10-12-14

ZAAK-JAMBON. NIEUWE DOCUMENTEN VLAAMS-NATIONALE DEBATCLUB

Onze onthullingen over de Vlaams-Nationale Debatclub, Jan Jambon en Jean-Marie Le Pen zorgden vorige donderdag voor een halflege Kamer van Volksvertegenwoordigers (foto) omdat premier Michel niet wilde antwoorden op de vraag van de oppositie in welke mate hij nog vertrouwen heeft in zijn vicepremier en minister voor Veiligheid en Binnenlandse Zaken Jan Jambon nadat blijkt dat hij op 12 en 13 oktober dit jaar manifest gelogen heeft over zijn betrokkenheid bij de organisatie van een lezing van Jean-Marie Le Pen bij de Vlaams-Nationale Debatclub.

 

Jan Jambon zei aan RTL en La Libre Belgique op 12 en 13 oktober slechts als toehoorder naar een lezing met Jean-Marie Le Pen te zijn geweest, zoals hij enkele maanden eerder ook in dezelfde debatclub was gaan luisteren naar Kris Merckx. In feite was Jan Jambon niet een van de vele toehoorders, maar als bestuurslid van de Vlaams-Nationale Debatclub mee verantwoordelijk voor het uitnodigen van Jean-Marie Le Pen. Diezelfde avond zat Jan Jambon voor een etentje aan de eretafel met Jean-Marie Le Pen. Intussen heeft Jan Jambon zijn bestuursfunctie bij de Vlaams-Nationale Debatclub toegegeven. Dat Kris Merckx enkele maanden vóór Jean-Marie Le Pen gesproken heeft bij de Vlaams-Nationale Debatclub blijkt niet te kloppen. “Une erreur de mémoire” van zijn minister, zegt Jambons woordvoerder. Dat Kris Merckx bij de Vlaams-Nationale Debatclub gesproken heeft werd anders wel gebruikt om de aanwezigheid van Jan Jambon bij Jean-Marie Le Pen te vergoelijken.

 

Vandaag onthullen we een nieuwe reeks documenten uit het archief van de Vlaams-Nationale Debatclub. Daaruit blijkt dat de Vlaams-Nationale Debatclub op 28 januari 1998 een spreekbeurt inrichtte met de voor negationisme, racisme en neonazisme veroordeelde Britse ‘historicus’ David Irving. Omdat het Holiday Inn hotel in Antwerpen na protest haar zaal niet meer wilde verhuren voor dit evenement, werd door de Vlaams-Nationale Debatclub voor de conferentie met David Irving uitgeweken naar een geheime locatie in de rand van Antwerpen. Op dat ogenblik, en ook de jaren erna, is Jan Jambon nog altijd volwaardig bestuurslid van de Vlaams-Nationale Debatclub. Wie haalt het in zijn hoofd – terwijl je dixit Jan Jambons woordvoerder als actieve mens wel bestuurslid kan zijn van een honderdtal clubs – om lid te blijven van een club die een veroordeelde negationist uitnodigt? Jan Jambon!

 

Als ‘toemaatje’ publiceren we een document dat bewijst dat het uitnodigen van een notoire negationist geen bezwaar vormde voor  Bart De Wever om even later toe te treden tot het bestuur van de Vlaams-Nationale Debatclub. Een debatclub die hij onder andere kende van de lezing met Jean-Marie Le Pen. Het document dat wij publiceren gaat om een uitnodiging voor een spreekbeurt op 24 oktober 2000 waarop Bart De Wever vermeld wordt als inleider én als bestuurslid. Daarmee belanden we in de eenentwintigste eeuw, de eeuw waar we ons volgens Bart De Wever mee moeten bezig houden.

