na de Tweede Wereldoorlog is in Engeland een systeem van sociale woningbouw opgezet waar negentig procent van de bevolking voor in aanmerking komt. Thatcher komt met het idee om de woningen tegen een schappelijke prijs te verkopen aan de bewoners. Maar nu moeten de bewoners zelf instaan voor het onderhoud, wat vroeger de gemeente deed. Banken staan geen leningen toe voor de renovatie van de armtierige huizen, en zo verloederen de huizen verder. In het centrum van Bristol heeft zich intussen een yuppie-industrie gevestigd, maar om er te gaan werken ben je al een flink deel van je loon kwijt aan het openbaar vervoer.

Naast privatisering is flexibiliteit een andere vermeende oplossing om de economie terug op sporen te krijgen. In Engeland heeft men daarvoor nulurencontracten. De werknemer kan altijd opgeroepen worden om te komen werken, maar heeft geen enkele garantie op een minimum aantal werkuren en dus ook niet op een verzekerd maandinkomen. Doe je lastig op je werk, zou je een vakbond willen raadplegen... je werkgever moet je niet eens ontslaan. Hij roept je gewoon niet meer op voor werk. Met de mijnwerkersstaking in 1983-1984 is Margaret Thatcher erin geslaagd om de macht van de vakbonden te breken. En de gevolgen reiken ver. Toen Thatcher aan de macht kwam was tweeëntachtig procent van de actieve bevolking tewerkgesteld in een bedrijf met een collectieve arbeidsovereenkomst. Vandaag is dat amper nog twintig procent. Acht op tien mensen is nu overgeleverd aan de goodwill van de werkgever voor zijn/haar loon en arbeidsvoorwaarden.

De armoede neemt sindsdien toe. In 1979 leefden vijf miljoen Britten in armoede. Na het tijdperk-Thatcher waren er dat zowat veertien miljoen. En de maatschappelijke ongelijkheid neemt groteske proporties aan. Op de vijfde dag van dit jaar, 2016, was het al Fat Cat Tuesday: de dag waarop de gemiddelde topman van een Brits beursgenoteerd bedrijf meer heeft verdiend dan een doorsnee werknemer in een heel jaar. De armoede is niet altijd zichtbaar maar wel reëel. Eén op vijf Britten trekt soms zelf een tand uit of laat zich door een familielid of kennis ‘behandelen’. Het tanden trekken gebeurt dan vaak met een gewone nijptang. Plombeersel wordt zelf aangebracht. Een van de grootste leveranciers op dit vlak verkocht vorig jaar 250.000 tandheelkundige reparatiepakketten. Het zijn maar een paar feiten en anekdotes, maar zo staan er nog vele in Fuck Tina!. ‘Tina’ het letterwoord zijnde voor het “There is no alternative” van Margaret Thatcher.

Nigel Williams is een prima gids, maar Jef Maes en Trees Heirbaut gingen ook langs bij deskundigen als de econoom Anthony Atkinson, professor sociaal recht John Hendy en The Guardian-journalist en auteur Owen Jones. Enig minpunt: het vertelperspectief wordt niet consequent aangehouden. Soms lijkt het alsof Nigel Williams aan het woord is, andere keren wordt over Nigel Williams en de reporters in zijn zog geschreven. Maar de taal waarin Trees Heirbaut schrijft is zeer leesbaar, en de auteurs leggen regelmatig de link naar wat in ons eigen land gebeurt. “Er is geen alternatief”, hoe vaak hebben we dat niet uit de mond van Bart De Wever gehoord. Waar zo’n uitspraak naartoe leidt, weten we nu uit het Engels voorbeeld.

Fuck Tina! kan/moet je tot driemaal toe doornemen. Eerst is er de roadtrip van Nigel Williams, Trees Heirbaut en Jef Maes. Onderaan elke bladzijde vind je vervolgens quotes van geëngageerde mensen als ABVV-vakbondsman Rudi Kennes, actrice An Nelissen, auteur Tom Lanoye en anderen. En dan is er nog de bijgeleverde dvd met Nigel Williams die zijn Engeland toont en specialisten die verduidelijken (40’), en ook nog eens de volledige (maar niet vertaalde) interviews met Owen Jones (20’) en John Hendy (15’). Op naar een volgend boek? En als we een titel mogen suggereren: Leve Tamara!, waarbij ‘Tamara’ staat voor ‘There Are Many And Realistic Alternatives’.

In Fuck Tina! zijn de aangereikte voorbeelden van hoe het anders kan: de wijkgebonden voetbalclubs die opgezet werden toen het Grote Geld voetbalclubs begon op te kopen en de verkiezing van Jeremy Corbyn als nieuwe Labour-leider. Er zijn echter nog meer alternatieven, en ze zijn ook al te boek gesteld. Van Het klein verzet van Tine Hens tot De miljonairstaks en zeven andere briljante ideeën om de samenleving te verbeteren van Peter Mertens en anderen. Maar de combinatie van zo’n boek en het zien van de alternatieven, dat hebben we nog niet veel gehad.

 

Nigel Williams, Trees Heirbaut en Jef Maes, Fuck Tina!, uitg. Epo, 149 blzn. format 15 x 15 cm én een dvd, 19,95 euro.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, engeland, sociaal |  Facebook | | |  Print

06-06-16

DE GESCHIEDENIS ONTKEND. NEGATIONIST DAVID IRVING ONTMASKERD

Eén van de plezantste acties waaraan we dit jaar deelnamen was hoe kon verhinderd worden dat de Britse negationist David Irving in Antwerpen een lezing zou houden. Het was eerst de kunst om te vernemen dát hij in Antwerpen zou spreken (op zijn website werden allerlei lezingen aangekondigd, maar niet in Antwerpen), vervolgens wáár in Antwerpen, en daarna om voldoende volk te mobiliseren opdat de zaaluitbater zou inzien dat het niet opportuun was Irving een zaal ter beschikking te stellen. Een voor een paar dagen later wél aangekondigde lezing in Knokke-Heist werd ook afgelast.

Op hetzelfde ogenblik, we schrijven eind februari, werd de Nederlandse vertaling aangekondigd van History on Trial van de Amerikaanse historica Deborah E. Lipstadt. Het boek ligt intussen onder de titel De geschiedenis ontkend. Waarom ik zes jaar van mijn leven besteedde aan de rechtszaak tegen Holocaustontkenner David Irving in de boekhandel, en als je het daar niet vindt moet je het er bestellen want dit is een must read om te vernemen hoe negationisten te werk gaan om hun ‘historische waarheid’ te construeren.

David Irving heeft een dertigtal boeken geschreven over de Tweede Wereldoorlog – ze lagen allemaal uitgestald in Antwerpen, maar Irving moest ze vóór de verkoop terug inpakken. Maar het is niet als je à la Wim Van Rooy veel namen en feiten kan citeren dat het ook allemaal correct geciteerd en gesitueerd is. Deborah Lipstadt noemde in haar boek Denying the Holocaust. The growing assault on truth and memory David Irving een Holocaustontkenner. Zo had hij in 1988, toen hij voor een Canadese rechtbank getuigde voor de verdediging van een Holocaustontkenner, bijvoorbeeld gezegd: “Er is geen enkel document dat aantoont dat de Holocaust ooit heeft plaatsgevonden.” En toch klaagde hij professor Lipstadt en haar Britse uitgever Penguin UK na het verschijnen van Denying the Holocaust aan voor smaad.

De zaak zou bij een Britse rechtbank beslecht worden, en volgens de Britse wetgeving moet de beschuldigde bewijzen dat wat hij of zij geschreven heeft waar is. In de Verenigde Staten moet daarentegen de klager bewijzen dat wat over hem of haar geschreven is niet waar is. Britse kranten doen na een klacht wegens smaad niet veel moeite voor hun verdediging en gaan vaak over tot een ‘minnelijke schikking’, een financiële vergoeding. Maar kan je met een Holocaustontkenner overgaan tot een ‘minnelijke schikking’? Dat is principieel moeilijk, maar om je in zo’n geval te verdedigen heb je een berg geld nodig om het onderzoek te bekostigen dat de aanklager niet eenmaal maar vele malen de geschiedenis naar zijn hand heeft gezet.

Gelukkig zijn Joden gevoelig voor de Holocaustontkenning én dikwijls kapitaalkrachtig, zodat de miljoenen dollars nodig om het onderzoek te bekostigen konden ingezameld worden. Wat moest bewezen worden, was dat Irvings beweringen over de Holocaust gebaseerd waren op “leugens, vertekening, manipulatie van data, selectief citeren en andere handelingen die volledig ingaan tegen de gebruiken van geschiedkundigen”. Dat vereist het opzoeken en vergelijken van de originele bronnen waarop Irving zich beriep voor zijn beweringen, en zoeken naar de contradicties in de beweringen van Irving. Daarbij rees ook de vraag of Irving zich simpelweg vergist had, dan wel de feiten geïnterpreteerd had in functie van een racistische ideologie.

De geschiedenis ontkend verhaalt over het opzetten van de verdedigingsstrategie en vooral over de negen weken durende rechtszaak die uiteindelijk plaatsvindt in Londen. Als we iets over de helft van het 448 blzn. dik boek waren, vroegen we ons wel af: “Hoe lang gaat dit nog duren?”. Niet omdat het boek saai zou zijn, maar omdat we ons afvroegen of het echt nodig is dat negen weken lang Irving zijn vragen kon stellen aan een aantal ‘getuigen’ en de verdediging van Deborah E. Lipstadt haar ‘getuigen’ en vragen moest opvoeren. Voor een Holocaustontkenner lijkt ons dat teveel eer. Na twee weken onderbreking volgden de slotpleidooien. De verdediging van Deborah E. Lipstadt doet dat op een uurtje, David Irving neemt vier uren de tijd. Maar uiteindelijk geeft de rechtbank Deborah E. Lipstadt over de hele lijn, op één detail na, gelijk. Op een vijfentwintigtal punten is aangetoond hoe David Irving de geschiedenis telkens weer naar zijn hand zette.

Er volgt nog een beroepsprocedure, maar die wordt maar kort verwoord in het boek en opnieuw verloren door David Irving. Vermits Irving zegt onvermogend te zijn om de kosten van de verdediging terug te betalen, moeten historische documenten in bezit van Irving ten gelde gemaakt worden – maar uiteindelijk wordt hieraan verzaakt. Naar verluidt verplaatste David Irving zich in februari in België in een Rolls Royce met een Britse autoplaat. Echt onvermogend moet hij dan toch niet zijn. Dat hij een aanbod om bij de Autonome Nationalisten te spreken afsloeg, is misschien een uitloper van de rechtszaak met Deborah E. Lipstadt. Dat Irving bij de Amerikaanse neonazistische National Alliance sprak, draaide immers ook ten nadele van Irving uit.

De geschiedenis ontkend heeft uw recensent tot tweemaal toe tranen van ontroering bezorgd, maar is vooral een goed gedocumenteerd boek over hoe negationisten de geschiedenis vervalsen. Een personen- en zakenregister vergemakkelijkt het gebruik van het boek als naslagwerk.

Deborah E. Lipstadt, De geschiedenis ontkend, uitgeverij HarperCollins, in België verdeeld door Agora Books, 448 blzn., 24,95 euro. Foto 1: Kris Roman (r., Euro-Rus) die graag met David Irving (l.) op de foto ging bij een eerder bezoek aan België op uitnodiging van de Alliance for Peace and Freedom-groep in het Europees Parlement.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, irving, roman |  Facebook | | |  Print

02-06-16

VAN ANTWERPSE VAKBONDSLEIDER TOT SPANJESTRIJDER

Hoe actueler kan een boek zijn als het boek het leven schetst van een man die een staking leidt tegen de wil in van de vakbondsleiding en besluit mee te gaan strijden in de burgeroorlog in een ander land? De man is geboren in een gezin dat naar ons land vluchtte, ook dat nog. Maar het speelt zich wel af aan het begin van de vorige eeuw. Israël ‘Piet’ Akkerman leefde van 1913 tot 1937.

In de zomer van 1905 opent koning Leopold II de ‘Middenstatie’ van Antwerpen, die we inmiddels kennen als het Centraal Station in Antwerpen. In datzelfde jaar zet een jonge Poolse immigrant, Jozef Akkerman, hier zijn eerste stappen op Antwerps grondgebied. Hij is 22 jaar oud en heeft zijn woonplaats op zo’n 100 kilometer ten zuiden van Warschau verlaten. Door de economische crisis bereikten de werkloosheidscijfers er recordcijfers. Hij komt uit een stadje waar 40 % van de bevolking Joods is, en Jozef vindt zijn weg naar het Joods milieu in Antwerpen. Hij trouwt met een dochter van Poolse vluchtelingen die eerder al naar Antwerpen waren uitgeweken. In 1908 wordt hun eerste zoon, Emiel, geboren. Vijf jaar later hun tweede zoon, Israël.

Historicus Rudi Van Doorslaer en onderzoeker-journalist Sven Tuytens schetsen vervolgens in Israël Piet Akkerman. Van Antwerpse vakbondsleider tot Spanjestrijder hoe Israël Akkerman opgroeit in de Belgisch-Joodse jeugdbeweging, als 17-jarige deelneemt aan een antikoloniale protestactie op touw gezet door de communistische jeugd en datzelfde jaar als leerling-diamantzager lid wordt van de Algemene Diamantbewerkersbond. In 1930 en 1931 kan hij als leerling-diamantzager aan de slag, maar in 1932 wordt hij als gevolg van een economische crisis werkloos en trekt hij naar het Luikse steenkoolbekken op zoek naar werk. Over zijn ervaringen daar schrijft hij nog het manuscript voor een roman, Als de vliegwielen stilstaan.

Israël Akkerman wordt ook actief bij de Internationale Rode Hulp, een met de Communistische Internationale verbonden organisatie. In 1935 is Israël Akkerman mentor van de grootste staking die de diamantsector in de tussenoorlogse periode heeft gekend. Hoewel in België geboren heeft hij niet de Belgische nationaliteit, en een aanvraag om de Belgische nationaliteit te verwerven wordt geweigerd op basis van de communistische activiteiten van broer Emiel en zijn eigen activiteiten. Het is dus niet vanzelfsprekend om als ‘vreemdeling’ zich te mengen in stakingen, te meer de vakbondsleiding niet opgezet is met die stakingen. Israël – die voor zijn Vlaamse vrienden intussen de naam ‘Piet’ aanneemt – zet toch door, voor een strijd die hij graag in de schoot van de vakbond voert.

In november 1936 vertrekt Piet Akkerman naar Spanje waar de democratisch verkozen volksfrontregering figuurlijk en letterlijk onder vuur wordt genomen door opstandige militairen onder leiding van generaal Franco. Piet Akkerman woont dan al tweeënhalf jaar samen met Lya Berger, maar Piets dadendrang is te sterk om hem hier te houden. Lya Berger trekt, samen met andere Joodse vrouwen, ook naar Spanje. Maar dan om er als verpleegster te werken. Het duurt even voor de Belgische regering beseft wat er gebeurt en maatregelen neemt tegen het vertrek van de Spanjestrijders. Tegen dan zijn Piet en Lya al in Spanje, voor Piet is dat om deel te nemen en later zelfs leiding te geven aan de gewapende strijd ter verdediging van de Spaanse democratie.

Alleen is het ontnuchterend hoe kwetsbaar de Spanjestrijders zijn met een allegaartje aan wapens, geen militaire opleiding en vaak zelfs geen militaire mentaliteit – velen waren tevoren in eigen land antimilitaristen. Er vallen onder de Spanjestrijders vlug veel doden, en de successen zijn schaars en/of tijdelijk. Broer Emiel sterft eind 1936 bij een strijd aan de universiteitswijk van Madrid; Piet verliest het leven op 1 januari 1937 in de streek van Guadalajara, ten oosten van Madrid. Om te beletten dat zijn graf geschonden zou worden bij een mogelijke opmars van de vijand wordt zijn plaats van begraven niet aangeduid met een steen of een ander geïmproviseerd gedenkteken. Zijn kameraden leggen in zijn graf een fles met daarin een papier met zijn naam op. Gedenkplaten voor strijders als Piet die de jongste jaren in de streek werden opgehangen, verdwenen meer dan men er liet hangen. Spanje is nog niet klaar met haar verleden en democratische toekomst.

Israël Piet Akkerman. Van Antwerpse vakbondsleider tot Spanjestrijder is een juweeltje van een boek. Er is vooreerst de keurige vormgeving door Rudi De Rechter. Spanjekenner én historicus vertrouwd met de geschiedenis van de socialistische en communistische beweging Vincent Scheltiens schreef een gedegen inleiding. Jan Vanriet zorgde voor de illustraties ander dan de foto’s en historische documenten die ook afgedrukt zijn. Sven Tuytens en Rudi Van Doorslaer deden het nodige opzoekwerk om tot een zo volledig mogelijk beeld te komen over Israël Piet Akkerman, het tijdvak en de organisaties waarin de centrale figuur van het boek actief was. Het boek is uitgegeven door de Algemene Centrale van het ABVV Antwerpen-Waasland, die intussen onder andere de socialistische diamantbewerkers groepeert. Ja, ja. De socialistische vakbond doet nog wat anders dan staken. Onder andere boeken uitgeven, en nog goeie ook.

Sven Tuytens & Rudi Van Doorslaer, Israël Piet Akkerman. Van Antwerpse vakbondsleider tot Spanjestrijder, verspreiding door uitg. EPO, 173 blzn., 20 euro.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, antwerpen, sociaal, spanje, actie |  Facebook | | |  Print

14-05-16

DE WEEK IN ZEVEN CITATEN (EN EENTJE EXTRA)

Evenveel citaten als anders, maar toevallig zijn er een aantal lang uitgevallen. Met het verlengd weekend dat begonnen is, is er echter tijd om te lezen. De Eurosongfestivalavond van Radio 1 beantwoordde intussen volledig aan de verwachtingen. De Autonome Nationalisten konden niet beletten dat duizenden mensen er plezier aan beleefden. Hoe Daan en Gregory Frateur (Dez Monza) Gelukkig zijn zongen, gaf een nieuwe dimensie aan het Eurovisiesongfestivalnummer van Ann Christy. Maar er is nog fraai muzikaal nieuws: Hans Mortelmans en groep (foto, zie ook het derde citaat hieronder) heeft een nieuwe cd uit en ManiFiesta presenteert niemand minder dan Manu Chao.

“Een goed voorbeeld van hoe dat uit de hand loopt, is er in Beringen. Een voormalige mijnstad waar al decennialang mensen met verschillende achtergronden samenleven. Waar verdraagzaamheid een erezaak is, “want in de put waren we ­allemaal zwart”. Daar wil de Marokkaanse ­gemeenschap nu een oude villa kopen en ver­bouwen tot gebedshuis. De villa heeft lang leeggestaan en was voordien een nachtclub/bordeel. Nog voor die plannen goed en wel bekendraakten, kwam er al luid protest van de buren, die grote protestborden in hun voortuinen zetten. Met andere woorden, liever een bordeel naast je huis dan een gebedshuis. Nog liever pooiers en hoeren dan biddende moslims. Zover is het gekomen, en dat is beangstigend.” Pieter Lesaffer vindt het verontrustend hoeveel drek Lieven Boeve, topman van het katholiek onderwijs, over zich heen kreeg. Niet zozeer vóór het katholieke geloof dat hij zou afvallen als wel tégen de islam. “Dat is vanuit menselijk oogpunt niet onlogisch, zo vlak na terroristische aanslagen die in naam van die godsdienst zijn gepleegd. Maar dat maakt het niet minder alarmerend. Ten eerste omdat die antigevoelens een draagvlak creëren voor extreemrechts geweld. (…) Minstens even alarmerend is dat die antigevoelens de moeizame integratie van allochtonen nog meer bemoeilijken.” (Het Nieuwsblad, 6 mei 2016)

“Met Sadiq Khan krijgt Londen opnieuw een rode burgemeester. Maar hij wordt vooral gezien als ‘de eerste verkozen moslimburgemeester van een grote Europese stad’.” Het is maar vanuit welk perspectief je de zaak bekijkt. In Londen was zijn moslim zijn geen issue (“Hier is het eerder een fait divers”, schrijft de in Londen wonende Nele Van den Broeck). In de Vlaamse pers focuste men wél op zijn moslim zijn. “Ik ben het niet die Khan nu al uren als ‘moslim burgemeester” frame”, kon Gerolf Annemans twitteren. (De Standaard, 7 en 10 mei 2016)

“Met zijn nieuwe album Wandelpaden bevestigt Antwerpenaar Hans Mortelmans nogmaals dat hij een muzikale erfgenaam is van de betreurde Wannes Van de Velde, zij het met heel wat minder faam en erkenning. (…) Mortelmans snuffelt, net als grootmeester Wannes dat deed, ook graag aan andere culturen. Tegelijk verwerkt Mortelmans in zijn teksten een stevige portie maatschappijkritiek. Wars van enig compromis ten aanzien van elke hedendaagse, hippe muziekcultuur, blijft deze Antwerpse bard zijn verhaal vertellen. Dat verhaal klinkt niet betuttelend, maar is evenmin vrijblijvend.” Een nieuwe cd van Hans Mortelmans is altijd weer feest. (Het Nieuwsblad, 9 mei 2016 – Meer over de nieuwe cd bij New Folk Sounds)

