04-09-10

VANAF VANDAAG: V-BOMMENWANDELINGEN IN ANTWERPEN

In 1994 organiseerde het Anti-Fascistisch Front (AFF) in de Antwerpse binnenstad meerdere keren wandelingen over Antwerpen onder het nazi-regime. Antwerpens bekendste stadsgids George Van Cauwenbergh had zijn kennis over het Antwerpen van toen ook nog eens in een dertig bladzijden tellende AFF-brochure opgetekend. In 2007 publiceerden we op deze blog fragmenten uit die brochure: de kwalijke feiten die zich aan de Meir afspeelden (1, 2, 3, 4, 5), het Stadspark tijdens het nazi-regime, de Antwerpse dierentuin bij de bevrijding… De AFF-wandelingen krijgen nu navolging.

In een samenwerking tussen het Vredescentrum, de Antwerpse toeristische dienst, de Koninklijke Gidsenvereniging van Antwerpen en de vzw Herdenking eerste V-bom Antwerpen worden vanaf vandaag door de toeristische dienst van de stad Antwerpen V-bommenwandelingen voor groepen aangeboden. De V-bommen, de Vergeltungswaffen 1 en 2, waren het antwoord van Adolf Hitler en de zijnen op de bevrijding van Antwerpen op 4 september 1944. Op 13 oktober 1944 viel de eerste V-bom in Antwerpen. In de Schildersstraat, vlakbij het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen (foto). Een volledig huizenblok werd vernield; tweeëndertig mensen kwamen om. Tussen oktober 1944 en maart 1945 vielen er in totaal 857-bommen op Groot-Antwerpen en 1 327 in het arrondissement Antwerpen. De bekendste inslag is die op de toenmalige cinema Rex aan de Keyserlei, op 16 december 1944, met 567 doden en 291 gewonden tot gevolg. Een V-bom aan de Teniersplaats, aan het begin van de Meir, maakte op 27 november 1944 126 doden en 309 gewonden.  

De twee uur durende wandelingen benadrukken de verwoesting die de bommen hebben teweeggebracht en de impact ervan op het dagelijkse leven in Antwerpen. Vandaag worden drie wandelingen langs een V-bommenparcours ingericht, maar alle drie zijn ze reeds volzet. Vanaf maandag kunnen groepen deze wandelingen boeken via de Toeristische Dienst van Antwerpen. Voor schoolgroepen (secundair onderwijs - derde graad) biedt het Vredescentrum vanaf 18 oktober aangepaste rondleidingen. Het Anti-Fascistisch Front (AFF) is verheugd over dit initiatief, zestien jaar na de AFF-wandelingen, drie jaar na de artikelenreeks op deze blog. Maar met (voormalig Open VLD-gemeenteraadslid en initiatiefneemster van de zomerscholen voor anderstalige nieuwkomers) Marleen Van Ouytsel als nieuwe directeur van het Vredescentrum rekenen we op meer. Niet alleen de verwoestingen die de bommen aanrichtten mogen in beeld komen, ook het nazi-regime en de collaboratie, de politieke geschiedenis tot de recente uitlopers in Antwerpen horen op het programma te staan.

00:05 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: stadswandeling, antwerpen |  Facebook | | |  Print

31-07-07

Het Antwerpse Stadspark

Skaten-StadsparkBunker-1Café-StadsparkHet voorbije weekend mocht de voormalige Antwerpse schepen Chantal Pauwels (in de vorige bestuursperiode nog Groen!, intussen heeft ze haar lidkaart ingeleverd) in  De Nieuwe Gazet, de Antwerpse editie van  Het Laatste Nieuws, uitleggen wat haar favoriete plekje is in  ’t Stad, de volgens haar lelijkste buurt, het plezantste café en  tutti quanti. Pauwels kijkt met enige fierheid terug op haar politiek werk. Chantal Pauwels: “Als ik de Lotto Arena zie – of op kleinere schaal – het skatepark in het stadspark, dan doet me dat toch iets.” Voor een keer een Antwerpenaar die gewoon tevreden is, eens niet zegt dat het het beste en het grootste is van Europa – de skateparken van Hasselt, Leuven en Kortrijk zíjn trouwens groter. Maar we wilden het hier vooral even hebben over dat Stadspark. In de anti-fascistische wandeling die de in mei overleden George Van Cauwenbergh (zie: http://aff.skynetblogs.be/archive-day/20070526) voor het AFF maakte, en waarvan je hier al een aflevering over de Antwerpse dierentuin (zie: http://aff.skynetblogs.be/archive-day/20070409) en vijf afleveringen over de Meir (zie: http://aff.skynetblogs.be/archive-day/20070417) kon lezen, komt dat Stadspark ook aan bod.

Wat iedereen opvalt die in het Antwerpse Stadspark (zie: http://nl.wikipedia.org/wiki/Stadspark_%28Antwerpen%29) rondwandelt, zijn de vele Joodse burgers. Al zagen we er gisteren ook meerdere Marokkaanse moeders met hun kroost in de speeltuin. We bevinden ons alleszins midden in de buurt waar de meeste Joden in Antwerpen wonen. George Van Cauwenbergh: “Wij hadden op het moment dat de Duitsers in ’40 binnenvielen 52 000 Joodse medeburgers. Ongeveer de helft onder hen waren enkele jaren daarvoor vanuit nazi-Duitsland naar hier gevlucht. Zij hadden hier met een Joods Comité een uitstekend opvangsysteem van scholen, bejaardentehuizen enz. ingericht. Er was een grote solidariteit. Camille Huysmans is de enige burgemeester geweest die in die periode in Noord-West Europa de Saint Louis heeft toegelaten, een boot met Joodse vluchtelingen die nergens anders mocht aanleggen. Hij heeft ze opgenomen in Antwerpen. Wat uiteindelijk een stout staaltje was als je weet dat Duitsland onze belangrijkste handelspartner was/is. Nochtans was er ook in Antwerpen al voor de oorlog een zeer opruiende pers tegen de joodse bevolking gericht. Zo onder meer de Gazet van Antwerpen  die titelde: Wanneer krijgen wij ons stadspark terug?  (!). Onmiddellijk na de bezetting hielden de Duitsers hier economische razzia’s van de zogenaamde Verwaltungsstab. Met de hulp van collaborateurs werden de diamantvoorraden aangeslagen. Zij werkten op percent voor hun verklikkerswerk. Na het vertonen van de film Der ewige Jude  in april 1941 in Cinema Anvers Palace trok er een meute opgeruid krapuul onder leiding van collaborateurs door de straten naar de synagogen die zij daarop kapotsloegen en in brand staken. Zij verbrandden de Heilige rollen en goten heilige olie op straat uit. Een soort Antwerpse Kristallnacht.

In 1941 komen de eerste Jodenverordeningen. Belgische Joden worden voorlopig nog even met rust gelaten. Zij krijgen wel de vermelding ‘Jood’ op hun identiteitskaart. De Duitse Joden worden weggevoerd. De nazi’s stellen op typisch fascistische wijze een andere Joodse Raad in, te vergelijken met de kapo’s in de kampen, die moet zorgen voor de administratie, de registratie van de Joden en voor het doen uitvoeren van de bevelen van de bezettende fascisten. Ook hier stelden de Jodenverordeningen dat de Joden geen openbaar ambt mochten uitoefenen, dat zij niet in dezelfde lokalen mochten komen als Ariërs. Joodse artsen mochten enkel Joodse patiënten hebben, Joodse onderwijzers werden uit hun ambt ontslagen… Op verschillende winkels op de Meir verschijnen plaatjes ‘Joden niet gewenscht’. Dan volgden de deportaties naar de Mechelse Dossin-kazerne. Hierbij voor het transport geholpen door gerenommeerde firma’s die nu nog bestaan. Verhuisfirma Arthur Pierre bijvoorbeeld, die daar zijn verhuiswagens voor ter beschikking stelde. (…) Het verzet in Antwerpen heeft gedaan wat het kon: valse rantsoeneringskaarten voor mensen die ondergedoken waren… Er zijn ongeveer achthonderd volwassen Joodse medeburgers die de vervolgingen hier hebben overleefd omdat zij  weggestoken zijn door Antwerpenaars. Heel veel kinderen kwamen in weeshuizen en internaten terecht, en werden ‘geariseerd’: hun haren werden geblondeerd om hen te kunnen verstoppen.”

Opzij van Chantal Pauwels’ skatepark (foto 1) ligt een speeltuin en als je dan nog wat verder wandelt richting midden van het park zie je boven bosjes groen door restanten van een bunker uitsteken (foto 2). Vlak naast café Capital, waar in ’t weekend wel eens grave  feestjes plaatsvinden. George Van Cauwenbergh: “Dit was de zogenaamde ‘Befehlsbunker’, het betonnen hart van de Duitse verdediging van Antwerpen, met een heel ondergronds net van gangen en zalen. Je ziet eigenlijk maar het topje van de ijsberg. Het systeem strekt zich uit tot onder een appartementsgebouw aan de overzijde van de Rubenslei. Hier werd het sterkste Duitse verzet tegen de Engelsen geleverd op maandag 4 september ’44, de bevrijdingsdag van Antwerpen. Er werd hier stevig over en weer gevuurd. ’s Morgens al waren de verschillende verzetsgroepen op de hoogte gebracht van de naderende Britse troepen en werd door het coördinatiecomité van het verzet het sein gegeven om tot de actie over te gaan.

Het hoofdkwartier van het verzet werd ingericht in het Café du Parc, tegenwoordig heet het café ’t Park, op nauwelijks vijfhonderd meter afstand van het Duitse hoofdkwartier in deze bunker. Café du Parc  was al een tijdje bekend bij het verzet. Terwijl boven door Duitse onderofficieren gekamerd werd met meisjes van lichte zeden, vergaderde het verzet regelmatig op de gelijkvloerse verdieping. In het hol van de leeuw dus. Een plaats waar zij niet zo gauw verondersteld werden te zullen komen. Daar werden de plannen gesmeed om ‘die van daarboven’, die op dat moment wel andere bezigheden hadden, uit Antwerpen weg te werken.” Als je van de bunker richting vijver wandelt, en dan verder door naar links het stadspark verlaat, zie je Café du Parc/'t Park  een beetje verderop dan het politiekantoor van de Quinten Matsijslei liggen. Op de hoek van Plantin en Moretuslei en de Loosplaats (foto 3).

George Van Cauwenbergh: “Duitse soldaten en leden van het Onafhankelijkheidsfront en de Nationale Koninklijke Beweging namen elkaar aan deze bunker op 4 september onder vuur. Het Antwerps verzet, dat slechts licht bewapend was, kon het echter niet alleen opnemen tegen de Duitse stellingen en moest beroep doen op Engelse hulp. (...) Omstreeks 17.00 uur brak de strijd in alle hevigheid los. De A-compagnie van majoor Maddocks vocht zich een weg door de prikkeldraadversperringen en viel de in de bunkers verschanste Duitsers aan. Om 19.00 uur was de strijd beslist en gaf de Duitse opperbevelhebber, generaal-majoor Graaf Stolberg, zich aan majoor Maddocks over. Uit het dagboek van Stolberg blijkt dat de troepen waarover hij beschikte niet van de hoogste kwaliteit waren. Vooreerst had hij een magenkranken compagnie. Ongewapende plantrekkers die een speciaal dieet kregen om hun maag te laten genezen. Hij had ook nog een compagnie van de Flak bij zich, het luchtafweergeschut van het vliegveld van Deurne. Ook al niet erg enthousiast. En twee compagnies Vlasowsoldaten. Vlasow was een collaborateur tijdens de Tweede Wereldoorlog die een kleine 100 000 man op de been bracht: Oekraïeners, Wit-Russen en al wie tegen de Bolsjevieken wou vechten. Die werden door de Duitsers aan het Westelijk front ingezet om hen niet emotioneel in problemen te brengen. De jongens van hier dus aan het Oostfront en die van ginds hier. Zo zijn er filmbeelden van Mongolen die in Merksem voor de Duitsers vechten.

Stolberg kon ook nog beroep doen op een eenheid van de Vlaamse Wacht. Meestal sukkelaars die om niet naar Duitsland te moeten gaan werken, hier de fabrieken bewaakten. Die voelden zich uiteraard die laatste oorlogsdag niet op hun gemak en hebben die laatste dag nog erg gevochten om hun vege lijf te redden, onder andere aan de Wezenberg (Voor de niet-Antwerpenaren: dat is vlakbij het cultuurcentrum De Singel,  niet zo ver uit de buurt van waar jaarlijks in november de Boekenbeurs plaatsvindt, red.). Toen ze graaf Stolberg aanhielden, werd zijn broek afgetrokken door de samengestroomde menigte. Zij maakten hem ‘keizer’, een oud volksgebruik. De Engelsen, puriteinen als ze zijn, hebben hem dan een paar bretels gegeven om zijn broek op te houden.”

Maar onze rondgang in het Stadspark beëindigen we met een romantischer verhaal. George Van Cauwenbergh: “Er is hier ook nog een Romeo en Julia-verhaal te vertellen. Vroeger was hier links naast de vijver een kiosk. Ongeveer twee maanden na de bevrijding zien buren hier ’s avonds een jonge vrouw onder de kiosk kruipen met een boodschappentas. Zij verwittigden de politie die een kijkje gaat nemen. Zij vinden daar haar Duitse minnaar, een gewone Wehrmachtsoldaat die zich er al twee maanden verstopt had. Dat kind had hem alle dagen eten gebracht en ’s avonds van de nodige warmte voorzien. De jongen is krijgsgevangen genomen. Van het meisje werd het haar niet meer afgesneden. De eerste volkswoede was toen al voorbij. Het was al gedaan met de ‘coupe liberté’. Of zij elkaar daarna teruggevonden hebben, is niet bekend.”

00:15 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (4) | Tags: stadswandeling, antwerpen |  Facebook | | |  Print

22-04-07

De zwarte bladzijden van de Meir (5)

Meir-hoek1-aAB2-aWe wandelen nog even verder en houden halt aan het einde van de Meir. Op de hoek van de Meir en de Kipdorpvest staan wij voor het voormalig Hotel Metropole (foto 1).

George Van Cauwenbergh: “Het was een café-hotel waar de Duitse officieren graag kwamen met de moffenliefjes. Daar was nog koffie bij te krijgen. Een ongekende luxe voor de gemiddelde Antwerpenaar. Er waren zelfs dames - zo zei men in die dagen als grap - die een koffieboon in hun ring lieten zetten. Zo duur en zeldzaam als diamant was dat. Hier kwamen de Sinjoren dan voorbij, vol minachting en misschien ook wel een beetje jalousie voor die ‘madammen’ die zijden kousen droegen, hoogopgestoken geblondeerd haar hadden, en in gebloemde jurken naast de officieren zaten waarmee zij verkeerden.

Een paar huizen verderop was er een populaire schouwburg, waarvan de naam in de oorlog vernederlandst werd tot ‘Oud België’ maar die in de volksmond toch altijd ‘den Ancienne Belgique’ zou blijven heten (foto 2). De latere kindervriend ‘Nonkel Bob’, Bob Davidse, heeft hier tijdens de oorlog nog gezongen. Hij zong, onder druk van de controlerende Gestapo, vooral Vlaamse liederen of liederen uit de Vlaamse sfeer. Zuid-Afrikaans hoorde daar uiteraard ook bij. Zoals alle artiesten moest hij vooraf zijn liederenkeuze voorleggen aan de Gestapo.Hij had van een bekend Zuidafrikaans lied enkel het eerste couplet voorgelegd. Het derde couplet luidde echter: ‘Mama, ek wil een man hée, watter een man mijn lieve kind? Wil jij soms een Duitser hée, neen mama, een Duitse man die wil ek nie, want schweinefleisch dat lust ek nie…’, waarop zowat iedereen in de Ancienne Belgique begon te applaudisseren. Bob Davidse werd meegenomen naar de Feldkommandatur. Ze hebben hem daar pas 's avonds terug vrijgelaten.” 

Volgens een andere bron – een verhaal dat opdook toen het VB Bobbejaanland einde maart afhuurde – zou het Bobbejaan Schoepen zijn die dit overkomen is. En volgens dat verhaal zou Bobbejaan Schoepen daarvoor drie weken zijn vastgehouden door de Duitsers. In elk geval zou (ook) Bobbejaan Schoepen zijn vrijgekomen nadat bleek dat de tekst vooraf  door het Duits bestuur in België was goedgekeurd. De nazi's waren dan toch niet in alles zo gründlich.

00:30 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: antwerpen, stadswandeling |  Facebook | | |  Print

21-04-07

De zwarte bladzijden van de Meir (4)

C&A1-aStadsfeestzaal1-aWandelend in de richting van het Centraal Station zien wij rechts, aan de hoek van de Kolveniersstraat en de Meir, een gebouw waar zich nu de C&A bevindt (foto 1) Vroeger was hier de Volksschouwburg gevestigd.

George Van Cauwenbergh: “Daar werden meetings georganiseerd, en hier hebben voor de democratische Vlaamse beweging een liberaal (Franck), een katholiek (Van Cauwelaert) en een socialist (Camille Huysmans) hun oproep gelanceerd van de ‘Drie Kraaiende Hanen’ voor de vernederlandsing van de Gentse universiteit. Tijdens de Duitse bezetting was hier het Deutsche Soldatenheim. Een kantine voor gewone Duitsers. De Engelsen namen het na de bezetting prompt over en noemden het NAAFI: Navy, Army, Air Force Incorporated. En de ‘maskes’ die voor de Duitsers hadden gewerkt, die bleven in dienst. Waarop dat er één zei: ‘Kunde al Engels, Jeanneke?’ ‘Zwijgt stil, ‘k zijn m’n Deuts al bijkan verleerd.’

Ook de Stadsfeestzaal (foto 2) werd voor propagandadoeleinden gebruikt. Tijdens de oorlog werd het officieel Antwerps onderwijs in handen gegeven van de beruchte Van Roosbroeck, die vanuit het VNV was overgestapt naar de De Vlag. Toen die schepen van onderwijs werd, heeft hij onder andere alle diploma’s vervlaamst. Ik heette op mijn diploma Joris in plaats van George, en mijn vriend François werd Frans op zijn getuigschrift. Wij werden als kind tijdens de prijsuitreikingen in de Stadsfeestzaal ook verplicht liederen te zingen die populair waren bij de nazi’s. Een lied als Kempenland  stond steevast op het programma. Wij deden dat zwaar tegen ons goesting. In plaats van ‘Kempenland, die parel aan den Dietschen kroon’ zongen wij uit volle borst: ‘Kempenland, onze soep is aangebrand...’. Het was misschien een kleinigheid, maar Van Roosbroeck was er toch niet graag bij… Na de oorlog is Van Roosbroeck naar Nederland gevlucht. Hij heeft daar asiel gevraagd en gekregen. Hij is er op tweeënnegentigjarige leeftijd overleden. De Nederlandse regering heeft hem nooit willen uitleveren. In de Stadsfeestzaal zijn ook een aantal plechtigheden georganiseerd, uitgaande van het officieel stadsonderwijs, om de Oostfronters te eren die vanuit de school naar het Oostfront waren getrokken.”

In de nacht van 27 op 28 december 2000, even na 5.00 uur ’s morgens, brandde de Stadsfeestzaal af. Stadsfeestzaal die na de oorlog the place to be  was voor feestend Antwerpen. Van de feestende bloemenkwekers over studenten tot de laatste edities van het Festival van de Immigrant, het vond er allemaal plaats. Het Antwerps stadsbestuur verkoos om er niet opnieuw een feestzaal van te maken, maar het pand ter beschikking te stellen om er poepchique handelszaken in onder te brengen. In het najaar zouden de verbouwingen hiervoor ten einde moeten zijn.

00:30 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: antwerpen, stadswandeling |  Facebook | | |  Print

20-04-07

De zwarte bladzijden van de Meir (3)

Bus1-aBus2-aEen beetje verderop van de Feldkommandatur (zie gisteren) liet Philip Dewinter in 1989 een kleinzoon van de Antwerpse volkszanger en socialist John Lundström kennis maken met de kasseien.

Dewinter is op campagne  voor de Europese Verkiezingen, en doet dat vanuit een gehuurde bus (foto 1). Hugo Gijsels bracht in Open je ogen voor het Vlaams Blok ze sluit  het verhaal: “Toen hij (Philip Dewinter, red.)  op de Meir propagandafolders uitdeelde stootte hij op John Lundström, de kleinzoon van de gelijknamige socialistische volkszanger. Die weigert de folder aan te nemen, waarna een woordenwisseling ontstaat. Uiteindelijk neem Lundström de folder toch aan en stopt hem onmiddellijk in een vuinisbak. Als Lundström wil opstappen en op het zebrapad de Meir oversteekt, rijdt de Vlaams-Blokbus tegen hem aan. Als reactie rukt Lundström enkele magnetische publiciteitsborden van de bus. Hierop springen Filip Dewinter en enkele Blok-militanten uit de bus en geven John Lundström een pak slaag (foto 2). Als de Blokkers merken dat ze tijdens hun gespierd bekeringswerk gefotografeerd worden door een Nederlandse dame, wordt deze achterna gezeten en bedreigd door Filip Dewinter.” (Nog andere foto's van dit gebeuren vind je op de website van Blokbuster, website die overigens tegen 1 mei vernieuwd wordt.)

Dewinter moet in die dagen bijzonder zenuwachtig geweest zijn. Hugo Gijsels: “Toen de bus op 3 juni Sint-Niklaas aandeed, sloegen Dewinter en enkele trawanten een 53-jarige vrouw het ziekenhuis in omdat ze niet snel genoeg haar fiets weghaalde van de plaats waar de Blokkers hun bus wilden parkeren.” Dat was een week vóór het incident op de Meir, en “een week later, op 16 juni, meldde het persagentschap Belga dat een aantal Vlaams-Blokkers aangevoerd door Filip Dewinter in Gent leden van Jongeren tegen Racisme en van de Gentse Initiatiefgroep voor een Multiculturele Samenleving had mishandeld.”

00:30 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: antwerpen, stadswandeling |  Facebook | | |  Print

19-04-07

De zwarte bladzijden van de Meir (2)

Caisse2We laten de Handelsbeurs voor wat ze is. Het gebouw zou gerenoveerd worden, samen met het vroegere gebouw van de bevolkingsdienst in de achterliggende Lange Nieuwstraat. Daar zou een eerste klasse hotel van gemaakt worden, en de gerenoveerde Handelsbeurs wordt dan één van de zalen van het hotel.

Aan de overzijde van de Meir ziet u een groot zandstenen gebouw met bovenaan de vermelding ‘Caisse Hypothecaire Anversoise’ (foto). In dat gebouw was in de oorlogsjaren de Feldkommandatur, het hoofdkwartier van de Wehrmacht, gevestigd. George Van Cauwenbergh: “In de namiddag van de vierde september 1944 werd het gebouw belegerd door een aantal verzetslui. Er werd druk vanuit de vensters geschoten. Intussen kwamen er een aantal Engelse Shermantanks die vanaf het kruispunt met de Huidevetterstraat de boel onder vuur namen. Uiteindelijk, nadat er een soort van vuurpauze was ingetreden, is er een Engelse luitenant, een zekere Simpson, met een fuselier, een gewone Engelse soldaat, binnengegaan die de aanwezigen beval om zich over te geven. De Duitsers wilden dit eerst niet. Ze hadden hun wijs gemaakt dat de Engelsen hun zouden castreren. Toen kwam er één naar beneden met een witte vlag om wat af te spreken. Die zei: ‘Onze commandant wil zich wel overgeven, maar alleen aan iemand die dezelfde rang heeft.’ ‘Welke rang heeft die?’, vroeg Simpson. ‘Majoor’, was het antwoord. Simpson heeft op zijn epaulet een kroon vastgemaakt en zei: ‘Ik ben majoor’. Komt er tien man, twintig man… en uiteindelijk wel zevenentachtig man naar beneden. En de Engelsen stonden daar maar met hun getweeën. Ze hebben die Duitsers dan langs achter, langs de Jodenstraat, weggevoerd want buiten op de Meir stond het verzet nog klaar.”

Nog heel lang na de oorlog kon je in de gevel de kogelgaten zien van de belegering van de Feldkommandatur. Intussen is dat allemaal verdwenen na restauratiewerkzaamheden. George Van Cauwenbergh: “Het was wat de Fransen noemen een soort ‘drôle de geurre’: iedereen stond erop te kijken terwijl de kogels in het rond vlogen. Men ging overdag naar het front kijken, ’s avonds even naar huis om te eten, en ging dan later terug naar het front. Er zijn hier twee burgerslachtoffers gevallen: één ter plaatse doodgeschoten en één die later aan zijn verwondingen overleed, een verzetsman die een beetje de held wilde uithangen en zich het gevaar niet helemaal realiseerde. Het verzet had een groot aantal Duitse uniformen buitgemaakt: winteruniformen. Van buiten in camouflagekleuren, van binnen wit om in de sneeuw te kunnen vechten. Maar door het feit dat zij toch de ‘Witte Brigade’ waren, in tegenstelling tot de zwarte brigade van de collaborateurs, draaiden zij de uniformen binnenste buiten om in plaats van met de camouflagekleuren met een wit uniform te kunnen paraderen. Maar zo waren zij natuurlijk levende schietschijven voor de Duitser.”

00:30 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: antwerpen, stadswandeling |  Facebook | | |  Print

18-04-07

De zwarte bladzijden van de Meir (1)

Handelsbeurs1-aHandelsbeurs2-aWe starten onze wandeling over de Meir in Antwerpen met onze rug naar de Boerentoren, gebouw van de KBC-bank. Gisteren zegden we al dat het de eerste wolkenkrabber is van het Europese continent. Omdat de voorlopers van de KBC-bank hun geld vooral bij de boerenbevolking haalden, werd en wordt hun gebouw in de volksmond Boerentoren genoemd.

We houden halt aan het eerste straatje aan de linkerkant, de Twaalfmaandenstraat (foto 1). Op het einde zie je de hoofdingang van de Handelsbeurs (2). George Van Cauwenbergh, Antwerpens bekendste stadsgids, vertelde daarover bij de anti-fascistische wandeling die hij in 1994 in elkaar stak voor het Anti-Fascistisch Front (AFF): “De beurs was het neogotisch decor bij voorkeur voor de fascisten: nostalgie, de grote gotische periode… De Oostfrontstrijders kregen daar, alvorens naar het Oostfront te trekken, nog een aantal vlammende wilde toespraken onder veel Houzee-geroep. Veel volk was er niet langs de kant op straat, behalve familieleden en de weinige supporters. De Oostfrontstrijders trokken in stoet vanuit de Handelsbeurs over de Meir en de De Keyserlei in de richting van het Centraal Station.”

In september ’44 paradeerde overigens ook het verzet op de Meir. Niet vanuit de Handelsbeurs, maar over de Meir optrekkend omdat die nu eenmaal het aangewezen decor was voor optochten. Nu mag dat niet meer, betogen op de Meir mag niet meer. Een beslissing uit het tijdperk van burgemeester Bob Cools om de handelszaken op de Meir terwille te zijn. George Van Cauwenbergh: “Het verzet paradeerde op de Meir alvorens, met de tram, naar Merksem te gaan om er te vechten tegen de zich daar verschansende Duitsers. (…) Een bonte stoet van alle mogelijke weerstanders, Onafhankelijkheidsfront (O.F.) en anderen. Die dus hier – maar dan wél onder gejuich – naar het front achter de haven trokken. Maar er zijn er veel niet van teruggekomen. Merksem was tijdens de oorlog altijd al een zwart nest geweest. In de volksmond heette het trouwens tijdens de oorlog ‘Klein Berlijn’.” Vorige zondag vond daar trouwens nog de jaarlijkse Borms-herdenking plaats. (Over de Borms-herdenking twee jaar geleden: zie http://aff.skynetblogs.be/archive-day/20050408; over het Borms-huis in Antwerpen: zie: http://aff.skynetblogs.be/archive-day/20070315).

De Handelsbeurs was in de jaren zeventig het oord waar de eerste editie van het Festival van de Immigrant, festival dat later zou plaatsvinden in de intussen afgebrande Stadsfeestzaal waar we later nog op terugkomen. Ook de eerste edities van de vroeger nog echt alternatieve boekenbeurs Het Andere Boek vonden hier plaats. Maar ook de eerste partijfeesten van het Vlaams Blok. Het VB-boek Vlaams Blok: 20 jaar rebel. 1977 – 1997  vermeldt dat bij het VB-partijfeest in 1994, het derde VB-partijfeest, 4 000 leden en sympathisanten naar de Handelsbeurs kwamen. Wat goed was voor een omzet van 1 500 warme maaltijden, 2 500 broodjes en hamburgers, en 3 000 liter bier. Er waren 48 informatiestands en er waren optredens van 14 groepen, orkesten en artiesten. Het VB-boek vermeldt: “Zaterdagavond trakteert niemand minder dan Gerolf Annemans met schuiftrompet de mensen op een opzwepend stukje jazz.”

Later vonden er nog meer VB-partijfeesten plaats. Bij zo’n feest was één van de stands een kraampje waar je je kandidaat kon stellen voor een job bij de Antwerpse politie. Geen officiële stand van de Antwerpse politie, maar alle folders en documenten van de Antwerpse politie lagen er wel, stelde de Opsporingsdienst van de Antwerpse politie vast.

00:30 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: antwerpen, stadswandeling |  Facebook | | |  Print

17-04-07

De zwarte bladzijden van de Meir

Boerentoren2-aBoerentoren1-aOp Paasmaandag, dag waarop de Antwerpse dierentuin traditioneel overrompeld wordt door tienduizenden toeristen omwille van de verminderde toegangsprijs, brachten wij hier een eerste verhaal over plaatsen in Antwerpen die een belangrijke rol speelden in de geschiedenis van de strijd tegen het fascisme. Bij de dierentuin ging dat over het even opsluiten van collaborateurs en vermeende collaborateurs in de leeuwenkooien daar, en het wapendepot van het verzet en wat daarop volgde (zie: http://aff.skynetblogs.be/archive-day/20070409). Deze week brengen we hier de geschiedenis van de Meir. De op de Brusselse Nieuwstraat na drukste winkelstraat van het land.

De Meir is dit jaar overigens precies 750 jaar oud, en dat wordt later dit jaar dan ook gevierd. De voorbije weken plaatste Gazet van Antwerpen  oproepen om verhalen en foto’s over de geschiedenis van de Meir, zaken waar de krant vanaf volgende maand mee wil uitpakken. In het najaar volgen een boek over de Meir en de onvermijdelijke festiviteiten. Wij lopen even voorop en brengen vanaf morgen het verhaal over nazi-bijeenkomsten op Meir, huizen en zalen aan de Meir die door de nazi’s gebruikt werden, maar ook over Gerolf Annemans aan de schuiftrompet en Bob Davidse, ‘Nonkel Bob’, die een in ogen van de nazi’s fout liedje zingt.

De actualiteit laten we even aan de kant liggen, al is het natuurlijk goed nieuws dat de Brugse kroeg De Kastelein sinds eind vorige week voor een maand dicht is op last van burgemeester Patrick Moenaert (zie: http://aff.skynetblogs.be/archive-day/20070415), en dat Philip Dewinter overweegt desnoods asiel aan te vragen in Nederland (zie: http://aff.skynetblogs.be/archive-day/20070416). Of Bart Debie nu al dan niet zijn oud politie-uniform te koop aanbiedt op Ebay laat ons daarentegen koud noch warm. Anderzijds wordt vandaag in de Kamer het wetsvoorstel-T'Sijen voor verbod van neonazi-organisaties en -manifestaties besproken, maar om redenen van praktische aard kunnen we er nu niet op in gaan. En we gaan nu niet op onze weblog - maar natuurlijk wel daarbuiten - smakelijk kunnen lachen om de overstap van Jurgen Verstrepen van het Vlaams Belang naar de Lijst Dedecker. Vanaf begin volgende week zitten we weer met onze neus op de actualiteit.

Vanaf morgen buigen we ons hier over de donkere bladzijden van de Antwerpse Meir. We starten met onze rug naar de Boerentoren, de eerste wolkenkrabber van het Europese continent (foto, jaren veertig en nu), en wandelen richting Centraal Station. Als je nog eens passeert op de Meir zal je die na onze artikelenreeks met heel andere ogen bekijken.

07:11 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: stadswandeling, antwerpen |  Facebook | | |  Print

09-04-07

De Antwerpse dierentuin.

Zoo1LeeuwenkooiVandaag, Paasmaandag, is traditioneel een topdag voor de Antwerpse dierentuin (foto 1). Duizenden Antwerpenaren en toeristen profiteren van het verminderd tarief voor een Zoo-bezoek, een traditie van korting op Paasmaandag die al bestaat sinds 1862. De dierentuin is nog wel eens meer populair geweest. Na de overwinning op de nazi’s werden collaborateurs en vermeende collaborateurs er even opgesloten in de leeuwenkooien (foto 2). Voorpost, met VB-actieleider Luk Vermeulen en andere VB’ers in het bestuur en op verantwoordelijke posten, gedenkt dat ‘onrecht’ nog tot op de dag van vandaag (zie: http://aff.skynetblogs.be/archive-day/20050416). Maar volgens George Van Cauwenbergh, Antwerpens bekendste stadsgids, moet het opsluiten in die leeuwenkooien niet overroepen worden. In de dierentuin was destijds overigens ook nog een wapendepot van het verzet ondergebacht.

George Van Cauwenbergh, in een 1994 verschenen AFF-wandelbrochure over (anti-)fascistisch Antwerpen: “Hoe langer geleden, hoe gruwelijker dat de zaken door extreemrechts worden voorgesteld. Men had in allerlei kooien eerst en vooral in de stad opgepakte Duitse krijgsgevangenen opgesloten. Hiertegen had de Duitse commandant, via het hoofdkwartier in Berlijn, in Genève geprotesteerd: de conventie van Genève werd volgens hem geschonden. Zij zaten daar nochtans niet slecht: zij kregen eten en stro om op te slapen. Dezelfde avond al zijn zij weggevoerd naar andere locaties. (…) Het verzet had in de dierentuin een wapendepot ondergebracht van wapens die men her en der op de Duitsers had buitgemaakt. Toen gebeurde iets wat naar mijn gevoel helemaal niet had mogen gebeuren: men gaf kris kras, te pas en te onpas, aan iedere jongeman die zich kwam aandienen een geweer. Men kon er zelfs officiële door de weerstand afgestempelde armbanden kopen.Hierdoor zijn heel wat ‘hooligans’ avant la lettre zogenaamde verzetslui geworden. Helemaal op het eind van de oorlog. Waarmee zij het werk, de eer en de goede naam van heel wat dappere echte verzetsmensen bezoedeld, door het slijk gehaald hebben door overal te gaan plunderen. Door overal zogezegde zwarten te gaan aanhouden, mensen waarvan later bleek dat zij helemaal niet gecollaboreerd hadden. Door familie van ‘zwarten’ aan te houden, alleen maar omdat zij familie waren van…

De burenruzies die beslecht werden door de tegenpartij aan te geven als collaborateur. Zo is er het verhaal van Tante Jeanne die een uitzuipkroeg hield in de oude Mansstraat. Natuurlijk kwamen daar ook Duitse soldaten. Alhoewel zij liever Noren had. Ze had zo haar eigen waardebepaling, ze zei dan: ‘Die Noren hé, dà zen goei joenges sè, die zouwen hun schoenen verkoepen voor te kunne zuipe!’ Tante Jeanne zei altijd: ‘Zegt tegen de maskes dat ze hun bloes uitdoen en da ze hun eigen wassen met zout… dan zuipen ze meer!’ Wel op het eind van de oorlog wordt zij aangegeven door de coiffeur die aan de overkant zijn zaakje had. Uit pure jalouzie. ’s Avonds komt zij terug thuis van de zoölogie met een doek over haar haar. Ze hadden haar dan maar laten gaan omdat ze zagen dat ze ‘een beroepsgeval’ was. Enfin, ’s avonds staat ze terug achter haar tapkraan en al die hoerkes vragen: ‘Tante Jeanne, wat is er nu met uw haar?’ ‘Awel, dat is een nieuwe coupe van die van hierover.’ Die heeft nooit nog klanten gehad. Collaboratie en verzet liepen soms dwars door de families heen: de ene broer was bij het Onafhankelijkheidsfront terwijl de andere aan het Oostfront streed…

Reeds in 1946, nauwelijks een jaar na de oorlog, wordt in Antwerpen het Sint-Arnautsvendel actief: een dissidente extreemrechtse groep die katholieke scouts die hier – symbolisch – in de zaal van de dierentuin hun jaarlijks jeugdfeest houden. De leden zamelen kleding, voedsel en held in voor veroordeelde collaborateurs. In de herfst van 1947 is de 22-jarige Karel Dillen, de in Antwerpen in 1925 geboren zelfgeproclameerde voorzitter voor het leven van het Vlaams Blok, reeds van de partij in dit Sint-Arnautsvendel. In maart 1949 ontvangt het Sint-Arnautsvendel het bezoek van het Arteveldevendel dat in mei 1948 de eerste openlijke herdenking van de gewezen Verdinaso-leider Joris Van Severen organiseerde. Ze marcheren geüniformeerd en in het gelid door Antwerpen, en Dillen loopt fier op de eerste rij. En dat slechts enkele maanden nadat uit hetzelfde Centraal Station de treinen met gedeporteerde joden, weerstanders en dwangarbeiders vertrokken waren…” (De volgende weken en maanden worden hier nog fragmenten gepubliceerd waarmee je een wandeling van de omgeving van de Boerentoren tot de omgeving van het Centraal Station, en terug, kan maken terwijl wij en George Van Cauwenbergh vertellen over de geschiedenis van het (anti-)fascisme in Antwerpen.)

00:15 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (1) | Tags: stadswandeling, antwerpen |  Facebook | | |  Print