 

Maar ook in die eenentwingste eeuw wordt de herinnering gekoesterd aan mensen uit de vorige eeuw. Op elke uitnodiging voor een lezing van de Vlaams-Nationale Debatclub waar ook de voltallige raad van bestuur wordt vermeld, wordt verwezen naar het overleden bestuurslid Jan Brans. Op een uitnodiging uit 2000 zelfs als erevoorzitter. Jan Brans is oud-hoofdredacteur van het met het VNV gelieerde Volk en Staat, fervent anti-joden, bij verstek voor collaboratie ter dood veroordeeld, ondergedoken in Spanje dromend van een internationale vereniging van fascisten en veroordeelde collaborateurs, terug in ons land in de coulissen werkend aan de oprichting van het Vlaams Blok en eerste hoofdredacteur van het Vlaams Blok-partijblad. Inderdaad om in gedachten te houden.

 

Alle details en documenten hieronder:

- Jambon-club nodigt negationist uit. Bart De Wever bestuurslid;

- Jan Brans, oprichter en erevoorzitter Vlaams-Nationale Debatclub.

00:07 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: vlaams-nationale debatclub, jambon, irving, de wever, brans |  Facebook | | |  Print

JAMBON-CLUB NODIGT NEGATIONIST UIT. BART DE WEVER BESTUURSLID

Het verhaal over de Vlaams-Nationale Debatclub is nog niet uit verteld. Zo blijkt uit nieuwe documenten die AFF/Verzet en RésistanceS konden inkijken.

In ons artikel vorige week woensdag over de Vlaams-Nationale Debatclub, Jan Jambon en Jean-Marie Le Pen gaven we enkele namen van sprekers bij deze in 1980 opgerichte debatclub. Na het overlijden van zakenman en mecenas van de Vlaamse Beweging Rudi Van der Paal in 2011 vervangen door een nieuwe Vlaams-nationale debatclub. De sprekers waren doorgaans mensen die de Vlaamse Zaak genegen zijn: van klassieke politici, journalisten en historici, een zeldzame keer een progressievere, tot Vlaams Blok/Belang-politici, VMO’ers en collaborateurs. De twee opvallendste sprekers waren de Nederlander Joseph Luns, van 1971 tot 1984 secretaris-generaal van de NAVO, en de Britse negationist David Irving (foto 1).

David Irving is een Britse ‘historicus’. Hij werd op 11 juli 1991 in München een eerste keer veroordeeld voor het ontkennen van de Holocaust. Ook in hoger beroep in 1992 werd hij hiervoor veroordeeld in Duitsland. Op 11 april 2000 – als gevolg van een rechtszaak die op 5 september 1996 is opgestart – en op 20 februari 2006 volgen nog veroordelingen voor het ontkennen van de Holocaust. Respectievelijk in Groot-Brittannië en in Oostenrijk. In zijn eerste boek De vernietiging van Dresden (1963) onderzocht Irving de bombardementen van de geallieerden op de Duitse stad Dresden, een pijnlijke gebeurtenis door Irving echter zwaar overdreven. In Hitler’s War (1977) stelde Irving Hitler voor als een rationele, intelligente politicus wiens enig doel was om de welvaart en de invloed van Duitsland op het continent te verhogen. Als het dan toch fout liep, was het de schuld van zijn ondergeschikten en de geallieerde leiders, met voorop Winston Churchill. Vanaf de jaren tachtig begint Irving het bestaan van de Holocaust meer en meer te ontkennen.

Bij herhaling stelt hij dat het vernietigingskamp van Auschwitz een ‘hoax’ is. Zoals in een in Londen op 23 juni 1989 verspreid pamflet, waarin Irving zichzelf voorstelt als “aan het hoofd van een groeiende groep historici, over de hele wereld, die sceptisch staan over de bewering dat Auschwitz en andere kampen ‘fabrieken van de dood’ waren waarin miljoenen onschuldige mensen systematisch werden vergast”. In werkelijkheid gaat het om een klein groepje Holocaustontkenners met wie Irving optrekt, zoals Ernst Zündel en Robert Faurisson. Irving minimaliseert het aantal doden in Auschwitz en andere kampen, en als er al doden zijn gevallen is het ingevolge epidemieën en niet vanwege gaskamers. Het levert Irving meerdere spreekbeurten op bij bijvoorbeeld de extreemrechtse Deutsche Volksunion (DVU) die de relatie met Irving in 1993 stopzet… uit vrees verboden te worden voor het omarmen van een Holocaustontkenner als Irving.

Irving koppelt zijn ‘wetenschappelijke inzichten’ vaak aan racistische en antisemitische uitspraken. Na zijn veroordeling in 1992 mag hij Duitsland niet meer binnen, en Canada – waar hij dan verblijft – zet hem datzelfde jaar het land uit. Maar bij de Vlaams-Nationale Debatclub is hij welkom. Het gaat evenwel niet zonder slag of stoot. De lezing van Irving op 28 januari 1998 is gepland in het Holiday Inn hotel, maar als bekend wordt wie de uitgenodigde spreker is, trekt het Holiday Inn hotel de verhuur van haar zaal in. De Vlaams-Nationale Debatclub wijkt voor de lezing met David Irving vervolgens uit naar feestzaal De Leeuw in Wijnegem, en verandert wat een openbare lezing had moeten zijn in een bijeenkomst met “strikte privé-karakter”. Enkel met een lidkaart van de Vlaams-Nationale Debatclub of met deze uitnodiging kan je de lezing bijwonen. Een plannetje toont hoe je op de nieuwe locatie geraakt.

In een interview met Apache zegt Koen Dillen, destijds voorzitter van de Vlaams-Nationale Debatclub en Vlaams Blok’er, dat vooral hijzelf en mecenas Rudi Van der Paal beslisten welke sprekers uitgenodigd werden. Het neemt niet weg dat er een zware verantwoordelijkheid rust als je bestuurslid blijft van een club die een negationist uitnodigt als spreker. Ook spijts het tumult dat de lezing veroorzaakt. Jan Jambon (links op foto 2), bestuurslid van de Vlaams-Nationale Debatclub sinds minstens 1994, is bij de lezing van David Irving en de jaren daarna nog altijd bestuurslid van de Vlaams-Nationale Debatclub. Dat laatste blijkt uit de uitnodiging voor een uiteenzetting voor de Vlaams-Nationale Debatclub over de gemeenteraadsverkiezingen van 8 oktober 2000. Een lezing door Mark Grammens op 24 oktober 2000 in Hotel De Basiliek in Edegem – waar overigens de meeste bijeenkomsten van de Vlaams-nationale Debatclub doorgaan.

De uitnodiging vermeldt: “Spreker wordt ingeleid door Drs. Bart de Wever, historicus, bestuurslid van de Club.” Inderdaad, de huidige burgemeester van Antwerpen, voorzitter van de N-VA en schaduwpremier van het land (rechts op foto 2) is alleszins dik twee jaar na de lezing van David Irving bestuurslid van de Vlaams-Nationale Debatclub. Mogelijk nog eerder. Wie er op dat ogenblik allemaal bestuurslid is van de Vlaams-Nationale Debatclub wordt onderaan de uitnodiging vermeld, en jawel: zowel Jan Jambon als Bart De Wever zijn erbij. De “architect Karl Van Camp” in de opsomming is de huidige hoofdredacteur van ’t Pallieterke.

Bart De Wever is van de internetpagina van het Joris Van Severen-studiecentrum als ‘medewerker’ aan dat studiecentrum verwijderd. Hopelijk blijven de documenten over de Vlaams-Nationale Debatclub bij het Archief-, documentatie- en onderzoekscentrum voor het Vlaams-nationalisme intact, ook al wordt het centrum nu geleid door een lid van het N-VA-partijbestuur. En wat te denken van onze huidige vicepremier en minister voor Veiligheid en Binnenlandse Zaken die als 38-jarige mee een negationist naar ons land haalt voor een lezing, terwijl de man al een eerste veroordeling heeft gekregen als negationist en in drie landen (ook Italië ontzegt hem de toegang) niet meer binnen mag?

00:06 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: vlaams-nationale debatclub, irving, jambon, de wever |  Facebook | | |  Print

JAN BRANS, OPRICHTER EN EREVOORZITTER VLAAMS-NATIONALE DEBATCLUB

VNDC - Bestuur VNDC 2000 - Jan Brans.JPGIn elke uitnodiging voor een lezing ba, de Vlaams-Nationale Debatclub, in bezit van AFF/Verzet en RésistanceS, waarin de samenstelling van het bestuur wordt vermeld, worden ook de overleden bestuursleden vermeld met als eerste telkens Jan Brans, soms zelfs als erevoorzitter. In een aantal documenten wordt zijn echtgenote Mia Brans-Dujardin vermeld als ondervoorzitter. Jan Brans was hoofdredacteur van het met de nazi’s collaborerende Volk en Staat (foto 1) en eerste hoofdredacteur van het Vlaams Blok-partijblad.

 

Jan Brans (1908-1986) kent wat van lezingen geven. Op 7 en 14 december 1939 bijvoorbeeld geeft Jan Brans lezingen over Het Jodenvraagstuk aan de Vlaams-nationalistische Volksuniversiteit ‘Herman Van den Reeck’. Vooraf heeft hij zijn anti-joodse stellingen uitvoerig uit de doeken gedaan in een artikelenreeks in het tijdschrift Roeping. Volgens historicus Lieven Saerens waren zijn stellingen toen “een vermenging van een religieus anti-judaïsme met een ‘volkisch’ gedachtegoed”.

 

De meest extreme commentaren op joden zijn in Volk en Staat te vinden. Na een onderbreking verschijnt de krant opnieuw vanaf 12 juni 1940. Omdat er niet onmiddellijk een drukker voor gevonden wordt, wordt met steun van de Duitse bezetter de krant gedrukt op de in beslag genomen persen van de socialistische krant De Volksgazet. Initiatiefnemer voor het opnieuw verschijnen van Volk en Staat is VNV-leider Staf De Clercq. Voor het slagen van de operatie zorgen enkele Antwerpse advocaten, onder wie Jan Brans.

 

Jan Brans is aanvankelijk tegelijkertijd beheerder, uitgever en hoofdredacteur van Volk en Staat. In Volk en Staat worden talrijke anti-joodse bijdragen afgedrukt, een aantal keren vergezeld van dito karikaturen. De eerste verordeningen tegen joden van 28 oktober 1940 worden door de krant enthousiast onthaald. Volk en Staat roept de bezetter op nog strengere en verregaande anti-joodse maatregelen uit te vaardigen, waarbij de krant meermaals zegt in naam van ‘de publieke opinie’ te spreken.

 

Ook Jan Brans levert zijn bijdrage aan het anti-joods discours. Nu meer over de economische zijde van het ‘jodenvraagstuk’, gekruid met racistische terminologie. Brans wijst ook op het ‘gebrek aan hygiëne’ bij joden, en schildert joden af als sadisten die geen medelijden verdienen. Het ‘hoogtepunt’ van zijn artikels verschijnt op 1 december 1940, Overwegingen bij een wandeling door het Ghetto. Hoe de Joden rijk worden in een vuile buurt. Bij het artikel staan acht foto’s, met daarbij commentaren als De rasmerken zijn duidelijk en Een schijnbaar onschuldige Jood. Waag het echter niet met hem zaken te doen.

 

In 1943 en 1944 maakt Jan Brans twee reizen naar Spanje. Van de tweede reis keert hij niet terug, naar hij beweert omdat de landing van de geallieerden in Normandië hem dat onmogelijk maakt. Na de bezetting wordt Jan Brans op verzoek van het Belgisch gerecht gearresteerd. Van september 1945 tot november 1946 verblijft hij in verschillende gevangenissen in Madrid en omgeving. Het regime van generaal Franco weigert Brans uit te leveren aan België waar hij in 1945 bij verstek ter dood veroordeeld wordt voor collaboratie. