08-10-15

ALLEEN ZATERDAG: TENTOONSTELLING VMO 1949-1983 (2)

Met de letterlijke oproep voor een “klimaat van terreur” (zie het artikel gisteren) heeft Xavier Buisseret zich te zwaar verbrand. Bert Eriksson verovert in 1977 opnieuw de leiding van de VMO, maar de VMO wordt er niet minder militant op.

 

Alleen al in 1979 loopt een antimigrantenbetoging van de VMO in Schilde uit op gevechten met de politie; bestormt een VMO-commando een Franstalige school in Mortsel waar grote materiële schade wordt aangericht; stichten drie VMO’ers brand in een Turks café in Antwerpen; wordt de auto van een Franstalige Voerenaar door de VMO in brand gestoken; houdt de VMO militaire trainingskampen in de Ardennen (foto 1), in Duitsland en in Frankrijk; worden VMO’ers betrapt op illegaal transport van vuurwapens; bezet een VMO-commando het gemeentehuis van Voeren; worden bij een huiszoeking bij een VMO-kopstuk in Temse allerlei wapens, waaronder een geweer met een vizier en een SS-dolk, gevonden…

 

In 1980 wordt het niet beter. Een vijftigtal VMO’ers veroorzaken zware rellen bij de opening van de tentoonstelling ‘Kind en Apartheid’ in Brugge; een zevenkoppig VMO-commando slaat het interieur van de Mechelse progressieve boekhandel De Rode Mol aan diggelen en verwondt twee aanwezigen, onder de VMO-commandoleden: Eddy Hermy en Luc Dieudonné; vier VMO-militanten plegen met een rijkswachtgranaat een aanslag op een Franstalig café in de Voerstreek; VMO’ers vallen een bal van oudstrijders aan waarbij andermaal gewonden vallen; VMO’ers willen de Brugse Halle-toren bezetten, waarbij de stadsbeiaardier ernstig gewond wordt; een vijftienkoppig VMO-commando valt in Gent een anti-apartheidstentoonstelling binnen waarbij een deel van de tentoonstelling vernield wordt en onder andere twee kinderen van respectievelijk 8 en 10 jaar verwond worden; enzovoort, enzoverder.

 

Het bekend geraken van de trainingskampen van de VMO en andere strapatsen van de VMO leidt in 1980 tot de installatie van een parlementaire onderzoekscommissie die zowel de problemen van de ordehandhaving in het algemeen alsook “de naleving en de toepassing van de wet van 19 juli 1934 waarbij de private milities verboden worden” zal onderzoeken onder leiding van de Antwerpse socialistische senator Joz Wijninckx. Dit parlementair onderzoek schudt het gerecht wakker met als gevolg dat een aantal zaken tegen de VMO tezamen voor de rechtbank worden gebracht. Op 4 mei 1981 oordeelt de rechtbank van eerste aanleg in Antwerpen dat de VMO een privémilitie is waarvan het lidmaatschap strafbaar is. 104 VMO-militanten zijn voor de rechtbank gedagvaard, op drie na worden ze allen veroordeeld.

 

Er wordt beroep aangetekend tegen deze uitspraak, en intussen doet de VMO lustig verder. Zo is er op 4 december 1982 nog maar eens een VMO-betoging tegen “stemrecht voor vreemdelingen”. Deze keer eindigt het op een zware fysieke confrontatie met betogers van het Anti-Fascistisch Front (AFF). Het zou de laatste VMO-betoging worden (foto 2). In 1983 wordt het vonnis in eerste aanleg voor de meeste gedagvaarden immers bevestigd. In totaal wordt voor meer dan vijfentwintig jaar celstraf uitgesproken, waarvan één jaar cel voor Bert Eriksson. Karel Dillen richt de vzw Stracke Noodfonds om de vervolgde VMO-militanten financieel te ondersteunen. Filip Dewinter en Francis Van den Eynde stichten het Uilenspiegelcomité (sic) om de vervolgde VMO-militanten politiek te ondersteunen.

 

Tijdens het jaar gevangenschap van Bert Eriksson in Merksplas in 1984 valt de groep VMO-militanten uiteen. Café Odal in de Ballaarstraat in Antwerpen, vanaf 1968 uitgebaat door Bert Eriksson en zijn echtgenote Marie-Marthe Godon, blijft tot 1992 een trefpunt voor extreemrechts tot neonazi’s in binnen- en buitenland. Bert Eriksson verhuist daarna naar Westdorpe (Zeeuws-Vlaanderen, Nederland) maar komt nog regelmatig naar Vlaanderen. Onder andere als spreker op een meeting van de Blood and Honour-groep Bloed-Bodem-Eer-Trouw (BBET, foto). In 2005 overlijdt Bert Eriksson als gevolg van een longaandoening. Op de afscheidsplechtigheid in Antwerpen dagen een vijfhonderdtal mensen op, maar de top van het Vlaams Belang blijft afwezig. Volgens het maandblad Deng ging Filip Dewinter Bert Eriksson nog wel bezoeken op zijn sterfbed, en in het Vlaams Belang-magazine volgt een begripvol in memoriam.

 

In 2007 publiceert kleinzoon Sven Eriksson een boek over zijn grootvader, Vlaanderen mijn land. Filip Dewinter en zijn echtgenote zijn aanwezig bij de boekvoorstelling. Hierna volgen nog een website over de VMO en een Facebookpagina. Rob Verreycken publiceerde eerder een boek over De VMO van Bob en Wim Maes, en op de tentoonstelling aanstaande zaterdag wordt een nieuw boekje van Karl Luyckx De mannekes van Wim Maes verkocht. Foto’s van VMO-activiteiten vind je op de Facebookpagina die naar aanleiding van de tentoonstelling is geopend.

 

De VMO beriep zich op het Vlaams-nationalisme, maar meer nog was het een extreemrechtse criminele organisatie. Het verbaast dan ook niet dat de tentoonstelling zaterdag in Baasrode (Dendermonde) enkel toegankelijk is mits een uitnodiging of op voorhand checken van wie zich wil aanmelden.