27-07-09
GELUK


Hopelijk is Alexandra Colen op verlof in een land ver van Vlaanderen, want het is tegenwoordig al bloot dat de covers van de bladen in Vlaanderen haalt. En het heeft nog uitlopers in de kranten ook. Vorige week brachten enkele kranten het verlossend antwoord op de vraag of de blote borsten op de cover van Humo (foto 1) die van Roos Van Acker zijn. Het antwoord is: neen. Ché presenteert het beste wat de Open VLD te bieden heeft nu Bart Somers van het toneel verdwenen is: het Lokerse Open VLD-gemeenteraadslid Barbara Steeman in haar pure natuur (foto 2). En in de krantenwinkel is de voorraad Goedele’s, met daarbij het boekje met erotische verhalen Alles kan heter, geslonken als boter in de zon.
De meeste ministers zijn op verlof vertrokken. Vlaams minister-president Kris Peeters hoopt dat men hem niet te vaak zal storen, maar zit toch wel met een bang hart als zal blijken dat hij de Opel-fabriek in Antwerpen niet zal kunnen openhouden. En eerste-minister Herman Van Rompuy stelt vast dat na het regularisatieakkoord “een zekere rust over de Wetstraat is neergedaald” maar “dat is echter de enige troost, want de problemen zijn niet minder groot” gebleven. Mensen zonder geldige verblijfspapieren infomeren zich over hun kans om alsnog geldig in ons land te mogen verblijven, Antwerps OCMW-voorzitster Monica De Coninck maakt zich ongerust, en het laat zich aanzien dat nogal wat kandidaat-geregulariseerden gaan struikelen over het criterium legale tewerkstelling kunnen bewijzen. Zoals oppositie- én meerderheidspartijen hebben aangehaald blijven er nog problemen liggen (de volgmigratie bijvoorbeeld), zodat de regering maar nog minder de betrokkenen zelf en de mensen uit de volkswijken uit de problemen zijn.
Maar wat kan het leven mooi zijn voor iemand die naar België vlucht en hier mag blijven. Cabaretière Gorcha Davidova vertelt in de jongste Goedele (foto 3): “Negen jaar geleden ben ik uit Kazachstan naar België gekomen. Ik ben als jong meisje uitgehuwelijkt. Verkocht, noem ik het. Voor 250 euro. Niet veel. Ik ben samen met mijn zoontje weggevlucht. In Kazachstan was ik letterlijk en figuurlijk een boerin. Opstaan voor de koeien. Elke dag brood bakken. Voor de schapen zorgen. Poetsen, koken en zwijgen. Mijn schoonouders gehoorzamen. Als vrouw ben je niets waard. Het was altijd werken, werken, werken. Ik mocht mezelf – zoals alle mensen in mijn kleine dorp – maar één keer per week wassen. In een soort sauna. De rest van de week liep iedereen te stinken. Je kon er geen bad nemen, want baden waren er niet. Als ik zo lig te werken in mijn bad in Turnhout, kan ik niet anders dan vergelijken. Mijn leven nu en mijn leven toen. Dan zit ik in dat water en ervaar ik een ontzettend groot geluk.” Geluk drijft boven. Geluk is voor sommige mensen iets waar anderen niet meer bij stilstaan.























Print