“In zaal De Valk op de Grote Markt van Lier kwam de nieuwe lokale afdeling van de PVDA+ samen. Zoals gebruikelijk met enkele lelijke vrouwen en een hoop mannen zonder hoop. Uiteindelijk toch zo’n 60 aanwezigen wat meer is dan bij andere lokale partijen. Na het voorspelbare gemekker over het feit dat links zijn een daad van verzet is in tijden van een dominant rechts discours, kwam voorzitter Peter Mertens uit de losse pols vertellen over ongelijkheid tussen de superrijken en de rest van de bevolking. Het moet gezegd: het werd een vurig betoog waarin nagels met koppen werden geslagen over de parlementaire jaknikkers, de Panama-profiteurs, de 30-urenweek en het bandeloze egoïsme van de bezittende klasse. Mertens kan het, hij had het publiek in de palm van zijn hand en hij gelooft duidelijk in wat hij brengt. Zo jammer dat de communisten hun idealen niet beperken tot het eigen volk. Er zat namelijk geen enkele allochtoon in de zaal, dus waarom het toch telkens blijven opnemen voor die vermaledijde multiculturele medebroeders? Religie was toch opium voor het volk? Hoe zit dat dan met de PVDA en het islamgeknuffel? Hoe dan ook, verzet komt van onderuit en niet van bovenaf, daarin had ‘de Peter’ gelijk. Lierke-Plezierke gold die avond alvast ook voor Links.” De extreemrechtse roddelkrant ’t Scheldt brengt verslag uit van de opstart van een nieuwe PVDA-afdeling. (’t Scheldt, nr. 1237)

“Sinds de regering-Michel aan de macht kwam, verkiest zij systematisch machtsvertoon boven sociaal overleg. Ze maakt van het sociaal overleg een schijnvertoning die de bevolking beetneemt en alleen maar dient om tijd te rekken, terwijl alles toch al van tevoren beslist is. De verantwoordelijkheid voor de traagheid van justitie, de overbevolkte gevangenissen, de mensonwaardige levensomstandigheden in de gevangenissen ligt volledig bij de regering. In plaats van werk te maken van een rechtvaardige fiscaliteit om kwaliteitsvolle openbare diensten uit te bouwen, wat men in een beschaafd land toch mag verwachten, verkoos deze rechtse regering zwaar te snoeien in de middelen van de openbare diensten, in de sociale zekerheid, en facturen te sturen naar de mensen. Het conflict tussen de cipiers en de minister van Justitie is het resultaat van die blinde besparingen (…).” Het ABVV verzet zich tegen de ‘militarisering’ van de openbare diensten. (ABVV, 9 mei 2016)

“De hoofddoek kan me weinig schelen. Ik zie dat veeleer als een zaak van puberende meisjes die, terecht en begrijpelijk, een positie zoeken in de wereld. Ik zie dat niet als een groot ideologisch gevecht. Wat mij werkelijk zorgen baart, zijn andere zaken: leerlingen met openstaande schoolfacturen van meer dan 2.000 euro. Hoe betrek ik ouders die geen Nederlands spreken? Wanneer komt het loopbaanpact van de grond? Hoe zit het met de vaste benoemingen? Dat zijn allemaal zaken die belangrijker zijn, urgenter.” Schooldirecteur Dominique Janssen over wat hem écht belangrijk lijkt. (De Standaard, 10 mei 2016)

“Als we een gebrek aan iets ervaren – geld, maar ook tijd – dan kaapt dat onze aandacht weg. Het dwingt ons om ons te concentreren, maar het veroorzaakt ook een tunnelvisie en beperkt ons denkvermogen. Armoede zorgt ervoor dat men moeilijk nieuwe vaardigheden aanleert en vaker dan gemiddeld onverstandige beslissingen neemt. Ook raar: bij armen relativeert men vaak het belang van een inkomen, terwijl de bonuscultuur aantoont dat men het inkomen bij rijke mensen wél enorm belangrijk en motiverend vindt.” “Een beetje geld alleen zal het niet oplossen, maar het zou hen (= de armen, nvdr.) toch veel meer helpen dan hetzelfde bedrag dat bij meer welgestelde mensen zou doen”, zegt Bea Cantillon. (Humo, 10 mei 2016)

“De psychoanalyticus in mij is zeer gevoelig voor de bewust georkestreerde betekenisverschuivingen. Belastingen heten 'overheidsbeslag', besparingen heten 'herstructurering', 'privatiseren' is een eufemisme voor diefstal van gemeenschappelijk goed. 'Rechts' is niet langer synoniem voor voorzichtig en conservatief, wel voor een versmelting van kapitaal en overheid. 'Links' is het nieuwe scheldwoord. Een paar jaar geleden vonden wij, verlichte Europeanen, die Amerikanen toch zo stom, toen ze massaal stemden tégen een invoering van een zelfs minimale ziekteverzekering. Vandaag stemt een meerderheid bij ons voor de afbouw van onze sociale verworvenheden. Wat is er in godsnaam aan de hand? We hebben eeuwenlang moeten strijden om kerk en staat te scheiden, en nu zitten we opgescheept met een monsterverbond tussen kapitaal en staat.” Paul Verhaeghe bij zijn bespreking van Dit is morgen, nieuw boek van Thomas Decreus en Christophe Callewaert. (De Morgen, 11 mei 2016)

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: citaten, islam, cultuur, lier, actie, sociaal, onderwijs, armoede, boeken |  Facebook | | |  Print

15-04-16

DE WEEK IN ZEVEN CITATEN (EN EENTJE EXTRA)

Tom Lanoye - Boekvoorstelling Revue Lanoye - 13 maart 2016.JPGHet was weer eens een week waarin er meer uit te lichten citaten waren dan er plaats is in deze rubriek. En ook een week waarin Tom Lanoye druk bezig was met het promoten van Revue Lanoye op radio en televisie, een lang interview in Humo volgde (waaruit twee citaten hieronder) en de eerste recensie van zijn jongste boek verscheen. En toen moest de officiële boekvoorstelling woensdagavond nog plaatsvinden (foto). Revue Lanoye bundelt columns, essays en lezingen die Tom Lanoye de jongste jaren schreef – geactualiseerd waar nodig, en het niet eerder gepubliceerde Het verdriet van HollandTom Lanoye bekijkt onze samenleving vanuit alle mogelijke oogpunten, en komt zo tot verrassende vergelijkingen en terechte kritieken. (Uitg. Promotheus, 238 blzn., 19,90 euro.)

“Allicht heeft ook Herman Brusselmans zelf er met enige verbazing naar staan kijken. Nooit in zijn inmiddels meer dan dertigjarige carrière is hij als denker ook maar een heel klein beetje au sérieux genomen. Altijd opnieuw is hij weggezet als de grote onnozelaar, de zeveraar en de potsenmaker. Tot hij vorige week in Humo iets scherps zei over moslims en links. Het scheelde niet veel of onze rechterzijde had de potsenmaker van weleer meteen opgenomen in het pantheon der grote Vlaamse denkers.” (De Morgen online, 9 april 2016)

“Onlangs sprak ik op een debat over hoe Nestlé en Unilever in Afrikaanse krottenwijken bronnen opkopen en zo drinkbaar water exploiteren. Aan de allerarmsten. Pervers kapitalisme. De moderator zei dat ik sprak als een activist. Dat choqueert me. Alsof dat marxistisch denken is. Dat heeft niets van doen met links of rechts. Styreven naar iets beters is gewoon onze taak tijdens ons kortstondig verblijf op de wereld. Fatalisme is lafheid.” Goed gesproken Phara de Aguirre, VRT-journaliste die nu Koppen presenteert. (dS Weekblad, 9 april 2016)

“Hier heeft ze (= de regering-Michel bij haar jongste begrotingscontrole) een grote opportuniteit gemist, namelijk een progressieve vermogensbelasting. Pas op, daarmee viseer je niet de middenklasse die een heel leven hard gewerkt en gespaard heeft, daar blijf je van af. Het gaat over de vermogens boven pakweg twee miljoen euro. Die kan je belasten aan 1 of 2 procent, die je vervolgens in de economie pompt. Dat zou pas echt dynamiek geven.” Aan het woord is niet PVDA-voorzitter Peter Mertens maar econoom Paul De Grauwe (London School of Economics and Political Science), voormalig VLD-senator en nog steeds voorstander van de vrije markteconomie. (Gazet van Antwerpen, 9 april 2016)

“Ze hebben het nog relatief goed. Mijn nicht is haar job niet kwijtgeraakt – dan mag je al van geluk spreken. Haar loon is wel gehalveerd. Ik zie je kijken: maar ja, letterlijk gehalveerd. De pensioenen zijn nu nog zo’n vierhonderd euro. Terwijl alles even duur gebleven is. Huur, water, elektriciteit… Je kunt het je bijna niet voorstellen. Mijn nicht zei: plots zijn we de rijksten van de straat. Gewoon doordat we onze job nog hebben en onze huur kunnen betalen. Mensen liggen in hun auto’s te slapen.” VRT-journaliste Danira Boukhriss Terkessidis belt nog regelmatig met haar familie in Griekenland. (Nina, 9 april 2016)

“De vrijheid, mevrouw Rutten, waar u over spreekt is de willekeur van de economisch machtige in de arbeidsrelatie, de werkgever. Uiteindelijk beslist hij (of zij).” Peter Mertens vervolgt een debat met Gwendolyn Rutten na een veel te kort De Zevende Dag-duel. (Knack online, 11 april 2016 – Intussen heeft Gwendolyn Rutten geantwoord “uit respect voor de lezers (…) niet om u te overtuigen, want dat zal niet lukken”.)

“Ik moet de eerste linkse nog tegenkomen die de aanslagen goedkeurt of vergoeilijkt. Ik moet de eerste linkse nog tegenkomen die zegt dat godsdienst er helemaal niets mee te maken heeft. Maar mag je nog zeggen dat het intellectueel redelijk armtierig is om alléén de islam aan te halen als verklaring voor terreur? Nee, want dan staat iedereen klaar om je aan te vallen. Het is hoe langer hoe minder mogelijk om de dingen kritisch te bevragen, terwijl dat net tot de kern van de westerse waarden behoort.” En nog Tom Lanoye, over de Syriëstrijders en de bende van Mega Toby en Sproetje die jarenlang hun gang konden gaan bij de Antwerpse politie met het bestelen van, en geweldplegingen op, mensen zonder geldige verblijfspapieren: “Bij Syriëstrijders mag je niet naar de individuen kijken, dan moet je culturaliseren. Bij agenten geldt net het omgekeerde: daar zijn het per definitie ‘rotte appels’ en is er nooit iets fout met de structuur en de cultuur.” (Humo, 12 april 2016)

“Nu zal wie geen leerkracht is (…) misschien denken: ik vind het goed dat de bonificatie afgeschaft wordt. Want dat is een voordeel dat ik niet heb. En dat is exact waar onze regering op hoopt. Haar plan is immers sector voor sector alle sociale voordelen af te breken. En dat lukt pas als bij elke afbraakpoging de burger zijn voordeel vergelijkt met dat van een ander. Als meer dan de helft van de bevolking denkt, goed dat dat stukje afgebroken wordt, want dat heb ik niet. En zo draaien we met zijn allen rondjes op de paardenmolen van de sociale afbraak. Ondertussen laat diezelfde regering de prijzen van energie, onderwijs en zo veel meer zo hard de hoogte inschieten, dat België het enige land in de regio is dat inflatie kent: 2,24 procent. Onze regering klopt het geld met zo’n gretigheid uit de zakken van zijn burgers, dat de inflatie opspringt als een hert in de lente. Maar alles liever dan nieuwe belastingen natuurlijk – stel je voor dat de rijken getroffen worden.” Auteur en docent psychologie Peter Van Olmen maakt de rekening van de jongste begrotingsbeslissingen. (De Standaard, 12 april 2016)

"Er zijn één stoel en een aantal stenen richting politie geworpen. Er was geen schade, geen slachtoffers en er is op geen enkel moment een fysieke confrontatie geweest. Voor ons is het duidelijk: er waren die dag geen rellen." Politiewoordvoerder Johan Berckmans na de door ex-professor en nu N-VA-medewerker Frank Thevissen gelanceerde beelden waaruit moest blijken dat de VRT, in tegenstelling tot VTM, de wereld in Molenbeek zaterdag 2 april te rooskleurig voorstelde. Siegfried Bracke verspreidde mee de door Frank Thevissen gemanipuleerde weergave van de feiten (tot tweemaal toe, Bracke retweette ook deze tweet), terwijl Bracke zijn stemmenpotentieel toch in de eerste plaats te danken heeft aan zijn bekendheid als gewezen VRT-journalist. (De Morgen, 13 april 2015)

09-04-16

VAN HERMAN BRUSSELMANS NAAR TOM LANOYE

Vorige week werd Herman Brusselmans aan de borst gekoesterd door (extreem)rechts omwille van zijn column Wij van links. “Wij van links, zijn bezig om ons eigen graf te graven, en sommigen van ons doen dat met een glimlach #Brusselmans”, twitterde Sandy Neel, Vlaams Belang-districtsraadslid in Antwerpen, voormalig Vlaams Belang-personeelslid en ex-uitbaatster van café De Leeuw van Vlaanderen in Antwerpen. Ze voegde er de hele column van Brusselmans bij. Vlaams Belang-ondervoorzitter Philip Claeys en anderen hielpen ook mee aan de verspreiding.

Kersvers N-VA-medewerker Frank Thevissen (ontslagen prof Vrije Universiteit Brussel) mengde intussen beelden van Herman Brusselmans die zijn column voorleest voor PowNed met een interview met Wim Van Rooy voor GeenStijl. Je moet een sterke maag hebben om dit te doorstaan. Maar wat zegt Herman Brusselmans zélf over en naar aanleiding van zijn column? “Ik beschouw mezelf nog altijd als links”, zegt Herman Brusselmans deze week in Humo. Maar hij geeft een eigenaardige invulling aan ‘links zijn’. Herman Brusselmans: “Voor mij betekent links denken dat je verdraagzaam bent, dat je iedereen met rust laat en elkaar niks in de weg legt.” Ons lijkt dat veeleer een liberaal standpunt. In Het Laatste Nieuws woensdag vertelde Brusselmans trouwens voor de liberalen te stemmen.

‘Links zijn’ is onder andere ijveren voor gelijke kansen voor iedereen, maar Brusselmans ziet het probleem niet. In Humo: “Linkse softies zijn er 100 procent van overtuigd: belt Sven om te solliciteren, dan krijgt hij die job. Belt Mohamed, dan krijgt hij de job niet. Er zijn genoeg Mohameds die wél werk hebben. Dat pleit voor hen én voor de mensen die hen in dienst nemen.” Verhalen en statistieken spreken dit tegen. Van een allochtone leerling automechanica die meer punten haalt dan zijn autochtone klasgenoten maar moeilijker aan een stageplaats in een garage geraakt, tot VDAB-statistieken waaruit blijkt dat werkgevers op zoek naar werkvolk minder allochtone namen aanklikken dan autochtone, en hoogopgeleide allochtonen die ondanks hun kwalificaties minder snel aan jobs geraken dan laagopgeleide.

Ook inzake de gelijkheid van mannen en vrouwen slaat Brusselmans de bal mis. In Humo: “Zij die opkomen voor de rechten van de moslims, kun je vergelijken met diehard feministen: waar ze ooit voor hebben gevochten, is intussen bereikt. Ik zeg niet dat er geen seksisme meer is, maar het bestaat alleen nog bij idioten (…). De overgrote meerderheid vindt het niet meer dan normaal dat een vrouw evenveel verdient als een man.” Oh ja? Het is nog maar van 11 maart geleden dat nog maar eens een Equal Pay Day werd ingericht om er de aandacht op te vestigen dat vrouwen twintig procent minder verdienen dan mannen. Misschien dat dit niet Het Laatste Nieuws of welke informatiebron van Herman Brusselmans ook bereikt heeft, maar het is wel zo.

“Al wat ik in mijn column zeg, is: beweren dat sommige mensen extremistisch worden en naar Syrië trekken omdat wij hen niet goed hebben opgevangen en hebben gediscrimineerd, dat is bullshit”, zegt Herman Brusselmans in Humo en in Het Laatste Nieuws herhaalt hij dat. Maar wie ter linkerzijde zou dat gezegd hebben? Uit de vele interviews en studies over de Syriëstrijders hebben we onthouden dat er vele motieven zijn waarom sommige jongeren Syriëstrijder worden. Discriminatie, of het gevoel gediscrimineerd te worden, kan een reden zijn, maar ook maar één reden naast andere redenen. Trouwens, als discriminatie de enige reden zou zijn, zouden we geen 500 maar 50.000 of nog meer landgenoten hebben die naar Syrië trekken.

In Humo distantieert Brusselmans zich van “de complete debielen van het Vlaams Belang”, maar daar beseffen sommigen intussen dat ze Brusselmans iets te vlug in hun armen te hebben gesloten. “Ook Herman #Brusselmans vindt dat wij ‘onbeperkt’ ‘vluchtelingen’ moeten binnenlaten (via @HLN_BE). Tot daar zijn politiek incorrect inzicht”, twitterde Sam Van Rooy. Eens te meer verdraait Sam Van Rooy de waarheid. Wat Brusselmans in Het Laatste Nieuws zei, is: “In België kunnen we geen twee miljoen mensen bij pakken, maar gespreid over Europa gaan we dat niet voelen – we zijn hier met vijfhonderd miljoen.” Dan toch iets waar we het met Brusselmans eens mee zijn.

Maar laat ons vooruitkijken. Naar vanavond om te beginnen. Herman Brusselmans hebben wij nooit als ‘een linkse’ gepercipieerd. Tom Lanoye wél. En Tom Lanoye is vanavond te gast bij Alleen Elvis blijft bestaan (Canvas, 22u35). Helaas heeft Humo zijn column na de aanslagen op 22 maart niet open gesteld voor niet-abonnees of niet-betalend. In tegenstelling tot de fout onderbouwde column van Brusselmans. Maar er is wél nog goed nieuws: dezer dagen verschijnt Revue Lanoye, een bundeling van Tom Lanoyes jongste snijdende en goed gedocumenteerde polemieken. En na Alleen Elvis blijft bestaan met Tom Lanoye kan je nog een uurtje de documentaire Marley meepikken op NPO 3 (het vroegere Nederland 3). Wij klagen niet.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, neel, claeys, racisme, vrouwen, syrië, van rooy, thevissen |  Facebook | | |  Print

28-03-16

LET OP JE WOORDEN. POLITIEK, TAAL EN STRIJD

Jan Blommaert is een taalkundig antropoloog en heeft al heel wat boeken op zijn naam staan. Zijn eerste publicaties over Het Belgisch migrantendebat (samen met Jef Verschueren, 1992) en aanverwante thema’s vonden we te scherp geformuleerd. Gaandeweg zijn we de meningen van Jan Blommaert, niet in het minst op zijn eigen blog, meer gaan appreciëren. Niet dat Jan Blommaert minder scherp is geworden, maar omdat wij zijn gaan inzien welk verhullend taalgebruik media en politiek hanteren. In zijn jongste boek Let op je woorden. Politiek, taal en strijd (foto) verduidelijkt Jan Blommaert dit aan de hand van de jongste en minder jonge bon parler.

Jan Blommaert, hoogleraar aan de Universiteit van Tilburg (Nederland), is in 1989 gepromoveerd op een proefschrift over politiek taalgebruik in het socialistisch Tanzania. Sindsdien is hij heel zijn leven bezig geweest met de grondige studie van taalprocessen in een sociale en culturele context. Dat levert een indrukwekkende lijst wetenschappelijke publicaties op, maar nu wilde Jan Blommaert ook een boek uitbrengen dat “een uitgesproken pedagogisch instrument” wil zijn, een “leerboek taalgebruik”. Zijn jongste boek is opgedeeld in drie delen en een bijlage. Eerst bespreekt de auteur de context van het boek, vervolgens analyseert en herformuleert Jan Blommaert het taalgebruik over economie, arbeid, vakbonden, stakingen, migratie en veiligheid. In het derde deel schetst hij de hedendaagse mediatisering en nieuwe kenniscultuur. In een bijlage geeft hij tenslotte een aantal oefeningen mee.

Taal is niet neutraal. Taal wordt altijd in een bepaalde context gebruikt. Men kan eenzelfde persoon “obsessief, geobsedeerd” dan wel “onwrikbaar, onverzettelijk” noemen, “niet vatbaar voor rede, onredelijk” dan wel “beginselvast”, “dwaas, naïef” dan wel “moedig, visionair” enzovoort. Van geen van deze termen kan je echt zeggen dat het ‘waar’ of ‘onwaar’ is, het hangt er maar vanaf hoe je het bekijkt. De eerste omschrijvingen zijn termen die een ‘slachtoffer’-positie weergeven, de positie van iemand die nadeel heeft ondervonden door de acties die via deze woorden beschreven worden. De tweede omschrijvingen geven die van de ‘dader’ weer, de partij die er voordeel uit heeft gehaald. Elke uitdrukking is een subjectieve uitdrukking die een hele reeks achtergronden en argumenten verbergt, waar het écht om te doen is.

We komen zo ook terecht bij het intussen bekend en meer en meer gebruikt begrip ‘framing’. Jan Blommaert: “Enige tijd geleden liet oud-premier Yves Leterme, die toen nog een hoge pief was bij de OESO, ons weten dat de lonen in België nog altijd veel te hoog lagen en dat het openbaar vervoer in dit land veel te goedkoop was. Ons land zou er dus, volgens Leterme en zijn OESO, op vooruitgaan (!) wanneer (a) de mensen minder verdienen en (b) ze meer moeten betalen voor bepaalde basisbehoeften zoals transport. Minder verdienen en meer uitgeven: in mijn wereld betekent dat verarming. En die verarming zou ik dan als ‘vooruitgang’ of ‘verbetering’ van de toestand moeten, begrijpen? Hier is dus duidelijk nood aan ‘reframing’.”

Jan Blommaert geeft zelf de nodige voorbeelden. Om te beginnen over de economie. Is een ‘werkgever’ echt een werkgever of eigenlijk een werknemer? En omgekeerd: een ‘werknemer’ echt een werknemer of eigenlijk een werkgever? Critici zullen Blommaert zijn marxistische analyse verwijten, maar is wat de meeste mensen als ‘normaal’ beschouwen geen verbloeming van de harde werkelijkheid? Het idee bijvoorbeeld wie ‘productief’ is in deze samenleving (de kapitaalbezitters, de werkenden in de privésector…) en wie ‘niet-productief’ is (de ambtenaren, de onderwijsmensen, de vrijwilligers…) moet toch echt wel eens herbekeken worden zonder de oogkleppen die men ons voorhoudt. Vanzelfsprekend wordt ook inzake migratie en veiligheid taal in een bepaalde zienswijze gebruikt. Jan Blommaert legt het op een overtuigende manier uit.

Waar hij, naar ons aanvoelen, in de mist gaat, is het derde deel van zijn jongste boek. Aan de hand van een opiniebijdrage van Caroline Gennez (SP.A) bekritiseert hij het idee en vooral de limieten voor participatie in de ogen van de traditionele politici. Het G1000-idee van David Van Reybrouck kan evenmin op bijval rekenen. Tot daar aan toe. Maar Jan Blommaert ziet hierna ongebreidelde mogelijkheden aan kennisvergaring en opiniëring via de nieuwe media (internet, sociale media…). Die zijn er inderdaad, en deze blog maakt er dankbaar gebruik van, maar daarnaast heeft het ook zijn beperkingen en nadelen.

Een nadeel is dat er meer onzin verspreid wordt, wat vroeger beperkt bleef tot de toog in een café wordt nu wereldwijd opgepikt én voor waar aangenomen. Een beperking is dat velen in hun circuit blijven zitten: rechtse mensen bijvoorbeeld zullen doorgaans enkel rechtse praat lezen en zich daarmee sterken in hun overtuiging. Niet zonder meer positief is hoe vlug korte, gratis berichten van kranten online gedeeld worden. Als eerste informatiebron zonder meer nuttig, maar vaak kan en moet er nog achtergrondinformatie bij om de zaak in het juiste perspectief te zien – maar daar is later dikwijls minder aandacht voor omdat men ‘het’ al gezien heeft. Hoe positief de nieuwe media ook kunnen zijn, er blijft een gigantische taak liggen voor een objectiever beeld in de klassieke media. Vormingssessies voor journalisten aan de hand van Let op je woorden. Politiek, taal en strijd zouden daarbij kunnen helpen.

Jan Blommaert, Let op je woorden. Politiek, taal en strijd, Uitgeverij Epo, 164 blzn, 17.50 euro. Boekvoorstelling met de auteur, ABVV-voorzitter Rudy De Leeuw en De Standaard-ombudsman Tom Naegels morgen, dinsdag 29 maart, om 20 uur in café RoodWit, Generaal Drubbelstraat 42 in Berchem.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, media |  Facebook | | |  Print

21-03-16

ZWIJGEN. MAGISTRALE ROMAN VAN INGRID VANDER VEKEN

Zwijgen.jpgHet is niet onze gewoonte om hier romans te signaleren. Als we het nu toch doen, is het omdat een van de hoofdthema’s van Zwijgen (foto) aansluit bij wat op deze blog besproken wordt en vele lezers van deze blog bekommert. Én omdat het een bijzonder goed geschreven boek is.

Zwijgen combineert het schrijftalent van oud-journaliste en auteur van meerdere boeken Ingrid Vander Veken met de herinnering aan haar intussen overleden ouders. Haar vader was in de eerste helft van de jaren veertig, tijdens de bezetting, aan de slag bij de Vrijwillige Arbeidsdienst voor Vlaanderen (VAVV). Opgericht door hoge Belgische ambtenaren stond het VAVV vlug onder invloed van Nieuwe Orde-bewegingen als het Verdinaso en het VNV, en later DeVlag/SS. Vader verzwijgt dat hij actief was bij de VAVV en vermijdt ook met zijn dochter de Antwerpse dierentuin te bezoeken (allicht om de nare herinnering aan de enkele dagen dat hij er als collaborateur opgesloten was in de leeuwenkooien).

Er is geen gerechtelijk dossier teruggevonden over vader Vander Veken, wat betekent dat zijn collaboratie niet als zwaarwichtig werd aanzien. Maar de geschiedenis weegt op vader. En er is nog meer waarover niet gepraat wordt. Zoals over de oudste broer van vader. “Gestorven in de oorlog, fluisterde je moeder je toe. Gesneuveld op het slagveld, nam je voetstoots aan. Dat in de oorlog niet alle mannen soldaat waren, dat sommige heel andere bezigheden hadden, kwam niet bij je op. Er was zo veel aan oorlog wat je niet wist, zo weinig wat men je erover vertelde.”

Vader lost slechts een half zinnetje over zijn oorlogsverleden zolang zijn dochter nog thuis is bij haar ouders. Als de ouders uit de echt scheiden en vader de verbroken relatie met zijn dochter wil herstellen, laat vader weten dat hij foto’s en herinneringen aan zijn jeugdjaren verzameld heeft en erover wil praten. Bij het eerste gesprek komt het VAVV al ter sprake, maar er volgt geen tweede gesprek meer omdat vaders gezondheid fel en snel achteruitgaat. Bij moeder te rade gaan brengt niet veel op. Moeder heeft ook een zaak die altijd verborgen is gebleven voor haar dochter, en de dochter pas duidelijk wordt als ze na het overlijden van haar moeder een stapeltje brieven vindt.

Vader ging op latere leeftijd nog naar bijeenkomsten van een vriendenkring van oud-VAVV’ers (zoals nu nog de ‘Sint-Maartensfondsvrienden’ elke eerste zondag van de maand bijeenkomen in het Vlaams Belang-lokaal in de Van Maerlantstraat in Antwerpen, nvdr.). Volgens de weduwe van een oud-VAVV’er ging men er naartoe omwille van de vriendschap. “Maar was dat werkelijk het enige waar deze mannen naar op zoek waren? De goeie ouwe tijd was er niet alleen een van vriendschap, maar tot dat besef werd niet bepaald aangespoord. (…) Zeker niet afgaand op de tijdschriften die tijdens dit treffen werden uitgedeeld, en waarin elk spoor van schroom, elke kanttekening ontbreekt.”

Om meer te vernemen over wat niet is gezegd, gaat de dochter dossiers inkijken bij CEGESOMA, het ADVN en het Felix Archief, en gaat ze praten met historici als Bruno De Wever, Frank Seberechts en Herman Van Goethem. Het resultaat is een genuanceerd beeld over wat zich in die oorlogsjaren en nadien heeft afgespeeld. Er was immers zwart en wit, maar ook heel veel grijs in verschillende tinten. Met het verhaal van Ingrid Vandervekens jeugdjaren erbij, en de levenswandel van haar moeder – die vier jaar lang een verborgen gehouden relatie had met een andere man, even lang maar niet helemaal in dezelfde periode als dat haar echtgenoot bij de VAVV was – is Zwijgen een boek dat minstens genomineerd moet worden voor de Gouden Boekenuil (vanaf dit jaar: de Fintro Literatuurprijs) en andere literaire prijzen.

Zwijgen heeft al veel reacties losgemaakt, veel lezers herkenden de situatie. “Vaak nieuwe lezers”, zei ons iemand uit de directe omgeving van de auteur. Zelf geeft Ingrid Vander Veken op haar Facebookpagina nog mee: “Tot mijn dierbare lezers, tot alle kinderen van die talloze zwijgende families zou ik willen zeggen: vraag en praat, en doe het nu, tegen het vergeten in. Het is nodig, heel hard nodig. Weet ik nu wel zeker.”

 

Ingrid Vander Veken, Zwijgen, Uitg. Polis, 206 blzn., 19.95 euro. Het boek is vóór publicatie nagelezen door twee van de genoemde historici om na te gaan of wat in het boek over het VAVV staat correct is. Koen Aerts (UGent) bereidt voor volgend jaar een boek voor over de oorlogsherinneringen van kinderen van ouders die betrokken waren bij de collaboratie en/of de ‘repressie’. Er zijn hiervoor reeds meer dan honderd interviews afgenomen. Over de Sint-Maartensfondsvrienden en hun blad Berkenkruisje volgt later nog een artikel op deze blog.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken |  Facebook | | |  Print

26-02-16

DE WEEK IN ZEVEN CITATEN (EN EENTJE EXTRA)

Solidariteitsmars klopt extreemrechts titelde maandag De Gentenaar, de Gentse editie van Het Nieuwsblad die net als wij “bijna 1.000 deelnemers aan de solidariteitsmars van Gastvrij Gent, iets meer dan 300 voor de extreemrechtse betoging van Voorpost” telde. Ook de onderschriften bij de foto’s waren terecht: “Een agressief sfeertje bij de betogers van Voorpost…, een gemoedelijk en multicultureel feestje bij de tegenbetogers.” Maar het meest hilarisch verslag komt toch van TV Ekkergem (foto, video). Om je, bij wijze van spreken, een breuk te lachen.

“Mijn vader was heel jong toen hij tot het VVAV toetrad, maar zeker na de oorlog wist hij dat dat een foute keuze was. We mogen jonge mensen de lessen niet onthouden die ze daaruit kunnen trekken.” Ingrid Vander Veken haalt voor haar jongste boek Zwijgen de geschiedenis boven van haar vader die zich in 1940-1945 aansloot bij de Vrijwillige Arbeidsdienst voor Vlaanderen waarvan de eerste kampen namen droegen als de Ploegleidersschool 'Joris van Severen' en de Veldmeestersschool 'Cyriel Verschaeve'; moeder had op haar beurt dan weer een jonge minnaar waar ze niet over repte. (Gazet van Antwerpen, 19 februari 2016)

“Oproerkraaiers krijgen volgens hen onevenredig veel aandacht, terwijl 'saamhorigheid consequent wordt genegeerd'. Treffend was de reactie van een briefschrijver op een kaart met 'verzetshaarden' tegen azc's (asielzoekerscentra, nvdr.) in de krant van 25 januari. 'En dan graag morgen een kaart met 'vrijwilligershaarden' - de plekken waar duizenden Nederlanders zich inzetten voor de opvang van vluchtelingen.” De ombudsvrouw van De Volkskrant over de berichtgeving over protest tegen vluchtelingencentra, en of het bezorgde burgers dan wel extreemrechts is die op straat komt. (De Volkskrant, 20 februari 2016)

“Uiteindelijk denk ik wel dat het zal aflopen zoals met ETA en IRA indertijd. We zullen enkele jaren met de latente dreiging moeten leven. Maar de bladzijde is nu min of meer omgedraaid. En de terroristen hebben niet gewonnen.” Federaal procureur Frédéric Van Leeuw, de eerste in lijn in ons land om het terrorisme effectief aan te pakken, ziet het nog goed komen. (De Standaard, 20 februari 2016)

“De aanslag in de Bataclan (heeft) ervoor gezorgd dat progressieve rockfans een rechtse rakker in hun hart hebben gesloten.” Jesse Hughes, zanger van Eagles of Death Metal, is immers pro wapenbezit, pro Donald Trump, tegen abortus en tegen Obama. (De Standaard, 20 februari 2016)

“Op dit moment verzamelen aan het Gravensteen in Gent wel ZESTIG mensen die vragen meer vluchtelingen op te vangen. Stop de persen !!” De voorbije zondag jarige Siegfried Bracke (hij werd 63 jaar) heeft de persmicrobe weer te pakken, al laat hij de politiek nooit helemaal achter zich. (Facebook, 21 februari 2016)

“Wat mag er wettelijk? Iemand niét helpen is ook strafbaar, dan pleeg je schuldig verzuim. Ik help mensen die in nood zijn. Mijn hoofd, mijn hart en mijn geloof zeggen dat ik dat moet doen.” Pastoor Fernand Maréchal zorgt met zijn acties in Zeebrugge ook voor minder criminaliteit. “Vóór Kerstmis gaven we de vluchtelingen nog geen eten. Op een ochtend ontdekte ik dat er een kip uit mijn tuin verdwenen was. Bij de kinderboerderij waren er ook drie weg. Toen bleek dat een groep asielzoekers die aan het braden waren. Als ze bij mij hadden aangebeld om te zeggen dat ze honger hadden, dan hadden we dat anders opgelost. Ik dacht: we moeten hier iets op vinden, anders zullen er nog van die voorvallen zijn.” Burgemeester Renaat Landuyt (SP.A) zou niet mogen klagen over zijn pastoor in Zeebrugge, maar hem moeten bedanken. (Humo, 23 februari 2016)

“Vorige week kwam één van onze meest actieve vrijwilligers op het idee om een voetbalwedstrijd te organiseren. We huurden de sportzaal zodat iedereen zich kon douchen. Sommige vluchtelingen herkende je nadien niet meer (lacht). Deze week wilden we hen opnieuw laten voetballen, maar het mag niet meer.” Nog eens pastoor Fernand Maréchal over het leven zoals het is in Zeebrugge. (Humo, 23 februari 2016)

“Schitterend.” Viroloog Marc Van Ranst na het vernemen dat door actie de spreekbeurt van de Britse negationist David Irving in Antwerpen is afgelast. Ene Carlos Moreels denkt er naar aanleiding van hetzelfde anders over: “AFF = bende idioten die de waarheid niet aankunnen. Het zou mij totaal niet verbazen mocht de staf (sponsers) van (zio)joodse makelij zijn.” (Twitter, 24 februari 2016 / Facebook, 24 februari 2016)

10-11-15

DE OUDE EN DE NIEUWE LIEFDE VAN FRANK VANHECKE

In het pas verschenen boek De wissel van de macht blikt Wetstraatjournalist Marc Van de Looverbosch terug op de laatste vijftien jaar in de Belgische politiek. Van de dioxinecrisis in juni 1999 die de CVP uit de Wetstraat 16 bonjourde en Paars-Groen aan de macht bracht, tot oktober 2014 als Charles Michel premier wordt en de N-VA sleutelposten in de federale regering bezet. Marc Van de Looverbosch slaagt er goed in om de feiten zowel chronologisch als per thema te behandelen. Herhaaldelijk werd ons geheugen opgefrist door de minutieuze reconstructie van de gebeurtenissen. Hoofdrolspelers en belangrijke getuigen werden voor het boek nog eens apart geïnterviewd.

 

Voor het hoofdstuk Vlaams Blok/Vlaams Belang: Der Untergang is het Frank Vanhecke (foto 1) die daarvoor nog eens opgezocht werd, Vlaams Blok/Belang-voorzitter van 1996 tot 2008. Wat vertelt Frank Vanhecke over zijn oude liefde (op 11 juli 2011 stapte Frank Vanhecke op bij het Vlaams Belang, onder gejuich bij wie wel bij het Vlaams Belang bleef)? Over de veroordeling van het Vlaams Blok voor racisme in 2004: “We waren zeer ongerust en hoopten dat het (proces) niet zou doorgaan. Vanaf het moment dat we wisten dat het proces in beroep in Gent gevoerd zou worden, hielden wij heel ernstig rekening met een veroordeling. We hadden ook maatregelen genomen om vrijwel onmiddellijk met een nieuwe organisatie te kunnen beginnen. (…) Ik vind die veroordeling trouwens nog altijd onterecht.”

 

Over de overgang van Vlaams Blok naar Vlaams Belang: “Het jammere – achteraf gezien – is dat wij toen zo opgesloten zaten in ons eigen grote gelijk dat wij niet echt de kans gegrepen hebben om van Vlaams Blok Vlaams Belang te maken, om een soort vervelling, echte vernieuwing, te brengen. Integendeel.” Over de gemeenteraadsverkiezingen in Antwerpen in 2006: “Onze grote voorman Dewinter kreeg psychologisch een heel zware klap. Dat heeft hem iets gedaan. Het was ook het begin van het op de spits drijven van de interne spanning. Niemand bij ons had dat verwacht.” Over de komst naar het Vlaams Blok van Marie-Rose Morel: “Ik was een absolute vijand van de komst van Morel. Ik niet alleen. (…) We hadden Anke Van dermeersch al moeten slikken, we hadden Jurgen Verstrepen al achter de rug. We dachten nu komt er nog zo’n madammeke af, nous avons déjà donné.”

 

In het vooruitzicht van de federale verkiezingen van juni 2007 wilde men Jean-Marie Dedecker bij het Vlaams Belang binnenhalen, Marie-Rose Morel was daar tegen maar er waren nog meer meningsverschillen: “Over het campagnebeeld en de slogan hebben we geruzied als kinderen in de kleuterklas, met slaande deuren, met roepen, met tieren, met brullen. Het was du jamais vu. Dewinter wilde iets genre bokshandschoen, Marie-Rose wilde een leeuwin met welpjes.” En nog: “Marie-Rose kent iets van campagnes en zegt: ‘Wat, 2 frank per folder? Je bent niet goed, zeker, voor 1 frank zal het ook wel gaan.’ En ja, het ging ook voor 1 frank. Daar zijn grote problemen door ontstaan. Je beschuldigt Filip er niet zomaar van dat hij geld in zijn zakken steekt.”

 

En zo gaat dat nog even door in het boek van Marc Van de Looverbosch. Frank Vanhecke noemt “dé fout” van zijn politieke leven Bruno Valkeniers tot nieuwe partijvoorzitter te hebben gemaakt en niet te hebben doorgeduwd in het partijbureau waar “het kamp Marie-Rose” feitelijk over een meerderheid beschikte. Dat het Vlaams Belang kiezers verloor komt “omdat er niet alleen een cordon sanitaire werd opgelegd door extreemlinks, maar omdat we er ook zelf een beetje aanleiding toe gaven”. En over de toestand nu: “Ik heb het wel voor Tom (Van Grieken). Ik denk dat hij echt zijn best zal doen. Ik moet hem niets verwijten, ik heb Dewinter ook niet afgeslacht. Ik ben de strijd mee aangegaan en die hebben we verloren. Dus ja, het is hopeloos zolang Dewinter regelmatig zijn gezicht in de krant laat zien.”

 

Maar dat is dus de oude liefde. Intussen heeft Frank Vanhecke een nieuwe liefde gevonden. Story meldde vorige week dat Frank Vanhecke zich vier jaar na het overlijden van Marie-Rose Morel opnieuw verloofd heeft en binnenkort trouwt met Katrijn Van Tilborgh (foto 2). “Vanhecke leerde zijn nieuwe vriendin kennen aan het ziekbed van Marie-Rose. Katrijn is huisarts en verleende, als overbuurvrouw, palliatieve zorgen aan de zieke politica. Na de dood van Marie-Rose vond Frank troost bij Katrijn, en zo groeiden ze naar elkaar toe. ‘We kunnen het heel goed met elkaar vinden’, zei Katrijn toen hun romance een jaar na het overlijden van Marie-Rose uitlekte. Het koppel ontkrachtte meteen ook de hardnekkige roddels dat Frank de oorzaak was van de scheiding van Katrijn én dat ze al een koppel vormden toen Marie-Rose nog leefde. ‘Te gruwelijk voor woorden’, zei Katrijn hierover. Ondertussen woont het koppel, samen met de vier jonge kinderen van Katrijn, al een tijdje samen.”

 

Frank Vanhecke bevestigde aan Story het nieuws van zijn nakend huwelijk, maar wilde er verder niets over kwijt. Op Frank Vanheckes Facebookpagina werden de voorbije dagen door een tiental mensen felicitaties en gelukwensen gepost, waar de redactie van AFF/Verzet zich graag bij aansluit. Helaas is aan de schaarse post van Frank Vanhecke op Facebook te zien dat de vroegere Vlaams Blok/Belang-voorzitter nog niet gek veel veranderd is in zijn politieke opvattingen. Met bijvoorbeeld een sympathiebetuiging voor Pegida Vlaanderen, terwijl huidig Pegida Vlaanderen-woordvoerder Kristof De Smet ook een Facebookvriend is van Frank Vanheckes nieuwe vlam Katrijn Van Tilborgh.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, vanhecke, morel, dewinter, valkeniers, van grieken, pegida, de smet |  Facebook | | |  Print

09-11-15

'ELCKER-IK, 45 JAAR SOCIALE ACTIE', 45 JAAR BOEIENDE GESCHIEDENIS

Misschien gaf het interview met auteur Walter Lotens dat we hier vorige week publiceerden goesting om het boek Elcker-Ik, 45 jaar sociale actie te lezen. Het boek is alleszins een must-read om te begrijpen hoe Vlaanderen in de jaren zeventig “van een gezapig klerikaal nest veranderd (is) in een broeicultuur van nieuwe sociale bewegingen en basiscomités allerhande”, en te vernemen hoe initiatieven ontstaan bij Elcker-Ik verzelfstandigden en medewerkers hun weg vonden in de instellingen zonder een zekere rebelsheid te verliezen, maar ook de tijdsgeest nationaal en internationaal veranderde.

 

Het boek dat Walter Lotens schreef, samen met oud-medewerker van Elcker-Ik Stefaan Vermeulen, heeft meerdere rode draden. Vooreerst volgen we de weg die de auteur aflegt om, na het zien van een reportage over 40 jaar Elcker-Ik, een boek te maken over dit Antwerps vormings- en actiecentrum, dat broertjes en zusjes kreeg in Brugge, Leuven, Mechelen, Turnhout… Het begint met de bij Amsab bewaarde archieven en wordt aangevuld met gesprekken met een veertigtal oud-medewerkers van Elcker-Ik. Gesprekken die inkijk geven in nog meer archieven, maar ook nog meer vragen opleveren als waarmee de interviewer vertrokken is.

 

Tweede rode draad is de nationale en internationale context als achtergrond bij het denken en handelen van Elcker-Ik. Omstreeks 1970 zijn er niet alleen de priesters ‘met een hoek af’ Flor Fischer en Hugo Ongena die in de Consciencestraat in Antwerpen een huis huren waar beetje bij beetje een actie- en vormingscentrum uit zal groeien. Het eerste nummer van het progressieve weekblad Vrijdag – met redacteurs als Paul Goossens en Walter De Bock – rolt van de persen, de latere onderzoeksjournalist Hugo Gijsels opent als jonge gewetensbezwaarde de eerste Wereldwinkel in Antwerpen, het vormingstheater van Marianne Van Kerckhoven Het Trojaanse Paard wordt opgericht, de daaropvolgende jaren gevolgd door Vuile Mong (nadien: Vuile Mong en de Vieze Gasten) en de Internationale Nieuwe Scène die het legendarische Mistero Buffo op de planken brengt in VlaanderenWalter Lotens schetst zo achtereenvolgens de periodes 1968-1979, 1979-1989, 1989-2003 en 2004-2015.

 

Derde rode draad is natuurlijk de geschiedenis van Elcker-Ik in elk van die tijdsvakken, met de nadruk op de Antwerpse vestiging. Het moederhuis waaruit tal van initiatieven zijn ontstaan. Vaak weet men tegenwoordig niet eens dat ze ontstaan zijn vanuit Elcker-Ik. Zoals de Kringwinkels bijvoorbeeld, of Vitamine W dat in 2000 van naam veranderde in Levanto en nu 500 mensen tewerkstelt en jaarlijks bijna 2.000 langdurige werklozen begeleidt. Het startte allemaal met ‘politiserend vormingswerk’: via vorming inzicht verschaffen en daar sociale actie aan koppelen. In deze en in omgekeerde volgorde. En dat op zeer uiteenlopende terreinen: van gehandicapten en bijzondere jeugdzorg, over tweedekansonderwijs en de combinatie van arbeid met milieu, tot vrouwenemancipatie en internationale solidariteit.

 

Vanuit Elcker-Ik ontstond ook VAKA (Vlaams Aktiekomitee tegen Atoomwapens) dat bij een eerste betoging op 9 december 1979 (in een striemende regen, we herinneren het ons nog goed) 50.000 mensen bijeenbracht, om uiteindelijk op 23 oktober 1983 met 400.000 mensen in Brussel te protesteren tegen de komst van kernraketten. De VAKA-contacten waren handig om begin jaren negentig de omslag te maken naar de antiracistische beweging Hand in Hand waarmee begin dat nieuw decennium opnieuw honderdduizenden mensen in actie gingen. Maar voor het zover is, moet Elcker-Ik zich ontwikkelen als een lerende organisatie. Met het basissocialisme als doel houdt dat in dat iedereen in de organisatie (in theorie) evenveel zeggenschap heeft, dat iedereen (ongeacht diploma en taak) aan hetzelfde loon werkt, en dat dit spanningen oproept als Elcker-Ik zich stilaan conformeert naar de eisen van de subsidiërende overheid.

 

Na de zoveelste schaalvergroting opgelegd door de overheid, waarmee de laatste betaalde vormingsmedewerkers van Elcker-Ik naar VormingPlus vertrekken, draait Elcker-Ik in Antwerpen, nu in de Breughelstraat, quasi enkel nog op vrijwilligers. Enerzijds volgt een indrukwekkend aantal anderstalige nieuwkomers er lessen Nederlands bij gebrek aan plaats bij de door de Vlaamse en Antwerpse overheid gesubsidieerde cursussen Nederlands als tweede taal. Anderzijds zijn er infoavonden en cursussen met als lesgevers onder andere (we bladeren even door de herfstbrochure 2015) uitgever Harold Polis, onderzoeksjournalist Lars Bové, antropoloog Johan Leman, professor emeritus Rik Pinxten…

 

Het is nu wel vooral een publiek "met een zekere leeftijd" dat de lezingen volgt, niet meer het 'jonge geweld' zoals in de voorgaande jaren. Maar Elcker-Ik blijft ook kantoor- en vergaderruimte ter beschikking stellen van actiegroepen en verenigingen, en de combinatie actie en vorming heeft school gemaakt. stRaten-generaal kon het draagvlak voor haar ideeën over de mobiliteit in en om Antwerpen vergroten door in de meest diverse kringen infoavonden te verzorgen. Ringland heeft dit jaar tientallen vrijwilligers gerekruteerd om met infomomenten in de regio's rond Antwerpen steun te verwerven voor het idee van de overkapping van de ring en de gescheiden verkeersstromen rond Antwerpen. En bij Hart boven Hart heeft men van 'kennis delen' een werkpunt gemaakt.

 

Na 240 bladzijden broodnodige lectuur krijgen we in Elcker-Ik, 45 jaar sociale actie bijna vijftig bladzijden foto’s van medewerkers en memorabele momenten in de loop der jaren, en vooral affiches om de activiteiten aan te kondigen. Waarna nog eens twaalf mensen hun reflecties over verleden en toekomst geven: van Agalev/Groen-coryfeeën Mieke Vogels en Jos Geysels, over vakbondsman Ferre Wyckmans en minister van staat/hoogleraar Frank Vandenbroucke (een bijdrage heel to the point), tot de huidige actievoerders Manu Claeys (stRaten-generaal) en Wouter Hillaert (Hart boven Hart).

 

Terwijl uw recensent de huidige sociale en politieke actualiteit toch al ettelijke jaren volgt, en enigszins vertrouwd is met overheidsadministratie en sociale organisaties, was het voor hem verrassend te zien hoeveel ‘bekende’ personen hun engagement eerst getoond hebben bij Elcker-Ik. Als vrijwilliger, gewetensbezwaarde of in een ander statuut. De kiem van hun engagement lag blijkbaar daar. Met Walter Lotens en Stefaan Vermeulen werden de juiste auteurs aangetrokken om deze boeiende maar ook complexe geschiedenis, tegen de achtergrond van een wisselende tijdsgeest, in beeld te brengen.

 

 

Walter Lotens, met medewerking van Stefaan Vermeulen, Elcker-Ik, 45 jaar sociale actie, Uitgeverij Pelckmans, 316 blzn., 24,95 euro.

00:10 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, sociaal, antwerpen |  Facebook | | |  Print

VRIEND EN TEGENSTANDER EENS OVER ‘AFF/VERZET’-RECENSIE

Vorige zaterdag publiceerden wij onze recensie van Wim Van Rooys cultboek Waarover men niet spreekt. Vriend en tegenstander lijkt het eens te zijn over de recensie: “mooie samenvatting” en “puike bloemlezing” luidde het op Twitter.

 

“Mooie samenvatting van het boek van de zelfverklaarde 'islamexpert' Wim Van Rooy”, schreef Otman Boukhzar. We kennen de man niet persoonlijk, maar hij lijkt het wel eens te zijn met de strekking van onze recensie.

 

“Puike bloemlezing door @AFF_Verzet, dat wel vergeet dat 'kamergeleerde’ Van Rooy vele jaren in het onderwijs stond”, luidde het bij Sam Van Rooy (foto: op de Boekenbeurs zittend naast zijn vader), allerminst een vriend van het Anti-Fascistisch Front (AFF).

 

Dat Wim Van Rooy in het onderwijs stond, wisten wij natuurlijk wel en hebben wij hier al eens vermeld. Maar in de context van deze recensie, en gezien de wenselijke maximumlengte van artikels op deze blog, leek het ons niet relevant dit hier nog eens te vermelden.

 

Maar we begrijpen het wel: 'Meneer Van Rooy' wil net als zijn vader altijd wel tonen het beter te weten dan een ander. Om het met Marc Reynebeau in zijn bespreking van Wim Van Rooy te zeggen: hij heeft last van "superioriteitsaanspraak".

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, van rooy |  Facebook | | |  Print

07-11-15

WAAROVER WIM VAN ROOY SPREEKT

Zoals al gezegd was er veel volk bij de officiële boekvoorstelling van Waarover men niet spreekt van Wim Van Rooy (foto 1), voorbije dinsdag 3 november in de zalen van het OCMW-centrum Elzenveld in Antwerpen. En op de receptie achteraf ging het blijkbaar plezant aan toe, getuige de foto van Filip Dewinter in gesprek met Etienne Vermeersch (foto 2). Maar wat te denken over Van Rooys boek zelf?

 

Wie de inhoudsopgave bekijkt van het 1,2 kilogram wegend boek ziet dat er 84 hoofdstukken in staan. In de praktijk is het echter een meer dan zeshonderd bladzijden lange woordenbrij rond een viertal thema’s: het Israëlisch-Palestijns conflict, de islam als het nieuwe fascisme, de domheid tot kwaadaardigheid van al wie niet zoals Wim Van Rooy over de islam denkt, en jeugdherinneringen van de auteur. Denk niet dat als je hoofdstukken achter de kiezen hebt als ‘De intellectueel en islamofobie’, ‘Fascisme en antifascisme’ of ‘Wanneer is iets een hoop zand?’, je het dan gehad hebt. Neen, hetzelfde onderwerp wordt nog eindeloos herhaald.

 

Om de kwaliteit van het boek af te meten willen we niet de discussie aangaan over de islam. Niet uit dhimmitude, maar omdat we meer vertrouwen op wat onze islamitische vrienden en vriendinnen vertellen dan op een kamergeleerde als Wim Van Rooy. Kamergeleerde zoals blijkt uit de vele namen die hij in zijn boek dropt, maar ook uit de foto’s die Wim Van Rooy bij interviews van zichzelf laat maken: negen keer op tien is dat met zijn boekenkasten op de achtergrond. Overigens valt Waarover men niet spreekt als handboek ook tegen omdat een namen- en zakenregister ontbreekt, zoals je dat in de boeken van Marc Spruyt bijvoorbeeld wél hebt.

 

Het best lijkt ons nog de kwaliteit van het boek af te meten aan mensen die we kennen, ‘eigen volk’ om het in de termen van het Vlaams Blok/Belang te zeggen. Al heeft die partij een engere definitie van ‘eigen volk’ als wij. Zijn de vrouwen van BOEH (Baas Over Eigen Hoofd) ‘eigen volk’ of niet? Er rekening mee houdend dat ze hier allen geboren, minstens opgegroeid zijn – de meesten, maar niet allen, wel met een andere huidskleur. In ieder geval Wim Van Rooy moet ze niet: “aandachtsjunkies als BOEH” (blz. 39), “BOEH, een stelletje overjaarse tuinkabouterinnen” (blz. 116), “de maffe progressieven van BOEH” (blz. 204), “de tuinbroeken van het zogenaamd feministische BOEH” (blz. 265), “de dwaze maagden van BOEH” (blz. 431) of nog “de dwaze wichten van BOEH” (blz. 545). Geen enkele keer wordt uitgelegd waar BOEH voor staat, wat voor hen en wat tegen hen pleit.

 

En zo passeren nogal wat mensen de revue. Van hoogleraar mensenrechten en voormalig Groen-parlementslid Eva Brems (“een boosaardig en onwetend kruidenvrouwtje in plaats van historica”, “pathologisch bezig met Iraël, een landje zo groot als El Salvador of de VS-staat New Jersey (terwijl Wim Van Rooy zelf heel het boek door en elders alsmaar emmert over het onrecht dat Israël wordt aangedaan, nvdr.), blz. 158 en andere), over “eendimensionaal en kakkineus journalist Joël De Ceulaer” (blz. 116 en andere), tot “de Berchemse Siamese tweeling Tom Naegels en Jan Blommaert, (…) deze cryptomarxistische Kwik en Flupkes” (blz. 184 en andere), “de gearafatiseerde Rudi Vranckx” (blz. 190 en andere), “de excuus-Jood Michael Freilich” (blz. 564), enzovoort.

 

Nemen we nu vier mensen die uw recensent beter kent dan enkel via de boekskes en bladen. Advocaat en voorzitter van de Liga voor Mensenrechten Jos Vander Velpen: “De vroegere maoïst Jos Vander Velpen (…), de Savonarola van de mensenrechten. Zijn profiel is scherp als een slagersmes, zijn akelige blikken stemgeluid lijkt ontlokt aan het strottenhoofd van een kwelgeest uit een griezelfilm. Zijn verbetenheid is totaal, zijn aanklacht onverbiddelijk. Hij is te allen tijde bereid ten gerieve van het wereldproletariaat zon- én maanlicht te loochenen. Onweerstaanbaar roept hij herinneringen op aan de satanische procureur Visjinski. De stralende bakens van zijn wijsheid zijn Lenin, Stalin en Mao. Zijn visie op de mens komt erop neer dat als het kwaad zich ergens voordoet, dit te wijten is aan de gebrekkige inrichting van de samenleving.” (blz. 630).

 

De Borgerhoutse districtsschepen Zohra Othman (PVDA): “Terroristenvriendin in het algemeen en van Saddam Hoessein in het bijzonder, de Marokkaanse Jodenhaatster Zohra Othman (…)” (blz. 282). Oprichter van Geneeskunde voor het Volk en PVDA-provincieraadslid Kris Merckx: “Dit stalinistisch dwaallicht ging scheep met Abou Jahjah, een onruststoker met licht intellectuele pretenties die de islam nog steeds innig omhelst en die erop uit is onze samenleving te ontwrichten middels onheilsberichten over racisme en discriminatie.” (blz. 604).

 

En Tom Lanoye. De keuze is groot, maar laten we het houden bij de eerste bladzijden waarin hij uitvoeriger geportretteerd wordt: “Tom Lanoye die als een postmoderne pavlovhond, in zijn geval een chihuahua, het altijd kwijlend, zeurend en neurotisch heeft over de verzuring, is er zelf het embleem van, want wat hij ook zegt met de verbitterde lijzigheid die zijn handelsmerk is: het is altijd larmoyant gezeur en kritiek op de eigen samenleving, waarin hij als opperkliemer en Cerberus van het politiek correcte denken overal racisme en fascisme ontwaart. Als het echter pecunia opbrengt, is er voor de burgerprovinciaal Lanoye natuurlijk geen sprake van het domme cliché van oude witte mannen.” (blz. 334-335).

 

Iedereen heeft het recht om te schelden. Ook Wim Van Rooy. Tom Lanoye doet dat trouwens beter dan Wim Van Rooy. Maar als Wim Van Rooy zo’n karikaturen neerzet over Vlamingen die we toevallig beter kennen, en waarover we kunnen getuigen dat het bij de haren getrokken is en hen onrecht aandoet, hoe waarheidsgetrouw is dan de interpretatie van de islam die Wim Van Rooy ons wil verkopen? Wij beschikken niet over de kamergeleerdheid van Wim Van Rooy, maar uit zijn beschrijving van andere Vlamingen put Van Rooy alleszins geen geloofwaardigheid. Een ander voorbeeld: Wim Van Rooy vermeldt Knack-hoofdredacteur Jörgen Oosterwaal als "van de dieprode Knack" (blz. 471). Vraag 100 Vlamingen naar een omschrijving van Knack, er zullen maar weinigen zijn die het Roularta-weekblad als "dieprood" ervaren. Wim Van Rooy daarentegen...

 

Volgens de in Van Rooys boek geciteerde Nederlandse auteur en Arabist Arthur Van Amerongen is Wim Van Rooy “de aardigste man van België” (blz. 9). Ofwel heeft Van Amerongen een heel beperkte kennissenkring in België, ofwel hebben de Belgen een imagoprobleem in Nederland.

 

 

Wim Van Rooy, Waarover men niet spreekt, Uitgeverij De Blauwe Tijger, 645 blzn., 27,50 euro.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, van rooy |  Facebook | | |  Print

05-11-15

VRIJE MENINGSUITING. BOEKVOORSTELLING WIM VAN ROOY

Het leek er op dat de artikelenreeks van Joël De Ceulaer in Knack over hoe we ons meningen vormen na drie afleveringen gestopt was, maar deze week gaat de auteur van Last Post ermee verder met de vraag of er grenzen zijn aan de vrijheid van meningsuiting (foto 1).

 

Joël De Ceulaer ging daarvoor onder andere in Londen op bezoek bij de Britse opiniemaker Brendan O’Neill. “Ik verdedig dat recht (op vrije meningsuiting, nvdr.) voor iedereen”, zegt O'Neill. “Ook voor neonazi’s en islamisten, ook voor pedofielen en seksisten.” Met een voorbeeld verduidelijkt hij wat volgens hem niet kan, en wat wel. “Elke mening moet geuit kunnen worden, behalve als er een onmiddellijke dreiging van gevaar is – als wij straks op straat een dronkaard tegenkomen en ik spoor u aan om hem in elkaar te slaan, dan is dat geen free speech maar een misdrijf. Als u morgen een geweer koopt en mensen gaat neerschieten, dan moeten ze u uiteraard oppakken. Maar als u morgen een betoging wilt organiseren met als slogan ‘Dood aan alle moslims’ of ‘Dood aan alle blanke mannen’, dan moet dat kunnen, vind ik.” Nou moe, dat is toch wel een héél slappe koord waarop O’Neill stapt.

 

Joël De Ceulaer bekent dat hij als Knack-redacteur “tot een paar jaar geleden” mee het zogenaamd cordon médiatique rond het Vlaams Blok/Belang volgde. “Vandaag vraag ik mij af of die houding niet verkeerd was, of we niet veel sneller en veel vaker VB-mandatarissen hadden moeten interviewen – genadeloos kritisch, maar toch: interviewen.” “Ik zou uw jongere versie verdedigen”, zegt Koen Lemmens, hoofddocent verbonden aan het Instituut voor de Rechten van de Mens aan de KU Leuven. “Vandaag vormt die partij geen bedreiging meer. Toen wel. In Antwerpen haalde ze ooit meer dan dertig procent van de stemmen. Europa is in de jaren dertig te gul geweest met vrijheden voor de vijanden van de vrijheid. Vandaar het idee van de strijdbare democratie: je mag je wapenen tegen zulke vijanden.”

 

Interviews met Vlaams Belang-kopstukken vind je intussen in alle media. Opiniestukken is nog wat anders. “Een moeilijke kwestie”, zegt Knack.be-hoofdredacteur Simon Demeulemeester. “Ofwel publiceren we alle opiniestukken van die partij, maar dat betekent ook dat Filip Dewinter zijn spelletje waarin moslims moeten worden doodgemept, mag lanceren met een opiniestuk, wat ik verwerpelijk zou vinden. Ofwel publiceren we alleen de aanvaardbare stukken, maar dan lopen we het risico een onvolledig beeld van die partij te presenteren. Maar ik geef toe dat het soms wringt.” “Ik heb weinig redenen om het te voelen wringen”, zegt Karel Verhoeven, hoofdredacteur van De Standaard. “Een krant kiest altijd wie ze aan het woord laat op de opiniepagina’s. (…) Ik vind de vraag trouwens nogal theoretisch: het Vlaams Belang is momenteel niet echt een broeinest van gespierd intellectueel denkwerk.”

 

Bij De Morgen ziet hoofdredacteur Lisbeth Imbo de geesten langzaam rijpen. “Op onze opiniepagina’s zal je geen Vlaams Belangers lezen, omdat je daar geen context en tegenspraak hebt, maar we zijn het er wel over eens dat we niet langer alleen over die partij kunnen schrijven, maar ook met de mandatarissen moet praten, als daar een goede aanleiding voor is.” Ook de veroordeling van het Vlaams Blok wegens racisme komt in het Knack-artikel aan bod met enerzijds Matthias Storme (hoogleraar rechten aan de KU Leuven en N-VA’er) die na de veroordeling  van het Vlaams Blok zei: “Ik vind het nu bijna een morele plicht om op het Vlaams Blok te stemmen.” En anderzijds Koen Lemmens: “Europese landen hebben nu eenmaal verdragen getekend waarin ze beloven om alles te doen om racisme uit te bannen. (…) Vandaar de wetgeving tegen racisme en discriminatie. In de Europese context, met die ontsporingen in de twintigste eeuw, is dat begrijpelijk.”

 

Enkele conclusies, niet noodzakelijk die van Joël De Ceulaer. 1. Vrije meningsuiting is een kwestie die niet alleen gaat over het Vlaams Belang. Het gaat dan evengoed over pedofielen, IS-sympathisanten en andere medeburgers die opinies vertolken die de meesten onder ons niet-wenselijk en verwerpelijk vinden. Het Vlaams Belang dat alsmaar roept dat haar vrijheid van meningsuiting beknot wordt, was de eerste om schande te roepen over het Younes Deleforterie-interview in De Afspraak. Vrijheid van meningsuiting geldt toch niet voor de ene wel en voor de andere niet? 2. Wij lezen graag (nouja) interviews met Vlaams Belang’ers. Niet het voorspelbare interview met Tom Van Grieken in het jongste Vlaams Belang Magazine, maar kritische interviews. Alleen: moet alleen het Vlaams Belang kritisch aangepakt worden? Neen. Bart De Wever en anderen verdienen óók kritische interviews.

 

3. We begrijpen de terughoudendheid om opiniestukken van het Vlaams Belang te publiceren. Maar de grens met interviews en andere stukken is soms dun. Wim Van Rooy kreeg in Knack zes bladzijden – weliswaar kritisch – interview; in de Zeno-bijlage van De Morgen volgde vorig weekend nog eens een artikel van vier bladzijden. Menig auteur is jaloers bij zoveel promotie voor een nieuw boek. De officiële boekvoorstelling van Waarover men niet spreekt dinsdagavond in de zalen van het OCMW-centrum Elzenveld in Antwerpen lokte dan ook véél volk. Om echter ook nog eens op de eerste rij te gaan zitten, zoals Etienne Vermeersch (foto 2), is ons toch wel een brug te ver.

 

En ja, 4. Als een gewone burger kan veroordeeld worden voor racisme en discriminatie, moet dit ook kunnen voor een politieke partij als die zich daaraan schuldig maakt. Het is toch niet onder het mom van politiek of godsdienst dat sommigen zich mogen veroorloven wat niet voor een ander geldt.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: media, racisme, van rooy, boeken |  Facebook | | |  Print

02-11-15

WALTER LOTENS: “OUD EN NIEUW ACTIVISME MET ELKAAR VERBINDEN”

Bovenaan ons lijstje de eerstvolgende weken te lezen boeken staat Elcker-Ik, 45 jaar sociale actie, geschreven door Walter Lotens (foto) in samenwerking met Stefaan Vermeulen. Het verhaal over Volkshogeschool Elcker-Ik, de bakermat van actiegroepen als de antirakettenbeweging VAKA en het antiracistische Hand in Hand, maar evengoed van de kringwinkels en het mindervalidenvervoer De Rolkar, en van politici als Jos Geysels en Mieke Vogels. In afwachting van onze recensie, hieronder een interview van Gazet van Antwerpen met de auteur.

 

Walter Lotens: “Als moraalfilosoof ben ik al heel lang gefascineerd door initiatieven die van onderuit dynamiek proberen te brengen, en die ingaan tegen bepaalde stromingen die in de maatschappij leven. Dat ligt in mijn genen. Zelf was ik in 1970 als leraar betrokken bij de Aktiegroep Krities Onderwijs. 1970 was een scharnierjaar in Vlaanderen. De mei ’68-beweging begon door te dringen en in 1970 ontstonden er heel wat organisaties, waaronder Elcker-Ik. Toen ik vorig jaar op een bijeenkomst in Elcker-Ik een filmpje zag van jonge studenten, werd gevraagd welke jong gepensioneerde dat verhaal eens wilde optekenen. Ik had meteen het gevoel: dit is echt mijn onderwerp.”

 

Om vervolgens de archieven in te duiken. “Ja. Alleen al van Elcker-Ik Antwerpen zijn er 24 archiefdozen met 124 mappen of omslagen met verslagen, dossiers, nieuwsbrieven, activiteitenkalenders, facturen, nieuwsbrieven, studiereizen en ga zo maar door. En toch vond ik heel veel niet. Ik heb een soort ronde van Antwerpen gedaan om belangrijke mensen uit die periode te interviewen. Het is een heel Antwerps verhaal. Rond 1975 waren er ook Elcker-Iks in Turnhout, Mechelen, Leuven, Brugge en in Brussel, maar Antwerpen was het moederhuis.”

 

Eigenlijk was Elcker-Ik een bende linkse activisten, of niet?  “Zo zou je het kunnen noemen. De oprichters streefden naar een basissocialisme. Ze waren heel erg op hun hoede voor alles wat met partijpolitiek te maken had, en voor de verzuilde vakbonden. Het was wel een broeinest voor politici. Zowel Jos Geysels als Mieke Vogels komen eruit voort. In het commentaarstuk dat Mieke Vogels schreef, maak ik op dat ze teleurgesteld is over het feit dat de voorstanders van de ontzuiling, bijna een nieuwe zuil geworden zijn. Sommige mensen kozen ervoor zich partijpolitiek te engageren, en werden vervolgens uitgespuwd door de meer radicalen binnen Elcker-Ik. Dat heeft tot spanningen geleid.”

 

Behalve Mieke Vogels, zijn er nog tien andere mensen die een nabeschouwing schrijven over Elcker-Ik en de betekenis die het vormingscentrum heeft. Waarom vond u dat belangrijk? “Ik wilde geen puur geschiedenisverhaal schrijven over de ‘oudstrijders’ en met melancholie terugkijken op de oude tijd. Ik beschouw dit boek als een poging om oud en nieuw activisme met elkaar te verbinden. Of zoals auteur en journalist Dirk Barrez het verwoordt: van vlag naar hashtag. Groepen als Hart boven Hard en Ringland hebben de fakkel overgenomen.”

 

Welke betekenis heeft Elcker-Ik nu nog? Ondertussen is de doelgroep al behoorlijk op leeftijd, die gaan niet meer op tafel staan springen. “De hoogdagen van Elcker-Ik lagen in de jaren tachtig, toen er spectaculaire acties waren. Op de betoging van VAKA tegen kruisraketten in 1985 kwamen 400.000 mensen opdagen, dat is spectaculair. Heel intellectueel Vlaanderen kwam vorming geven in Elcker-Ik in die periode. Dat laatste gebeurt nu nog, de lezingen die er worden gegeven zijn heel interessant. Daarnaast zijn er heel veel nieuwkomers die taalcursussen volgen in Elcker-Ik. En verder trekken ze progressieve organisaties aan om daar ruimtes te huren of persconferenties te geven. Er bestaan overigens nog heel wat organisaties die destijds in Elcker- Ik zijn bedacht en opgestart. De Kringwinkel is daar één van, net zoals het tweedekansonderwijs, of vzw De Rolkar, die mindervaliden vervoert.”

 

In 1973 werd er ook een voedselcollectief opgericht, de Brandnetel, dat ijverde voor gezonde en duurzame voeding. Een thema dat opnieuw heel actueel is. “Dat soort ideeën uit de jaren zeventig, die toen embryonaal aan bod kwamen, zijn nu inderdaad opnieuw springlevend en krijgen een veel breder draagvlak. Kijk maar naar de boerderijen met verdeelpunten in de stad, de ecologische markt Marta, het initiatief om samen de Oudaan te kopen, en zo kan ik nog wel even doorgaan. Het is blijkbaar een goede tijd voor dat soort initiatieven. Je ziet ook dat de activisten van vroeger, zich nu als gepensioneerden inzetten voor die nieuwe bewegingen. De generaties staan op elkaars schouders.”

 

 

Bij de boekvoorstelling  zondag 25 oktober werd bij Elcker-Ik in Antwerpen meer dan drie uren gedebatteerd tussen oude activisten als Hugo Ongenae (Elcker-Ik, Hand-in-Hand…) en nieuwe activisten als Wouter Hillaert (Hart boven Hard) en Sven Augusteyns (Ringland). Op de Boekenbeurs wordt zaterdag 7 november om 16 uur een klein uurtje uitgetrokken voor een gesprek met Jos Geysels, Manu Claeys en Walter Lotens over de bewogen geschiedenis van het vormingswerk, de sociale acties en de toekomst van drukkingsgroepen. “Allen daarheen”, werd dan in de vorige eeuw geroepen. Elcker-Ik, 45 jaar sociale actie is verschenen bij uitgeverij Pelckmans.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, actie, antwerpen |  Facebook | | |  Print

28-10-15

LUK LEMMENS (N-VA): WIE NEEMT DE DEBUUTPRIJS OVER ?

Zaterdag opent de Boekenbeurs haar deuren voor het grote publiek. Vrijdagavond is er een preopening voor een select publiek, waar de Debuutprijs 2015 zal toegekend worden aan Lara Taveirne voor haar roman De kinderen van Calais. De Debuutprijs is een initiatief van de provincie Antwerpen, en Luk Lemmens, eerste gedeputeerde van de provincie Antwerpen, zal die prijs uitreiken.

 

Luk Lemmens (foto) is een aimabel man, al heeft hij wel teveel in de kringen van de IJzerwake vertoeft en was hij onder andere regisseur van de IJzerwake editie 2004 waar een bloemenhulde gebracht werd aan VNV-leider Staf De Clercq. Als N-VA’er zit hij tegenwoordig tussen hamer en aambeeld. Nu hij eerste gedeputeerde van de provincie Antwerpen is ontdekt hij pas echt hoeveel goed werk verricht wordt door de provincie en haar personeelsleden. Maar zijn partij wil de provincies afschaffen. Omdat de CD&V dat niet wil is er een compromis gesloten bij het opmaken van het bestuursakkoord voor de Vlaamse regering: de provincies verliezen hun persoonsgebonden bevoegdheden, en blijven enkel nog actief voor grondgebonden bevoegdheden.

 

Eén van die persoonsgebonden bevoegdheden, die uit de handen van de provincies glippen, is cultuur. De provincies mogen zich er niet meer om bekommeren vanaf 2017, maar wie gaat het dan nog wel doen? Neem nu het uitmuntend cultureel centrum De Warande in Turnhout. De stad Turnhout kan de werking niet op haar eentje financieren, en het zou trouwens onfair zijn want nogal wat bezoekers en gebruikers van De Warande komen uit de wijde regio rond Turnhout. Voorheen steunde de provincie deels De Warande, laatst nam ze de hele financiering over… maar voortaan moet de provincie er haar handen vanaf houden. De Warande terug naar de stad Turnhout? Maar die kan die lasten niet dragen. Wat dan wel?

 

Zelfs voor een N-VA-publiek wilde bevoegd Vlaams minister Liesbeth Homans twee weken geleden niet zeggen hoe het dan wel zal gaan. En het beheren van De Warande vanuit de cenakels aan het Martelarenplein in Brussel lijkt ons toch ook niet ‘dicht bij de mensen’ of ‘met de vinger op de pols’. Er is dus reden tot ongerustheid. Zelfs Luk Lemmens, de laatste Volksunie-man in de Antwerpse gemeenteraad, N-VA’er vanaf de eerste uren van de partij, eerste gedeputeerde van de provincie Antwerpen én als gedeputeerde bevoegd voor cultuur, weet niet hoe het verder zal gaan met een aantal cultuurdossiers. Vandaar dat hij op de persconferentie waar het programma van de 79ste Boekenbeurs bekendgemaakt werd alvast een noodkreet uitbracht over de Debuutprijs.

 

Luk Lemmens: “De Debuutprijs is één van de vele, relatief kleine, culturele initiatieven van de provincie Antwerpen. Ook in de andere Vlaamse provincies zijn er heel wat gelijkaardige initiatieven. Het zijn zaken die de provincies niet langer zullen kunnen doen vanaf 2017, omdat we niet langer bevoegd zullen zijn voor persoonsgebonden bevoegdheden. Ik wil hier niet het pleidooi voor de provincies doen, maar wel het belang benadrukken van deze en gelijkaardige initiatieven. Het zijn projecten die historisch of toevallig vanuit de provinciale besturen zijn gegroeid, die nu dreigen verloren te gaan. Ik ben er mij goed bewust van dat de Debuutprijs ook zonder de provincies kan blijven bestaan, maar dan dienen andere instanties wel hun verantwoordelijkheid te nemen.”

 

Luk Lemmens vervolgde: “Daarom wil ik hier de gelegenheid aangrijpen om te benadrukken dat de provinciale hervormingen niet ten koste mogen gaan van goede culturele initiatieven zoals deze Debuutprijs. Voor mij doet het er weinig toe of hier een gedeputeerde of een minister deze prijs uitreikt, maar ik geef wel om het voortbestaan van deze prijs. Daarom willen wij er bij de provincie Antwerpen op toezien dat de provinciale hervormingen in de eerste plaats een bestuurlijke hervorming wordt, en geen inhoudelijke.”

 

Eén jaar voor de provincie niet langer een Debuutprijs voor literatuur mag uitreiken, weet men nog altijd niet hoe het ermee verder moet. Gaat de stad Antwerpen dit overnemen? Zorgt Vlaams minister voor cultuur Sven Gatz – die ook moet besparen – voortaan voor de Debuutprijs? Rekent men op het bedrijfsleven om de Debuutprijs uit te reiken? Of wordt de Debuutprijs gedumpt alhoewel de prijs een aanmoediging is voor beginnende auteurs én de boekenverkoop van nieuwe auteurs?

 

Men zegt wel eens ‘regeren is vooruitzien’. Bij de N-VA is regeren vooral afbreken. Wat er in de plaats komt, zelfs Luk Lemmens weet het nog niet.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: cultuur, boeken, lemmens |  Facebook | | |  Print

26-10-15

LASTPOST JOËL DE CEULAER

Lastpost - cover boek.jpgNa Tom Lanoye met Doèn! (1992), Tom Naegels met Spijkerschrift (2009) en Koen Dille met Sprook (2015) zijn nu ook de columns van Joël De Ceulaer gebundeld. Onder de titel Lastpost, titel van zijn jongste reeks columns in Knack, in de vorm van brieven aan…

 

De laatste reeks brieven werd van 5 februari 2014 tot 24 juni 2015 gepubliceerd, maar eerder gebruikte Joël De Ceulaer dat procedé ook al om zijn mening te ventileren. In de eerste reeks die op 20 juni 2007 begon met een brief aan Patrick Janssens, was er op 13 februari 2008 ook een brief aan Bart Debie. Voormalig politiecommissaris in Antwerpen, veroordeeld voor onder meer slagen en verwondingen, het verduisteren van een laptop, racistische uitlatingen… en desondanks het uithangbord van een Vlaams Belang-website om de criminaliteit aan te klagen. Bart Debie schrikt er immers niet voor terug om een beschuldigende vinger uit te steken.

 

Joël De Ceulaer: “Nu heb ik zelf ooit het genoegen gehad door u te worden beschuldigd op uw weblog. U verdacht mij ervan bij te klussen voor het Anti-Fascistisch Front, en dat, schreef u, ‘is in strijd met een van de basisregels van de journalistieke deontologie, die zegt dat journalisten hun beroep niet met dat van een politieke activist mogen verwarren’. Die verdenking leidde u af uit 1) het feit dat de AFF-site op dinsdag al informatie uit Knack op woensdag publiceerde, en 2) mijn van oudsher ietwat gespannen verhouding met uw partij. Helaas deugde uw speurwerk voor geen meter. Ten eerste verspreidt Knack op dinsdag al een nieuwsbrief, waarop iedereen zich kan abonneren. En ten tweede neem ik in mijn hoedanigheid van salonsocialist alleen schnabbels aan waar ik dik voor betaald wordt.”

 

Joël De Ceulaer omschrijft zichzelf dus als een “salonsocialist”, maar zelfs dat is hij volgens ons niet. Daarvoor heeft hij teveel kritiek op de SP.A in het algemeen en John Crombez in het bijzonder. Hij is wel iemand die anderen hun inconsequentie verwijt. Gwendolyn Rutten bijvoorbeeld bekritiseerd omdat ze niet in al haar standpunten liberaal is; Bart De Wever er op wijst dat de Bart De Wever van een paar jaren geleden de Bart De Wever van nu zwaar zou bekritiseren. Joël De Ceulaer deelt ook andere sneren uit en doet een aantal oproepen, als zweepslagen die een tijdsgewricht nodig heeft. Joël De Ceulaer neemt iedereen in de tang, van Stijn Meuris over Annick De Ridder tot – in zijn laatste brief – Joël De Ceulaer zelf. De auteur is allergisch voor discriminatie van allochtonen, en aan het Vlaams Blok/Belang heeft hij een bloedhekel. Daarnaast is Joël De Ceulaer een taalvirtuoos. Het is heerlijk de formulering van zijn meningen en observaties te lezen. Maar soms vergist hij zich wel eens volkomen.

 

In Lastpost zijn gebundeld: de brieven in Knack in 2007-2008 en 2014-2015, de opiniestukken die Joël De Ceulaer in 2009-2011 voor De Standaard schreef en zijn televisiecolumns in dezelfde krant in 2012. De brieven lezen het prettigst. In boekvorm zijn ze telkens tweeënhalve bladzijden lang, wat vlot leest. De langere opiniestukken (over televisieformats geïntroduceerd door Siegfried Bracke, de hoofddoekenkwestie, de gespletenheid van Bart De Wever…) zijn op zich wel interessant, maar verstoren het leesritme na de eerste reeks brieven. De televisiecolumns zijn wat gedateerd. Wie kan zich nu nog opwinden over een programma als bijvoorbeeld De kruitfabriek? En we vinden er ook iets teveel meningen terug die we elders bij De Ceulaer al gelezen hebben. Maar alleen al omwille van de brieven – die niet gedateerd lezen, mensen veranderen niet zo snel – is Lastpost een boek dat we graag gelezen hebben.

 

Helaas heeft men in de betrachting om tot “100 messcherpe meningen” te komen minstens één Lastpost-brief weggelaten uit het boek, en dan nog wat wij nog altijd één van de beste brieven vinden. Een brief van 11 maart 2015, over de vraag of over de N-VA niet teveel gezwegen wordt. Naar een bekend gedicht van Martin Niemöller. Gelukkig kan je die brief hier nog eens lezen.

 

Laatst liep in Knack een reportagereeks van Joël De Ceulaer over hoe meningen gevormd worden. Joël De Ceulaer kreeg er een criticaster van doorbraak.be voor op zijn dak die De Ceulaer verwijt dat hij via hersenscans “de evolutionaire superioriteit van linkse mensen” wil aantonen, terwijl iedereen toch kan zien dat er van een morele superioriteit van links geen sprake is. In een ruk door wordt Joël De Ceulaer weggezet bij het wetenschappelijk racisme dat zijn politieke vertaling kreeg in nazi-Duitsland. Join the club, Joël. Als alle argumenten op zijn, krijgen wij wel eens de uitspraak voor de voeten geworpen “Als het fascisme ooit terugkeert, zal het dat doen onder de naam antifascisme”.

 

Woensdag 6 januari keert Joël De Ceulaer in Knack terug met zijn brievenrubriek. Je hoeft het niet altijd met hem eens te zijn, maar zijn spitse opmerkingen zijn net zo nodig als dat een mens na lang onder water zwemmen naar lucht moet happen.

 

 

Joël De Ceulaer, Lastpost. 100 messcherpe meningen, Uitgeverij Polis, 317 blzn., 19,95 euro.

Joël De Ceulaer wordt op de Boekenbeurs geïnterviewd door Annelies Beck, donderdag 5 november om 14.00 uur.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken |  Facebook | | |  Print

28-09-15

NATAN RAMET. MENS, KAMPNUMMER, GETUIGE

De drie jaar geleden overleden Natan Ramet is een van de belangrijkste getuigen van de gruwel van de nazi’s, als man die elf kampen heeft overleefd, meerdere malen de dood voor ogen zag en meerdere vrienden en familieleden verloor door de naziterreur. Terug in Antwerpen werkte Natan Ramet zich op in de diamanthandel, maar stond hij ook aan de wieg van het Joods Museum van Deportatie en Verzet dat later uitgebreid werd met een nieuw museum in Mechelen.

 

Er zijn veel getuigenissen over de nazigruwel te boek gesteld (Regine Beer, Tobias Schiff…), maar het levensverhaal van Natan Ramet was nog niet in al zijn facetten in een boek opgetekend. Daarvoor werd Ronny Vandecandelaere aangezocht, tegenwoordig gids in het nieuwe museum Kazerne Dossin. Bij zijn eerste ontmoeting met Natan Ramet gevangenisdirecteur die Natan Ramet had uitgenodigd om bij de gevangenen te getuigen over zijn ervaring met de nazi’s en de reactie van de Belgische bevolking. “De strijd tegen macht en onrecht is de strijd van de herinnering tegen de vergetelheid.”

 

Natan Ramet leek een onbezorgde jeugd tegemoet te gaan in Warschau, maar toenemend antisemitisme in Polen bracht hem als vijfjarige met zijn ouders naar Antwerpen. Bij aankomst in het Centraal Station werd het gezin verwelkomd met vuurwerk. Omwille van de geboorte van de latere koning Boudewijn, maar dat wist de familie Ramet toen niet. Natan Ramet werd ingeschreven in een stedelijke kleuterschool, en dan een lagere school waar hij in dezelfde klas zat als onder andere de latere marxistische econoom en trotskistische leider Ernest Mandel. In Duitsland maakte Adolf Hitler opgang, maar waarom die zo belangrijk was begreep de kleine Ramet niet.

 

Meer en meer Joden sloegen op de vlucht. Wat volgde klinkt heel actueel. “Massaal werden ze in de meeste landen geweerd. Om toch maar iets te ondernemen kwamen in 1938 een aantal landen samen in Evian-les-Bains in Frankrijk om het probleem van de vluchtelingen te bespreken. Als ieder land een aantal vluchtelingen zou opnemen, als die instroom nu eens over verschillende landen zou worden verdeeld… Een maand discussiëren hadden 32 landen nodig om te beslissen dat geen van hen zijn immigratiequotum zou verhogen. De Joden stonden er alleen voor.”

 

Vader Ramet had het geld niet om met zijn gezin op de vlucht te gaan, terwijl in 1941 in Antwerpen toch een ‘kleine Kristallnacht’ plaatsvond. “De politie intervenieerde niet en ook burgemeester Leo Delwaide gaf niet thuis.” Pas toen brand dreigde uit te breiden naar niet-Joodse eigendommen kreeg de brandweer toelating om te blussen. De Belgische regering protesteerde niet bij de eerste deportaties van Joden. Ze was tevreden met de toezegging dat gezinsleden niet van elkaar zouden gescheiden worden, en de Joden met de Belgische nationaliteit niet zouden gedeporteerd worden. Twee beloftes waar de nazi’s zich uiteindelijk niet aan zouden houden.

 

De nazi’s deporteerden vanuit ons land 25.482 Joden en 352 zigeuners, waarvan amper 1.250 de deportatie zouden overleven. Ze keerden “gebroken, berooid, vaak zonder familie en getekend door het leven” terug. De zus en moeder van Natan Ramet duiken onder maar moeten om hun onderduikadres en levensonderhoud te bekostigen al hun hebben en houden verkopen. Natan Ramet en zijn vader proberen ook aan de deportatie te ontsnappen, maar worden opgepakt en naar de Dossinkazerne in Mechelen gebracht vanwaar ze op 28 augustus 1942 op transport naar “het duistere onbekende” worden gezet. Na drie dagen en nachten stopt de trein en gaan de deuren open op een honderdtal kilometers van Auschwitz.

 

Omdat Natan Ramet in elf verschillende kampen terechtkwam, krijgen we met zijn levensverhaal een goed inzicht in het dagelijks leven in verschillende concentratie- en in vernietigingskampen. Ook hoe er doden vallen (bewust neergeschoten, door ontbering of door vergassing), en hoe men aan een gewisse dood kan ontsnappen, is aangrijpend. De terugkeer naar België is evenmin een feest. “Zên er veul van olle teruggekomen?”, vraagt een Antwerpse vrouw op een toon die duidelijk maakt dat ze liever niemand “van olle” zag terugkeren. Natan Ramets moeder herkent haar zoon niet bij thuiskomst, ze denkt dat het iemand anders is.

 

Het grootste deel van het boek is geschreven vanuit het ik-standpunt van Natan Ramet. Regelmatig wordt het aangevuld met voetnoten, gelukkig op de desbetreffende bladzijde en niet achteraan het boek, die begrippen verduidelijken of beknopt de levensgeschiedenis van anderen schetsen. We lezen ook hoe Natan Ramet zijn leven na de bevrijding spijts heel wat tegenslagen opbouwt, een gerespecteerd figuur wordt bij de Joodse gemeenschap, en vanaf 1989 in scholen en elders getuigt van de nazigruwel. 

 

Helaas wordt op het einde van het boek het ik-verhaal verlaten. We lezen de laatste zestig bladzijden van het boek hoever de kinderen en kleinkinderen van Natan Ramet het intussen hebben gebracht, en Paul Ambach en andere personaliteiten passeren er om te getuigen over het innemend karakter en de integriteit van Natan Ramet. We betwijfelen niet al het goeds dat er beschreven wordt, maar het komt over als dat de auteur van het boek tot slot nog een aantal bloempjes naar de familie Ramet wilde gooien, en een aantal mensen de kans wou bieden om mee in het boek over Natan Ramet te figureren. Teveel crème fraîche bederft de smaak van het ijsje dat er onder zit. Zonder die laatste zestig bladzijden is het echter een perfect boek: levensecht geschreven, met educatieve waarde.

 

Ronny Vandecandelaere, Natan Ramet. Mens, kampnummer, getuige, Uitgeverij Epo, 265 blzn., 20 euro.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken |  Facebook | | |  Print

19-08-15

KARL DRABBE: MIST TREKT OP. WIM VAN ROOY: NIEUWE UITGEVER

Wat weten we één week na de tweet van Knack-journalist Walter Pauli over het ontslag van Karl Drabbe bij uitgeverij Pelckmans? Een poging tot samenvatting en conclusie in de maximum achthonderd woorden die de chef-blog van AFF/Verzet al zijn medewerkers oplegt (De Dictator!, De Hufter!).

 

Walter Pauli gaf in zijn tweet  als reden voor het ontslag: “Naar verluidt: om zijn Vlaams-nationale overtuiging!”. Peter De Roover (N-VA) bevestigde in De Morgen dat Karl Drabbes activiteiten bij de Vlaams-nationalistische website doorbraak.be de steen des aanstoots was. Maar toen kwam Sam Van Rooy op de proppen die suggereerde dat het ontslag van Karl Drabbe te maken heeft met het boek van zijn pa dat niet bij Pelckmans zou verschijnen alhoewel aangekondigd. Na een paar dagen zette Sam Van Rooy online waarom dan wel. Knack-boekenredacteur Frank Hellemans gaf als reden voor het ontslag: “bedrijfsefficiëntie”. Met de pas binnengehaalde Harold Polis was er een kapitein teveel bij uitgeverij Pelckmans.

 

Zaakvoerder Thom Pelckmans ontkende evenwel elk van de genoemde redenen in De Morgen van 14 augustus. Wat dan wel de reden voor het ontslag is? Thom Pelckmans: “Dat behoort tot de privé-sfeer en respecteren wij.” Desondanks gaat De Morgen in haar eerstvolgende editie, op 17 augustus, verder door op de zaak-Drabbe. “Door zijn Vlaams-nationale engagementen zou Drabbe het pluralistische imago van de uitgeverij in het gedrang brengen”, schrijft de krant. De Morgen spreekt tegelijk echter tegen dat auteurs, al dan niet meegekomen met Harold Polis, problemen hebben met de Vlaams-nationalistische opstelling van Karl Drabbe.

 

Dezelfde dag publiceert Knack online een nieuw artikel van Frank Hellemans over de zaak-Drabbe. Knack online: “(Manager, nvdr.) Eric Willems wou namens Thom Pelckmans tegenover Knack.be geen concrete details kwijt over het ontslag van Drabbe maar gaf wel mee dat Drabbes functioneren binnen de uitgeverij al lange tijd negatief werd geëvalueerd en dat het ontslag verleden week niets te maken had met 's mans ideologische overtuiging maar wel alles met zijn ondermaatse prestaties als uitgever bij Pelckmans.”

 

Wim Van Rooy krijgt een forum in hetzelfde artikel. Hij meent dat er een inhoudelijke heroriëntering is bij uitgeverij Pelckmans. “Neem van mij aan dat de restyling door Eric Willems van uitgeverij Pelckmans en dochteruitgeverij Polis tot een postmodernistische politiek-correcte uitgeefstal de voornaamste reden is. In die nieuwe commerciële strategie paste mijn boek niet en paste ook Drabbe niet langer.”

 

Is Karl Drabbe ontslagen omwille van zijn Vlaams-nationalistische overtuiging? Die vraag stelt ook ’t Pallieterke. “Dikke nonsens natuurlijk. De Vlaamse overtuiging van Drabbe is al langer bekend”, schrijft Karl Van Camp, hoofdredacteur van ’t Pallieterke die het ontslag van Karl Drabbe, Wim Van Rooy napratend, situeert bij het boek van Wim Van Rooy dat niet zou passen in het mainstream pad dat Pelckmans in de toekomst wil bewandelen. En een dispuut tussen Eric Willems en Karl Drabbe waarbij Thom Pelckmans voor zijn nieuwe manager koos.

 

Nadat ook Vlaams minister-president Geert Bourgeois zich uitsprak over de zaak-Drabbe reageert Eric Willems uitgebreid in De Standaard. Hij geeft details over het niet-functioneren als uitgever van Karl Drabbe. “Een uitgever heeft vele taken. Hij moet onder meer mensen met een relevant verhaal benaderen en zijn relaties onderhouden. Maar een uitgever heeft ook redactionele en organisatorische taken, en hij moet de kosten onder controle houden. Op verschillende van die aspecten hebben we de gehoopte verbetering niet gezien.” Het aangekondigde boek van Wim Van Rooy is het culminatiepunt. “Het boek was al gezet, voor iemand van de uitgeverij het gelezen had. Ook uitgever Drabbe las het boek pas op de eerste drukproef. Nochtans ging het om een bijzonder explosief boek. (…) De directie van Pelckmans ziet dit als een zware fout. ‘Een uitgever moet de kwaliteit bewaken, zijn auteurs durven tegenspreken en uitdagen.’” In een brief aan de auteurs die bij hem uitgeven, spreekt Thom Pelckmans in dezelfde zin.

 

Ons aanvoelen is dat zowel Vlaams-nationalisten als de familie Van Rooy het ontslag van Karl Drabbe hebben aangegrepen voor eigen gewin. Als er problemen zijn met het persoonlijk functioneren van Karl Drabbe moet dat inderdaad niet op de straatstenen liggen, maar door het politiek gespin vanuit twee kanten is ook dit publiek geworden. Van je vrienden moet je het hebben. Karl Drabbe gaat zich nu terug meer engageren voor de Vlaams-nationalistische website doorbraak.be. Een engagement dat hij om professionele redenen had teruggeschroefd. En het boek van Wim Van Rooy? Volgens ’t Pallieterke is er al een andere uitgever voor gevonden. Eind oktober of begin november zou het verschijnen. Het meest gehypte boek nog vóór verschijnen.

00:10 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, drabbe, media, van rooy |  Facebook | | |  Print

“EEN CONSTRUCTIEF GESPREK MET DE AUTEUR BLEEK ONMOGELIJK”

In zijn brief aan de auteurs die bij Pelckmans uitgeven, ontkent gedelegeerd bestuurder Thom Pelckmans dat de beslissing tot het ontslag van Karl Drabbe politiek gemotiveerd is. “De politieke en levensbeschouwelijke overtuiging van onze medewerkers behoort tot de privésfeer en die respecteren wij in ons bedrijf. De ideologische overtuiging van Karl Drabbe is ons sinds vele jaren genoegzaam bekend.”

 

Thom Pelckmans vervolgt: “Deze beslissing (tot ontslag van Karl Drabbe, nvdr.) heeft niets te maken met de inhoud van het boek van Wim van Rooy, zij het dat de redactionele begeleiding door Karl onvoldoende was. Na grondige analyse hebben wij besloten dit boek, waarvan wij de tekst in mei jongstleden van de auteur ontvingen, niet uit te geven. Het aantal discriminerende en schofferende passages overschaduwde het maatschappijkritische doel van dit essay van 600 bladzijden. Een constructief gesprek hierover met de auteur bleek onmogelijk. Midden juli hebben we besloten - samen met Karl - om het boek niet te verbinden met het imago van onze uitgeverij.”

 

Midden juli werd dus besloten het voorgenomen boek van Wim Van Rooy niet uit te geven bij Pelckmans. Het ontslag van Karl Drabbe dateert van half augustus. Zou het kunnen dat er inderdaad andere struikelstenen waren dan het boek an sich van Wim Van Rooy (foto)? En dat een constructief gesprek met Wim Van Rooy onmogelijk bleek te zijn… Wie, die Wim Van Rooy een beetje kent, is daarover verbaasd?

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, drabbe, van rooy, islam |  Facebook | | |  Print

14-08-15

DE WEEK IN ZEVEN CITATEN (EN EENTJE EXTRA)

Aan opmerkelijke uitspraken geen gebrek deze week. Zie ook hierboven. En dan is er nog de zaak-Drabbe. In Twitterland en daarbuiten is er nogal wat verontwaardiging over het ontslag van Karl Drabbe (illustratie) bij uitgeverij Pelckmans. Sommigen stellen dat Drabbe ontslagen is omdat zijn Vlaams-nationalistische overtuiging negatief zou uitstralen op de uitgeverij. Anderen brengen het ontslag in verband met het niet-uitgeven van een aangekondigd boek van Wim Van Rooy. Volgens de Vlaams-nationalistische website doorbraak.be zouden een aantal auteurs geweigerd hebben nog langer te publiceren bij Pelckmans als deze uitgeverij ook het volgend boek van Wim Van Rooy zou publiceren. Knack vermoedt dat het ontslag louter is ingegeven door een kwestie van bedrijfsefficiëntie. Mogen we vernemen wat écht de reden is? Met gissingen is niemand gebaat.

 

“De dag na het akkoord concludeerde onze krant dat 8 op 10 mensen enkel de lasten van deze taks shift zouden torsen en niet zouden meegenieten van de lusten. Razernij ten huize N-VA, maar het bewijs van ons ongelijk bleef uit.” Daarenboven stelt Het Laatste Nieuws vast dat elke dag weer zedig verzwegen maatregelen uitlekken, maatregelen niet uitgewerkt zijn, tegengesproken worden… “Verwarring troef. De ministers houden het vaag. Doelbewust? Of omdat ze het zelf niet weten?” (Het Laatste Nieuws, 7 augustus 2015)

 

“De komende tien jaar zullen we ons ons arbeidsrecht, waaronder ons stakingsrecht, en onze sociale zekerheid diepgaand moeten hervormen zodat onze welvaartsstaat ook de komende vijftig jaar kan overleven. In die zin is de taxshift van de regering-Michel slechts een voetnoot in de geschiedenis.” De nieuwe baas van Voka, Hans Maertens, legt zijn wensen op tafel. Om de welvaartsstaat te redden of om de bankrekening van de Vlaamse ondernemers nog aan te dikken? (De Tijd, 8 augustus 2015)

 

“In alle Europese landen zijn ze ervan overtuigd dat 'alle vluchtelingen van de wereld' naar hun land komen. In de media pakt men uit met straffe beelden en koptitels zonder context of cijfers. (…) Een aantal feiten. 86 procent van de vluchtelingen zit in ontwikkelingslanden. Slechts 2,5 procent komt naar Europa, het rijkste deel van de wereld. Ongeveer de helft van de vluchtelingen die Europa binnenkomen, zijn Syriërs. Er zijn 4 miljoen Syrische vluchtelingen, slecht 5,6 procent zit in Europa. Libanon ontvangt tien keer meer Syrische vluchtelingen dan de hele EU.” “Het maakt niet uit hoeveel miljarden in Fort Europa worden gestoken, migratie ga je niet tegenhouden. Het is veel wijzer om die miljarden te investeren in het versterken van de positie van migranten; in het opvangen en begeleiden van de nieuwe migranten die binnenkomen, zodat ze toekomstperspectieven hebben en een positieve bijdrage leveren. En in het zoeken van oplossingen op internationaal niveau, zodat mensen niet gedwongen worden om hun land te verlaten.” (De Morgen, 10 augustus 2015)

 

“Zolang de linkse partijen niet met een overtuigend emancipatorisch verhaal komen voor Julien, Maria en Nadine, zal het racistische discours in de sociale woonblokken gemeengoed blijven.” Volgens Pieter-Paul Verhaeghe liggen heel wat mensen niet wakker van de hoofddoek, ritueel slachten of de asielcrisis, als zij er maar zelf op zouden vooruit gaan. Maar dat laatste gebeurt niet. Integendeel. (Knack online, 10 augustus 2015)

 

“De halalhysterie hoort dus thuis in het rijtje van de ophef rond de hoofddoek of recenter de lange rokken. Het is onversneden islamofobie. Of dacht u echt dat de Vlaams Belangers die onlangs ‘Geen halal in onze stad’ aan de ingang van de Antwerpse moslimbeurs scandeerden en die de bezoekers varkenscervelaat aanboden gedreven worden door liefde voor het dier? Als minister is het in Vlaanderen nog altijd makkelijker mee te surfen op een golf van racisme dan om een dialoog op te starten over onze veel te grote vleesconsumptie, onze verwrongen relatie met dieren en de macht van de vleesindustrie.” Rachida Azziz, die zelf amper vlees eet tenzij om gezondheidsredenen, schetst het breder kader in de discussie over onverdoofd slachten om religieuze redenen. (De Standaard, 11 augustus 2015 – ’s Anderendaags waren er replieken van Tobias Leenaert, Luckas Vander Taelen en Etienne Vermeersch; nog een dag later van Dyab Abou Jahjah, Griet Steel De kranten hebben deze zomer geen moeite hun bladzijden gevuld te krijgen.)

 

“Wij pleiten voor solidariteit tussen onze gemeenschappen, die veel gemeen hebben. Niet alleen halal of koosjer eten, ook de besnijdenis bijvoorbeeld. Op een moment dat de moslims het moeilijker hebben dan wij, joden, moeten we het voor hen opnemen. Freilich is alleen met zijn eigen volk bezig.” Anya Topolski van Een Andere Joodse Stem (EAJS) ergert zich aan de manier waarop Michael Freilich islamitische slachtingen afschildert. Anya Topolski nog: “Niet alle joden zijn orthodox en eten koosjer, er zijn evengoed vegetariërs bij. Wij storen ons aan de verharding van het debat.” (De Standaard, 12 augustus 2015)

 

“Wat er echt ontbreekt? Een – gedeeltelijke – schuldkwijtschelding, volgens alle economen ter wereld de enige redding. Zelfs het IMF – dat niet van enig medevoelen beschuldigd kan worden als het om centen gaat – is het daar mee eens.” Peter Mijlemans gelooft niet dat het jongste akkoord over Griekenland voldoende is om het land vooruit te helpen. “Een gedeeltelijke schuldkwijtschelding zou nochtans perfect kunnen. Een Duitse universiteit heeft berekend dat de welstellende Europese landen goed hebben gevaren dankzij de Griekse crisis. In onzekere tijden vlucht geld naar veilige havens en daalt de rente op de staatsleningen. Hoe slechter de vooruitzichten, hoe beter voor de staatskas. Duitsland verdiende zo al 100 miljard euro. Als Griekenland toch geen cent terugbetaalt, zou het land nog 10 miljard verdienen. Zoiets noemt men pervers.” (Het Nieuwsblad, 12 augustus 2015)

 

“De Block en Francken hebben duizenden opvangplaatsen gesloten en nu gaat privésector #asielzoekers opvangen. Winst maken op kwetsbare mensen.” Tja. Maggie De Block en Theo Francken zijn dan ook respectievelijk mandataris van Open VLD en N-VA. (Twitter, 12 augustus 2015)

03-08-15

UITGEVERIJ PELCKMANS PUBLICEERT BOEK WIM VAN ROOY NIET

In de brochure waarmee uitgeverij Pelckmans de boeken presenteert die ze deze zomer en komend najaar zal uitgeven (met als eerste het intussen reeds verschenen De lokroep van IS. Syriëstrijders en (de)radicalisering) wordt het nieuwste boek van Wim Van Rooy aangekondigd, Waarover men niet spreekt. Bezonken gedachten over postmodernisme, Europa, islam (foto). Uitgeverij Pelckmans heeft intussen beslist het boek niet uit te geven.

 

Wim Van Rooy is een generatiegenoot van Koen Dille wiens boek Sprook vorige week op deze plaats werd aangeprezen. Wim Van Rooy en Koen Dille zaten nog samen in de redactie van Links, blad van de linkerzijde binnen de Belgische Socialistische Partij (BSP) – maar daar stopt meteen ook het samenvallend parcours. Bleef Koen Dille consequent een kritische socialist, Wim Van Rooy is intussen met zijn islamkritiek een welkome praatgast bij het Vlaams Belang. Begin dit jaar was Wim Van Rooy even Pegida-woordvoerder, wat Pegida enkele persreacties opleverde. De carrière als woordvoerder was evenwel slechts van korte duur, door omstandigheden die Van Rooy nooit heeft verduidelijkt.

 

Beroepshalve was Wim Van Rooy (intussen 67 of 68 j.) dertig jaar werkzaam in het onderwijs (laatst als directeur van een Joodse school) en als journalist (onder andere bij het toenmalige Radio 3). In 2008 publiceerde hij De malaise van de multiculturaliteit, in 2010 (samen met zijn intussen bij het Vlaams Belang werkende zoon Sam Van Rooy) De islam: kritische essays over een politieke religie en in 2012 (samen met onder andere Sam Van Rooy) Europa wankelt: de ontvoering van Europa door de EU. Enkel het eerste boek schreef Wim Van Rooy alleen, de twee volgende boeken bundelen bijdragen van verschillende auteurs over respectievelijk de islam en Europa. Het zijn boeken van meerdere honderden pagina’s, verschenen bij telkens een andere uitgever.

 

Voor zijn volgend boek ging Wim Van Rooy aankloppen bij de intussen in Kalmthout gevestigde uitgeverij Pelckmans, met de uitgesproken Vlaams-nationalist Karl Drabbe als uitgever. Naast educatieve boeken brengt Pelckmans non-fictie, met vooral werk van conservatieve en rechtse auteurs. Maar Karl Drabbe schuwt de controverse niet (De stad is van ons van Dyab Abou Jahjah is bij Pelckmans verschenen) en ook een auteur als Walter Lotens publiceert al eens bij Pelckmans (in oktober verschijnt daar zijn boek over de Volkshogeschool Elcker-ik, geschreven samen met Stefaan Vermeulen en met een nawoord van Jos Geysels).

 

“Wim Van Rooy trekt ten aanval”, zo wordt het volgend boek van Wim Van Rooy op blz. 3 (!) in de brochure Zomer 2015 van uitgeverij Pelckmans ingeleid. “De heilige huisjes van Vlaanderen anno 2015 moeten eraan geloven. Met de nodige knipogen naar eigen belevenissen, hakt hij in op de evolutie van de Europese Unie, de mislukte multiculturele samenleving, de impact van de soldatengodsdienst die de islam volgens hem is en de intellectuele erfenis van mei ’68, waar hij zelf een product van is. De intellectuele klasse collaboreert nog meer dan de politici met instellingen en ideeën die nefast zijn voor een gezonde samenleving.” Enzovoort, enzoverder. “Wim Van Rooy durft te schrijven wat anderen amper durven te denken.”

 

Het lijkt allemaal op de afrekeningen die Wim Van Rooy reeds in zijn vorige boeken maakte, afrekeningen met ideeën, instellingen en personen die hij in zijn leven kruiste. Volgens voormalige vrienden gaf Wim Van Rooy in de zeven jaren dat hij directeur was van de Vrije Israëlitische School Yavne in Antwerpen in privé-gesprekken volop af over de Joden, maar publiek past hij daar wel voor. Al het andere kan niet genoeg geschoffeerd worden. Een week geleden, in de nacht van zondag op maandag, omstreeks 01u40, vertelde Wim Van Rooy op de Nederlandse zender Radio 1 dat uitgeverij Pelckmans zijn boek niet wil uitgeven.

 

Volgens Wim Van Rooy wil de uitgeverij niet echt zeggen waarom ze, na Van Rooy anderhalf jaar “aan het lijntje houden”, uiteindelijk afziet van publicatie. Van Rooy zou in het boek de moslims beledigen. Maar dat is niet waar, zegt Van Rooy. “Ik beledig de islam, niet de moslims.” Hoe belediging van de islam geen weerslag zou hebben op de moslims is iets wat wij niet begrijpen. Wim Van Rooy is intussen naar een Nederlandse uitgever gestapt om zijn boek alsnog gepubliceerd te krijgen, en volgens Van Rooy komt er daarover mogelijk deze week nieuws.

 

AFF/Verzet heeft vorige week uitgeverij Pelckmans per e-mail gevraagd naar de reden van het niet-publiceren, maar heeft geen antwoord gekregen. Dat is spijtig, want nu circuleert alleen de versie van Wim Van Rooy. Of er politieke redenen achter het niet-uitgeven zitten, zoals Van Rooy laat uitschijnen, is niet zeker. Uitgeverijen zijn geen liefdadigheidsinstellingen, en een boek van alweer een vijfhonderdtal bladzijden moet ook terugverdiend worden. Wie wil zoiets kopen? Om het onder de poot van een tafeltje dat wankelt te leggen, is het allicht te dik.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, van rooy |  Facebook | | |  Print

27-07-15

SPROOK: SPITSE COLUMNS MÉT INHOUD

Sprook.JPGKomend najaar verschijnt bij de nieuwe uitgeverij Polis een bundeling van alle Lastpost’en die Joël De Ceulaer op de laatste bladzijde van Knack publiceerde. Voor wie deze zomer al graag eens een fijne column mét inhoud (her)leest, in de traditie van Tom Lanoyes Doén! en Tom Naegels’ Spijkerschrift, is nu in de betere boekhandel Sprook van Koen Dille te vinden (foto 1). Zowel bij regenweer als bij een zacht zonnetje heerlijke lectuur.

 

Goede mensen sterven altijd te vroeg, en Koen Dille (foto 2) is dan ook spijts zijn 80 jaar een veel te vroeg overleden kameraad. Actief bij Links, toen er nog een linkervleugel was bij de socialistische partij in ons land, schreef hij in het gelijknamig weekblad al korte, sarcastische stukjes over de politieke en maatschappelijke actualiteit in de rubriek De Zeven Dagen. Toen Links verdween bood het tijdschrift Toestanden een nieuwe kans. Alhoewel verdienstelijk was Toestanden geen blijver, net zo min als EcoGroen waarvoor Koen Dille ook bijdragen schreef.

 

Vanaf 1996 kon Koen Dille zijn spitse bedenkingen kwijt in Aktief, het ledenblad van het Masereelfonds, en wat later in het Vlaams Marxistisch Tijdschrift. Partner Kitty Roggeman vertelt in een van de voorwoorden bij Sprook hoe ze de columns zag groeien. “Terwijl hij zat te lezen kribbelde hij geregeld opmerkingen, bedenkingen, vragen op kleine papiertjes die hun weg vonden door het huis. Eerst op het tafeltje bij zijn plaatsje in de living, dan op de trap om bij de eerste gelegenheid mee naar boven genomen te worden naar zijn zolder: zijn werkruimte, met zijn computer, zijn bibliotheek, zijn muziek (…).”

 

“Ook al deed hij het graag, het was ook een moeizaam proces. Hij werkte lang aan elk stuk, het kwam er niet zomaar, vlotjes uit de mouw geschud. Hij herwerkte, polijstte, zwoegde erop. ‘Faire la toilette du texte’ noemde hij dat. En dan kwam hij tenslotte tevreden en opgelucht naar beneden: ‘Mijn column is af!’ Alhoewel… af? Niet zelden stuurde hij, op de valreep, toch nog één of twee veranderingen naar het redactiesecretariaat: ‘Kon dit of dat nog aangepast worden…?’ Het laatste krabbeltje dat ik na zijn dood op zijn bureau vond, ging over geluk en de geluksindustrie. Wat had ik graag gelezen wat hij daarover wou schrijven…”

 

Nu is er een selectie uit al die columns in een boek gebundeld. “Het criterium (…) was in de eerste plaats: hoe actueel zijn de columns nog. Sommigen stukjes bleken inderdaad gedateerd, verwezen naar gebeurtenissen die waarschijnlijk niet meer zo in het geheugen gegrift staan van de doorsnee lezer. Maar een verrassend groot aantal bleek nog wel heel actueel, niet noodzakelijk door de gebeurtenis zelf waarnaar ze refereerden, maar door de overpeinzing, de scherpe kritische noot, de verontwaardiging die Koen eraan verbond en die uiting gaven aan zijn overal aanwezig, nooit aflatend, links engagement. En zijn hardnekkig geloof in protest, verzet, zich niet neerleggen bij ‘there is no alternative’, bij schrijnende sociale ongelijkheid, bij onrecht, bij racisme en xenofobie, bij discriminatie.”

 

“(…) Soms bekroop hem wel eens de vrees ‘Ben ik geen ouwe zeurkous aan het worden? Is het misschien wel tijd om te stoppen?’ Maar dat duurde nooit lang. En dan kwam er weer een nieuwe column. Een mens moet nooit opgeven, vond hij, en hij bleef kritisch en hoopvol, zich afzetten tegen wat hem tegenstak, de draak steken met wantoestanden, het op de korrel nemen van beleidsmakers en politici, van kortzichtigheid en absurde toestanden, van holle discours en bekrompen meningen. Altijd alert, altijd scherp, soms vermogen ironie en spot meer dan een lang betoog, was Koens credo.”

 

In Sprook zijn 77 columns gebundeld. Bij de inhoudsopgave alfabetisch gerangschikt (helaas onder de foute titel De collums alfabetisch); in het boek zelf chronologisch weergegeven: van maart 1996 tot september 2014, eindigend met een hilarische column over Bart De Wever. De Antwerpse burgemeester en partijvoorzitter die er een weekje tussenuit knijpt en om dat niet te laten opvallen een stand-in vraagt zijn rol op het stadhuis en bij de N-VA over te nemen. Helaas voor Bart De Wever, en gelukkig voor ons, heeft de ingehuurde straatartiest ook een eigen mening.

 

Het Masereelfonds, samen met Imavo en Socialisme21 uitgever van het boek, selecteerde voor haar website de column Cijfers als proevertje. Sprook telt 224 blzn., is fraai vormgegeven en kost 13 euro. Het boek zou bij de betere boekhandel moeten liggen, en anders contacteer je maar het Masereelfonds voor een exemplaar.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken |  Facebook | | |  Print

29-06-15

GROETEN UIT GRIEKENLAND

“De speeltijd is voorbij”, zei eerste-minister Charles Michel laatst. En neen, hij bedoelde niet het gekibbel tussen zijn regeringspartijen. Het ging over Griekenland. Alexis Tsipras zou verder moeten gaan op de weg die het Internationaal Monetair Fonds (IMF), de Europese Centrale Bank (ECB) en de Europese Commissie sinds 2010 dicteren… en die heilloos is gebleken voor de Griekse economie en burger. Dat Tsipras de uitkomst van het overleg met een referendum aan het Griekse volk wil voorleggen, vindt men in Brussel te gek. Het zou de bevolking in andere landen op ideeën kunnen brengen. Intussen blijft de situatie in Griekenland wel penibel.

 

In Groeten uit Griekenland brengt VRT-correspondent Bruno Tersago met verhalen uit het leven gegrepen, research over de sociaal-economische situatie, een terugblik op hoe de zaken gelopen zijn en wetenswaardigheden die onze media niet halen, een onthutsend beeld over het leven in Griekenland. Na een woord vooraf waarin hij uitlegt waarom hij toehapte om het boek te schrijven, komen vier hoofdstukken met duidelijke titels: Wij (het dagelijks leven van de gewone Grieken, waartussen Bruno Tersago sinds 2000 woont en werkt, nvdr.), Zij (de rijken die Griekenland naar hun hand en beurs zetten, nvdr.), De bezetting (de komst van de IMF-, ECB- en EU-afgevaardigden, nvdr.) en: Het verzet (met zijn goede en slechte alternatieven, nvdr.).

 

In eerder verschenen recensies werd de overvloed aan verhalen over het dagelijks leven in Griekenland geloofd. Bruno Tersago ging de mensen opzoeken die gebukt gaan onder de crisissituatie, maar vertelt ook over de lotgevallen van hemzelf, zijn vrouw, buren en vrienden. Verhalen over penibele toestanden. De fiscus klopt zelfs aan bij daklozen, want die moeten toch ergens een inkomen hebben om van te leven. Maar ook over creatieve oplossingen. Als leerlingen thuis geen huiswerk kunnen maken omdat de elektriciteit is afgesloten, trekken leraren er wel eens op uit om (illegaal) de elektriciteit weer aan te sluiten. Niet minder interessant zijn echter de cijfers en rapporten die Bruno Tersago opzocht. Zoals over het aantal zelfmoorden gelinkt aan de crisis, ook al is dat cijfer ondergerapporteerd omdat wie zelfmoord pleegt geen kerkelijke begrafenis krijgt.

 

Niet minder wrang is het hoofdstuk over de oligarchen, de reders en andere zakenlui die onmetelijk rijk zijn, kranten (To Ethnos, To Vima, Ta Nea, Kathimerini…) en televisiestations bezitten, en via instellingen en voetbalclubs aan ‘goede werken’ doen. Straf is wel dat in de Griekse grondwet (art. 107, paragraaf 2) een bepaling staat die 762 scheepseigenaars vrijstelt van enige belasting. Een bepaling die is ingevoerd door het kolonelsregime (1967-1974), waaraan sindsdien geen enkele partij iets aan veranderd heeft (in tegenstelling tot andere grondwetsartikels). Bruno Tersago brengt ook het verhaal over de belastingontduiking, waarbij nog steeds het gezegde van Jacob Cats (1577-1660) geldt: “Grote stelen en kleine stelen, maar grote stelen het meest.”

 

Op 2 mei 2010 besloten het IMF en de landen van de Eurozone Griekenland een eerste noodlening toe te kennen. Geen belastinggeld van de EU-burgers, maar geld dat de EU-landen zelf leenden bij banken om het dan aan een hogere rentevoet uit te lenen aan het armlastige Griekenland. De Griekse staat gebruikte het geld niet zozeer om lonen, pensioenen en werkloosheidsuitkeringen te betalen. Die kan Griekenland nog net zelf bekostigen. Slechts iets meer dan 10 percent van de leningen gaat naar de dagelijkse overheidswerking en economie, de rest gaat naar terugbetalingen aan voornamelijk Duitse en Franse banken, intresten op vorige leningen enzomeer.

 

De sociale bescherming in Griekenland was al niet ruim (met in tijd beperkte werkloosheidsuitkering en ziekteverzekering), maar op last van de IMF/ECB/EU-trojka is onder andere nog verder gesneden in de pensioenen, en zijn collectieve arbeidsovereenkomsten vervangen door individuele arbeidsovereenkomsten – met een daling van de lonen, onbetaalde overuren enzomeer tot gevolg. De 22 medewerkers van de Trojka en 28 van een Task Force die ondersteuning moet bieden bij de hervormingen leiden intussen een leventje zonder belastingen in Griekenland. Niet moeilijk dat de Grieken hen uitspuwen.

 

In het laatste hoofdstuk schetst Bruno Tersago hoe het verzet bij de Griekse bevolking groeide, de vakbonden aan een ketting liggen en alternatieve initiatieven zijn ontstaan. Van voedselbedeling over uitwisseling van allerlei hulp tot psychologische begeleiding. ‘Solidariteit voor Allen’ fungeert als een centraal knooppunt waar verschillende initiatieven elkaar treffen. Het wordt financieel ondersteund met 40 procent van de parlementaire vergoedingen van de Syriza-verkozenen – zonder dat die parlementsleden daarvoor publiciteit en stemmen vragen. Heel anders dus dan bij de voedselbedelingen van Gouden Dageraad, neonazistische organisatie waarmee Bruno Tersago zijn boek besluit.

 

Een boek moet ergens ophouden en voor Groeten uit Griekenland is dat 25 januari 2015, met het verkiezingssucces van Syriza. Maar in een nawoord gaat Hugo Franssen, mede-initiatiefnemer van Hart boven Hard en oud-uitgever van EPO, nog in op de eerste successen die Syriza boekte en de moeilijkheden waar de partij voor staat. Omwille van zijn speeltijd-uitspraak heeft de uitgever een exemplaar van Groeten uit Griekenland opgestuurd naar premier Charles Michel, maar meer hoop stellen we in een massale verkoop van het boek om een beter begrip over de situatie in Griekenland te bekomen.

 

Groeten uit Griekenland is een doorleefd boek, helder geschreven met hier en daar ook een poëtische toets die het aangenaam lezen maakt spijts de rauwe werkelijkheid die erin beschreven wordt. Het verdient de boekenverkoop van Jeroen Meus minstens te evenaren.

 

Bruno Tersago, Groeten uit Griekenland, Uitgeverij EPO, 239 blzn., 20 euro. Het boek is intussen al aan zijn tweede druk toe.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, griekenland |  Facebook | | |  Print

23-06-15

EEN JAAR IN DE WERELD VAN DE ONGELIJKHEID

Aan nieuwe boeken is er dezer dagen geen gebrek. Vanavond wordt Sprook, een selectie columns van Koen Dille voorgesteld; morgen is er gelijktijdig, maar op andere locaties, de voorstelling van Groeten uit Griekenland van Bruno Tersago en van Helemaal Anders van Stephen Bouquin. De voorbije dagen lazen we alvast Een jaar in de wereld van de ongelijkheid (foto).

 

Samenlevingsopbouw Vlaanderen wordt in haar werk met mensen in wijken en buurten geconfronteerd met diverse vormen van ongelijkheid. Van kindersterfte tot de kans op dood op latere leeftijd, van arbeid tot levensstandaard, van (on)geletterdheid tot cultuurparticipatie… Samenlevingsopbouw Vlaanderen stuurde daarom haar medewerker Geert Schuermans uit om een jaar lang de wereld van de ongelijkheid te verkennen, en hij kwam terug met vooral feiten, verhalen en visies over de financiële ongelijkheid. Of we het nu graag hebben of niet, geld is cruciaal in ons leven en het is dus dat aspect dat hij in de eerste plaats in ogenschouw nam als hij het over ongelijkheid heeft.  

 

Geert Schuermans las daarvoor tal van boeken en rapporten, ging praten met academici en politici, maar vergat daarbij nooit de verhalen van de mensen die zijn collega’s van Samenlevingsopbouw bij hun werk in heel Vlaanderen hoorden. De auteur neemt ons mee op zijn zoektocht naar inzicht in de problematiek, zoals Lars Bové in De geheimen van de Staatsveiligheid verslag uitbrengt over hoe hij op zoek ging naar het reilen en zeilen van de Staatsveiligheid. ‘Ongelijkheid’ is een minder sexy thema dan de Staatsveiligheid, maar juist door het persoonlijk relaas van zijn zoektocht slaagt Schuermans erin om het boeiend te houden.

 

In het eerste hoofdstuk wordt de financiële ongelijkheid in België geduid: hoe meten, het verschil in inkomen en vermogen, ‘egoïsme als deugd en ongelijkheid als ideaal’, waarom gelijkheid beter is voor ons allemaal, hoe de macht van de kapitaalkrachtigen funest is voor de democratie… Vorige week werd overigens in een nieuwe IMF-studie – en het Internationaal Monetair Fonds is toch geen links clubje – nog duidelijk gemaakt dat als de armste helft van de bevolking rijker wordt, de economie van een land vervolgens harder groeit. En dat als de rijkste twintig procent meer inkomen verwerft, dit de groei afremt.

 

Het tweede hoofdstuk van Een jaar in de wereld van de ongelijkheid bekijkt het ontstaan van de sociale zekerheid in België, de structuur waarin de sociale zekerheid en de verschillende uitkeringen (ziekte en invaliditeit, werkloosheid, pensioen, kinderbijslag, arbeidsongeval en beroepsziekten) is gegoten, de onderbescherming (mensen die recht hebben op een uitkering maar het niet eens weten) versus de fraude met uitkeringen, de activering naar werken, het afbrokkelen van de solidariteit door enerzijds het verdwijnen van grote industriële entiteiten en anderzijds de technologisering en globalisering.

 

Werd voorgaand hoofdstuk gevat onder de titel ‘indirecte solidariteit’, in het derde hoofdstuk over directe solidariteit wordt de rol van sociale organisaties belicht. Zowel de gevestigde, met hun afhankelijkheid van overheidssubsidies maar ook verminderde overheidssubsidies. Als ook de burgerinitiatieven die her en der rond de meest diverse problematieken ontstaan (van stadstuinbouw tot geefpleinen). De kansen op zo’n initiatieven (niet in elke buurt is dat even vanzelfsprekend); de gevaren die dit inhoudt (met een overheid die haar verantwoordelijkheid afschuift, en niet meer regulerend optreedt).

 

Vooraleer tot conclusies te komen interviewt Geert Schuermans ook nog toppers van de democratische partijen over ongelijkheid en verantwoordelijkheid (Meyrem Almaci, John Crombez, Koen Geens, Peter Mertens, Gwendolyn Rutten en Johan Van Overtveldt). Eerder kwamen in het boek ook academici aan bod als Ive Marx en Paul De Grauwe, en sociaal-economische tenoren: van Jef Maes (ABVV) tot Jo Libeer (Voka). Die laatste had met de auteur een hartelijk gesprek, en het was pas bij het uittypen van het interview dat de auteur ontdekte hoe hard de woorden van de Voka-baas waren.

 

Last but not least is het boek doorspekt met tal van voorbeelden hoe Samenlevingsopbouw met concrete projecten ingaat op noden van mensen: het onderwijsproject in Ronse, het Bewegen Op Voorschrift-project in Vlaams-Brabant, Energie en Woonkwaliteit in de provincie Antwerpen, Ieders Stem Telt naar aanleiding van de gemeenteraadsverkiezingen, het project om onderbescherming tegen te gaan in negentien pilootgemeenten, het Zorgnetwerk in Ieper, Fiets! in Deurne-Noord…

 

Fiscaliteit komt vooral aan bod als lacune in het boek en het werk van sociale organisaties. Wat we ook missen is een zaken- en namenregister in het boek. Maar buiten dat: omdat financiële ongelijkheid zoveel facetten heeft, was het de kunst om over elk facet bondig te blijven maar toch voldoende inzicht te verschaffen met sprekende cijfers en meningen. Geert Schuermans is daar met brio in geslaagd.

 

Geert Schuermans, Een jaar in de wereld van de ongelijkheid, Uitg. Epo, 226 blzn., 24,90 euro.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, sociaal |  Facebook | | |  Print

19-06-15

DE WEEK IN ZEVEN CITATEN (EN EENTJE EXTRA)

Het is wel eens anders, maar deze keer beginnen en eindigen we ons weekoverzicht in citaten met goed nieuws.

 

“In de jaren zeventig overleefde ze nog een aanslag van extreemrechts op linkse advocaten waarbij vijf doden viel.” Intussen is Manuela Carmena met het verkiezingssucces van Ahora Madrid, een gloednieuwe lijst rond de partij Podemos, in een bestuursmeerderheid met de sociaaldemocratische PSOE, de nieuwe burgemeester van Madrid. (De Standaard, 13 juni 2015)

 

“Ik ben woensdagnacht de sfeer gaan proeven in Flaming Saddles, de beste gay bar van Manhattan – gay tourism is belangrijk voor Antwerpen. De cowboys dansten daar op tafel. Stel dat ik in een vlaag van overmoed mee op die tafel spring, enkel gehuld in een stetson, een lasso en een onderbroek, dan circuleert die foto gegarandeerd drie seconden later op Facebook en Twitter. Dat waag ik dus niet.” Wat Bart De Wever in New York vertelde was al gênant genoeg. Ook gênant: het vliegtuigticket van de journalist die dit noteerde in de Verenigde Staten werd betaald vanuit de Antwerpse stadskas – zie Apache. Welke baat de Antwerpse belastingbetaler heeft met de personality show rond Bart De Wever in New York is ons een raadsel. Is het overdreven om te spreken over: misbruik van belastinggeld? (Het Laatste Nieuws, 13 juni 2015)

 

“Heel onlangs is er hier een Duitse studie verschenen waaruit bleek dat de lagere inkomens in Griekenland de voorbije jaren hun belastingdruk zagen toenemen met zomaar eventjes 337 procent. De hogere inkomens moesten in diezelfde periode welgeteld 9 procent meer belastingen ophoesten.” Aldus Bruno Tersago wiens boek Groeten uit Griekenland dinsdag wordt voorgesteld in boekhandel De Groene Waterman. Zie ook Jelle Versieren, Filip De Bodt, Ruud Goossens, Marc Reynebeau en Jeffrey Sachs. (De Morgen, 13 juni 2015)

 

“Het psychologische lijden van tienduizenden jongeren en ouderen na een aaneenschakeling van racistische incidenten (…) is de dode hoek van deze maatschappij. Zolang we dat niet inzien, kunnen we niet eens beginnen aan het collectieve genezingsproces.” Rachida Aziz over de impact van racistische gebaren en andere uitlatingen. (De Standaard, 13 juni 2015)

 

“Met de keuze voor ‘radicaal socialistisch’ komt Crombez niet zomaar weg: wat is dat dan precies, socialistisch? Alvast een huis met veel kamers.” John Crombez wil als nieuwe SP.A-voorzitter niet zeggen dat zijn partij linkser wordt. Wél ‘radicaal socialistisch’. Qué? (De Morgen, 15 juni 2015)

 

“Zo verdedigde hij het gratis openbaar vervoer voor 65-plussers. Dat halsstarrig vasthouden aan een gedateerd standpunt maakt hem kwetsbaar.” De Standaard maakt de rekening van Joris Vandenbroucke, nieuwe SP.A-fractieleider in het Vlaams Parlement. Dat “gedateerd standpunt” is anders het enige juiste. Waarom zouden onze gepensioneerden – de pensioenen in België zijn bij de laagste in Europa – ook nog eens voor hun busvervoer moeten betalen? Rijke gepensioneerden nemen de bus niet, het zijn enkel de gewone gepensioneerden die méér moeten betalen én ook nog eens aankijken tegen een verminderde dienstverlening van De Lijn (afschaffen van belbussen zonder goed alternatief, afschaffen van vroege en late busverbindingen in het weekend, afschaffen van nachtbussen…). (De Standaard, 17 juni 2015)

 

“Officieel heet dat transitie: de moeizame overgang van een autoritair, communistisch systeem – met in Joegoslavië nog een bloederige burgeroorlog erbovenop – naar een democratisch, kapitalistisch land. Wel, geloof me: die zogenaamde transitie is niet meer dan een rookgordijn om onze aandacht weg te trekken van de grootschalige plundering in die landen, van de massale privatiseringen en collectieve verarming. Het is een misverstand dat de mensen die ons land plunderen goed opgeleide bankiers zijn, of door de wol geverfde consultants. Het zijn zelfs geen ervaren bankrovers. Het zijn gewoon vrachtwagenchauffeurs, huurmoordenaars of pooiers. Het is dat soort mensen dat in mijn geboorteland aan de vleespotten zit.” Dubravka Ugresic, auteur van Europa in sepia, is pessimistisch gestemd. Overigens niet alleen over Kroatië. (De Morgen, 17 juni 2015)

 

“Tekstueel laat Black zich inspireren door dichteres May Angelou, de gebeurtenissen in Gaza, racistisch politiegeweld en andere vormen van sociaal onrecht. Zware thema’s die verteerbaar worden gemaakt door de lichtvoetige ritmes van ska, reggae en rocksteady.” Na het antifascistische Big In The Body, Small In The Mind (terug te vinden op de cd Made In Britain) brengen Pauline Black en The Selecter nu blijkbaar met Subculture een hele cd met politieke én plezante muziek (foto). (De Standaard, 17 juni 2015)

15-06-15

JEF ELBERS OVER DE ‘DOBBERNEGERS’

Jef Elbers is een bekende naam voor de oudere bezoekers van deze blog, mensen die opgroeiden met boeken als Hugo Gijsels’ Het Vlaams Blok. Intussen 67 jaar is Jef Elbers (foto 2) nog altijd actief. Voor de met het Vlaams Belang verbonden uitgeverij Egmont vertaalde hij pas nog het boek van Jean Raspail, Le Camp des Saints.

 

Geboren uit een Brusselse vader en een Oekraïense moeder groeit Jef Elbers op in Brussel. Nog maar 16 jaar oud gaat hij op zijn eentje betogen tegen het Franstalige FDF, met “alle eieren die ik thuis in de koelkast vond”. Als hij hiervoor hardhandig wordt aangepakt door de Brusselse politie beslist hij zich aan te sluiten bij de Vlaamse Militanten Orde (VMO). Met de VMO stapt hij mee op in de woelige Voerwandelingen in die periode. Vanaf 1972 is Jef Elbers actief als zanger “geïnspireerd op de teloorgang van Brussel en mijn sympathie voor ‘de kleine, Vlaamse man’”. Eerst zingt hij in het Brussels dialect, later in het Standaardnederlands.

 

Als de VMO in 1981 als privé-militie veroordeeld wordt, schrijft Jef Elbers In ’t midden van ’t gewoel – titelnummer van een lp die in 1982 verschijnt (foto 1: Jef Elbers op de cover van deze lp). Jef Elbers zingt daarbij onder andere: “(…) ook al ben je bang / toch krijg je kloppen op je smoel / werp je dus maar zonder vrees / in ’t midden van ’t gewoel / ga je op de vuist / zorg dan dat je als eerste klopt / kan je niet goed boksen / dat je toch keihard schopt (…)”. Het verbaast dan ook niet dat Rob Verreycken later met de Andersjevs een muzikale hommage brengt aan Jef Elbers.

 

Jef Elbers heeft altijd een gekleurd taalgebruik gehad. In De Zwijger van 12 januari 1983 zei hij over wat links en wat rechts is: “Ik ben Vlaams-nationalist. Links en rechts, dat is de positie van mijn penis tegenover mijn kloten. Mijn penis staat in het midden en de rest zijn allemaal… euh… begrippen. Ik laat me geen etiket opplakken.” En over feministen: “Dat zijn missionarissen, gefrustreerde katholieken, die vroeger non waren geworden en negerkes gingen bekeren. (…) We hadden Kongo moeten houden, dan konden ze zich met de negerkes bezighouden in plaats van mij te komen lastigvallen.”

 

Daags na de gemeenteraadsverkiezingen in 1988 veroorzaakt Gui Polspoel opschudding door in het BRT-programma Confrontatie voor te lezen uit een pamflet waarin Schaarbeek vergeleken wordt met Casablanca, en migranten omschreven worden als “Boegnoels, Kamelendrijvers, Tchoek-Tchoeken, Bachie-Boezoeken en Makaken”. Het pamflet vermeldt de namen van Jef en Wim Elbers. Wim Elbers zijnde de broer van Jef, ambtenaar bij het Hoog Comité van Toezicht en net als Jef Elbers lid van het Vlaams Blok. Gerolf Annemans belooft dat als Jef en Wim Elbers de auteurs van deze racistische tekst zouden zijn, hun partijlidkaart zou ingetrokken worden. Maar natuurlijk komt daar niets van in huis.

 

Vanaf de jaren tachtig is Jef Elbers ook actief als medewerker van de BRT. Onder het pseudoniem Dick Durver schrijft hij de scenario’s voor populaire jeugdreeksen als Merlina, Postbus X en Interflix. In Merlina was de slechterik van dienst ene ‘Sardonis’, een man die er altijd gemaskerd bij liep. Anders dan in het tv-programma Bart & Siska onthuld werd, zat achter het masker van Sardonis niet Showbizz Bart maar Raf Reymen. “Hij was een Oostfronter en kwam als gevolg van de naoorlogse repressie niet meer aan de bak. Om hem onherkenbaar te maken, werd hij uiteindelijk gemaskerd. Dat kwam bovendien goed uit om het mysterieuze aspect van de reeks kracht bij te zetten”, vertelt Jef Elbers in het jongste nummer van Rebel, ledenblad van de Vlaams Belang Jongeren. ‘Raf Reymen’ is overigens niet zijn echte naam, maar een pseudoniem voor Rafaël Van Caeneghem.

 

In 1993 verhuist Jef Elbers naar Knokke-Heist waar hij bij de gemeenteraadsverkiezingen in 2000 en 2006 op een onverkiesbare plaats kandidaat is voor het Vlaams Blok/Belang. In 2008 stelt Jef Elbers in Knokke-Heist zijn boek De poorters van Babel voor. De belangstellenden worden onthaald met een spandoek waarop Welkom in het Kalifaat van Knokke staat. Bij gebrek aan echte moslims en moslima werden dan maar enkele mensen als dusdanig verkleed. Bekijk hier het filmpje waarin toenmalig Uitgeverij Egmont-directeur Karim Van Overmeire – tegenwoordig N-VA-schepen en -parlementslid – het boek promoot als passend bij de uitgeverij.

 

De poorters van Babel, zo vertelt Jef Elbers bij de boekvoorstelling, is geïnspireerd door het boek Le Camp des Saints van Jean Raspail dat Elbers dertig jaar eerder heeft gelezen. “Het vertelt de bezetting van Europa door miljoenen armoezaaiers die met hun armoede als wapen naar het Westen komen, en het Westen overrompelen.” Voor De poorten van Babel paste Elbers dat wat aan. Daarin is het “een commando van een honderdtal” rijke Arabieren, “uitgelezen personen”, die hier het land naar hun hand zetten. In een zelfgeschreven tekst promoot Jef Elbers nu zijn vertaling van Le Camps des Saints in het juni-nummer van het Vlaams Belang-maandblad.

 

In Les Camps des Saints / Het legerkamp der heiligen zijn het niet moslims maar hindoes als “indringers”, maar dat maakt niet uit. “Want het immigratieprobleem heeft in de eerste plaats te maken met het massale aantal immigranten, ongeacht hun religie.” Jef Elbers vervolgt: “Opdat ook het Nederlandstalig publiek zich van dit dreigende gevaar bewust zou worden (als dat al niet gebeurd is door de ‘dobbernegers’ die de laatste maanden via de Middellandse Zee ons continent binnenstromen) brengt uitgeverij Egmont…” De vuile praat is nog niet uit de mond van Jef Elbers verdwenen, en bij het Vlaams Belang is er niemand die dit uitkuist voor het partijblad. Het Vlaams Blok of het Vlaams Belang? Dat is hetzelfde.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, elbers |  Facebook | | |  Print

08-06-15

DE LOKROEP VAN ’IS’. SYRIËSTRIJDERS EN (DE)RADICALISERING

De auteur van een tiental non-fictieboeken zei ons laatst dat als hij nog eens een boek zou schrijven, het over een onderwerp zou zijn waar anderen nog niet over geschreven hebben. Het zal bijgevolg waarschijnlijk niet over Islamitische Staat (IS) zijn, want daarover kan je intussen al een heel schap van een boekenrek vullen. Het voordeel van De lokroep van IS. Syriëstrijders en (de)radicalisering is dat het boek meningen van meerdere auteurs met verschillende competenties verzamelt, en dat is nodig want ‘de Syriëstrijders’ zijn geen eenduidig fenomeen.

 

Er zijn (kinderen van) geïmmigreerde moslims onder de Syriëstrijders, maar ook autochtone bekeerlingen, er zijn laag- én hoogopgeleiden, maatschappelijk kansarmen én kansrijken, mannen én vrouwen, meerder- én minderjarigen, mensen met én zonder een strafblad, jongeren die kort geleden nog met drugs experimenteerden én anderen die steeds vroom volgens de islam leefden. Er zijn Syriëstrijders die vertrekken uit idealisme, anderen omdat ze vallen voor het heldendom, het avontuur, de villa en de erkenning die IS hen zou bieden. Nog anderen omdat ze hier geen perspectief meer zien en deze samenleving of een gevangenisstraf willen ontlopen.

 

De nadruk leggen dat racisme en discriminatie niet de oorzaak is van het vertrek van Syriëstrijders (Bart De Wever, Liesbeth Homans) is dus fout. Het speelt wél een rol, maar niet noodzakelijk bij iedereen individueel. Een tweede valkuil is de link met de islam. Men kan niet zeggen dat dat zij die voor het kalifaat vertrekken niets met de islam te maken hebben, het is hún interpretatie van de islam. Zoals men (Filip Dewinter, Sam Van Rooy) ook niet kan zeggen dat het te maken heeft met dé islam, nogmaals het is hún interpretatie van de islam. Een derde gevaar is dat men enkel focust op gewelddadig extremisme verbonden met de islam, er zijn nog andere uitingen van gewelddadig extremisme zoals Vesoul pas nog aantoonde.

 

De lokroep van IS bestaat uit drie delen. Deel 1 heeft vooral oog voor de individuele drijfveren en processen in de radicalisering. Tarik Fraihi weet hoeveel Syriëstrijders er vanuit ons land vertrokken. Johan Leman probeert te begrijpen wat er gebeurt met mensen die radicaliseren, en ziet daarbij paralellen met de sektevorming. Marion Van San vertelt over haar onderzoek naar wat voorafgaat, wat de achtergronden zijn en uit welke gezinnen de Syriëstrijders komen. Deel 2 behandelt de politiek-religieuze context. Daarbij moesten keuzes gemaakt worden over welke onderwerpen daarbij aanbod komen, en een goede keuze was alvast Ludo De Brabander de internationale politieke context te laten schetsen. Het Westen heeft haar eigen monster van Frankenstein gecreëerd. Stijn Aerts en John Nawas tonen aan hoe enkel een selectieve lezing en literalistische interpretatie van de islamitische tekstbronnen tot het ‘legitimeren’ van IS leidt. Rachid Benzine gaat op dit elan verder door nauwgezet de plaats van geweld in de Koran te duiden.

 

Jessica Schoors, deradicaliseringsambtenaar in Vilvoorde, opent deel 3 van het boek: hoe als samenleving reageren? Opnieuw een goed hoofdstuk: over het belang van een gelaagd, integraal en multidisciplinair lokaal beleid. Jessica Schoors waarschuwt ook voor “het debat over radicalisering gelijk te stellen aan het debat over integratie”. Mensen hier geboren en goed opgegroeid zijn evenzeer kwetsbaar voor radicalisering (te verstaan als: gewelddadig extremisme). Het gelijkstellen van beide debatten stigmatiseert bovendien bevolkingsgroepen. Karin Heremans vertelt over haar ervaring als directeur van het Atheneum van Antwerpen en Mohammed Achaibi, ondervoorzitter van de Moslimexecutieve, bekijkt de rol die de georganiseerde islam zou moeten opnemen (en de kansen die de Belgische Staat heeft laten liggen sinds 1974). De Gentse imam Brahim Laytouss en de Antwerpse moraalfilosoof Patrick Loobuyck menen dat een liberaliserende islam dringend maar ook mogelijk is.

 

Lieven Pauwels en Brice de Ruyver bekijken welke maatregelen er op federaal en op Vlaams vlak in de pijplijn zitten. Over de federale twaalf punten zijn er pro’s maar ook veel contra’s – contra’s zowel juridisch en ideologisch als naar effectiviteit. Over de Vlaamse preventieve maatregelen (beter: ideeën voor…) zijn ze globaal positiever. Maar de grote vraag is in welke mate dit uitwerking gaat krijgen. Het werd dan ook muisstil bij de boekvoorstelling toen de Vilvoordse burgemeester Hans Bonte zei dat van de twaalf federale maatregelen, men nu nog maar aan de uitwerking van de derde is. En voor het preventieve luik kon Bonte verwijzen naar federaal minister Jan Jambon die in de Fokus Veiligheid-bijlage van Het Nieuwsblad twee dagen eerder nog zei dat op Vlaams vlak nog niets is uitgevoerd. Hans Bonte wou niet verder wroeten in de wonde, maar eindverantwoordelijke voor het Vlaamse preventieve luik is Jan Jambons N-VA-collega Liesbeth Homans.

 

De lokroep van IS. Syriëstrijders en (de)radicalisering, (red.) Patrick Loobuyck, Uitgeverij Pelckmans, 284 blzn., 21,50 euro.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken |  Facebook | | |  Print

22-05-15

DE WEEK IN ZEVEN CITATEN (EN EENTJE EXTRA)

Vandaag krijg je bij aankoop van De Standaard een 72 blzn. dik boekje met de integrale tekst van Revue Ravage. Dood van een politicus. Toneelstuk van Tom Lanoye over een man die al (te) lang voorzitter is van een politieke partij en zich vastklampt aan die positie al is zijn houdbaarheidsdatum voorbij. Omdat het gesitueerd is in een socialistische partij ziet iedereen parallellen met de positie van Bruno Tobback, maar het verhaal is universeel. We zagen een opvoering van Revue Ravage en herkenden minstens drie keer situaties bij extreemrechts. Josse De Pauw als ‘Joris Van Gils’ (foto) is ook Gerolf Annemans die zijn partij naar een voorspelde nederlaag leidt. De vader wiens vrees is dat zijn zoon ‘Sven’ populairder dan hem zou zijn, is Jean-Marie Le Pen die asgrauw uitslaat als hij ziet dat Marine Le Pen meer stemmen dan hij ooit haalt. Zoon Sven, vertolkt door Nico Sturm, is met zijn vlotheid van praten en zijn fysionomie Tom Van Grieken. We zijn benieuwd of het op papier evengoed pakt als op de toneelbühne.

 

“We vragen de mensen om langer te werken, maar er moet ook werk zijn en de mensen moeten het ook nog aankunnen. Je bureaustoel wat aanpassen of het bureau verhogen, zal niet volstaan. Er is nu eenmaal een probleem van burn-out, van mensen die zich op korte periode te pletter werken.” Minister Kris Peeters beseft dat hij er nog niet is met de verhoging van de pensioenleeftijd enzomeer. (Het Nieuwsblad, 16 mei 2015)

 

“Ze zijn opgevoed in de rotsvaste overtuiging dat wie hard werkt, er wel komt. De ‘American Dream’, weet je wel. Maar ze wroeten en ploeteren dag en nacht en toch geraken ze niet hogerop. Hogerop? Velen verdienen niet eens genoeg om hun gezin te onderhouden, laat staan dat ze het geld zouden kunnen bijeen schrapen om hun kinderen te laten studeren.” Het gaat niet goed met de Amerikaanse arbeiders en lagere bedienden. “Ze gaan braaf ter kerke en geloven dat de Bijbel het bij het rechte eind heeft over homo’s, abortus, zelfredzaamheid (en klimaatverandering)”, maar dat helpt ook niet. (De Standaard, 16 mei 2015)

 

"Zodra er in Parijs of Verviers iets gebeurt, staan de schijnwerpers op die idioten die alles willen kapotslaan, hun eigen leven nog het eerst. Het is een mécanique méchante. We moeten altijd aantonen dat we van deze samenleving houden, maar de samenleving houdt niet altijd van ons.” Mounir ben Ahmed, imam van de Al Imane moskee in Mons, zoals hij het samenleven ervaart. Een moskeeganger vult aan: “Heb je, zoals mijn vader, vijftien jaar in de mijnen gewerkt en er sillicose aan overgehouden, komt er een minister (bedoeld wordt: staatssecretaris Theo Francken, nvdr.) zeggen dat je geen meerwaarde hebt. En maar beleefd blijven.” (dS Weekblad, 16 mei 2015)

 

“Wie interviews met Geeraerts aandachtig leest, beseft dat hij niet zozeer hield van Congolezen, wel van zijn superieure positie tegenover Congolezen in Belgisch Congo.” “Het zou mooi zijn als Geeraerts’ overlijden een aanleiding zou zijn om het maatschappelijke debat aan te gaan en om, bijna zestig jaar na de onafhankelijkheid van Congo, de kennis over het land en de invloed van de koloniale beeldvorming op mensen van Afrikaanse origine in België in al zijn facetten te verdiepen.” Aldus Bambi Ceuppens in een opiniebijdrage geschreven met toestemming van de drie kinderen van Jef Geeraerts. (De Standaard, 18 mei 2015)

 

“Yves Desmet praat met vijftien kopstukken van de SP.A en noemt dat de onderbuik van de partij. Wel, hij had beter met de echte onderbuik gesproken, dan had hij misschien kunnen vaststellen dat de socialistische beweging meer is dan de clash tussen anonieme superego's. Maar ja, vanuit het salon is het iets comfortabeler werken, dan van op een drassig patattenveld, waar mensen, soms tegen beter weten in, ploeteren voor een betere samenleving.” Marc Le Bruyn, voorzitter van SP.A in Ranst, reageert op de artikelenreeks Verbleekt Rood in De Morgen. (Facebook, 19 mei 2015)

 

“Als ik in Marokko ben, dan haal ik de Nederlandse en Belgische Marokkanen er zo uit. De Belgische Marokkaan staat braaf aan te schuiven in de wachtrij. De Nederlander wringt zich naar voor en maakt ruzie. Integratie in Nederland is eerder assimilatie. Ik voel toch iets meer voor hoe het er in Antwerpen of Brussel aan toegaat. Hier heerst er een vorm van ingehouden respect voor de verscheidene groepen in de samenleving.” De Nederlands-Marokkaanse auteur en essayist Abdelkader Benali vergelijkt. Wat hij ‘respect’ noemt, zullen anderen ‘onverschilligheid’ of ‘segregatie’ noemen, maar assimilatie is blijkbaar ook niet zaligmakend. (Gazet van Antwerpen, 21 mei 2015)

 

“In elk interview bezweren die excellenties dat het kibbelen slechts perceptie is. Maar zodra de lucht boven hun hoofden lijkt uitgeklaard, komt het volgende onweer al opzetten. En vervolgens begint het gedonder in alle geweld opnieuw.” Nieuwsmanager Peter Mijlemans over het gekibbel in en, met dank aan Liesbeth Homans, tussen de regering-Bourgeois en -Michel. "Mochten de spelers van AA Gent elkaar zo tegen de schenen schoppen uit eigenbelang, dan had kampioen spelen er niet echt in gezeten. De ploeg zou zich moeten redden hebben van degradatie." (Het Nieuwsblad, 21 mei 2015)

 

“Jullie hebben één geluk. Om een hoopje ongeregeld, krapuul, gedrogeerden en andere gangsters bijeen te krijgen (hoop en al enkele honderden) is veel gemakkelijker dan om mensen bijeen te krijgen die het serieus menen met de maatschappij. Tienduizenden mensen durven niet buiten komen waaronder vele gepensioneerden omdat die troep van jullie de straten onveilig maken. Spijtig genoeg ook duizenden mensen met een gezin die een serieuze job uitoefenen en schrik hebben om hun werk te verliezen wanneer ze betogen tegen jullie gangsters. Houzee Pegida! Laat recht zegevieren." Een Pegida-aanhanger legt uit waarom Pegida in Heist-op-den-Berg maar 30 à 40 mensen verzamelde, en Heist Bloeit 250 mensen. (E-mail aan de redactie van AFF/Verzet, 21 mei 2015)  

15-05-15

‘ARKPRIJS VAN HET VRIJE WOORD’ VOOR FIKRY EL AZZOUZI

Woensdagavond werd in Antwerpen de 65ste Arkprijs van het Vrije Woord uitgereikt aan de Marokkaans-Vlaamse schrijver Fikry El Azzouzi (foto, 36 j.). Hij krijgt de prijs voor zijn roman Drarrie in de nacht en zijn toneelstuk Reizen Jihad.

 

De jury van de Arkprijs vindt dat Fikry El Azzouzi een moedige stem laat horen in de Nederlandstalige literatuur. “Met een behendige pen en snijdende humor schetst hij het beeld van een generatie jongeren die zingeving en identiteit zoekt in onze samenleving. Fikry El Azzouzi gooit een wereld open die dichtbij is maar helaas voor velen onbekend.”

 

Bij gelegenheid van de prijsuitreiking werd een boekje (95 blzn.) uitgegeven met daarin, op één na, alle toespraken bij de uitreiking van de 65ste Arkprijs van het Vrije Woord, meer over Fikry El Azzouzi en bedenkingen bij het Vrije Woord, onder andere naar aanleiding van de aanslag op Charlie Hebdo.

 

Wij hebben drie exemplaren van het boekje te geef, aan te vragen met de ‘Contacteer me’-knop rechtsboven deze blog.

00:10 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: boeken, cultuur |  Facebook | | |  Print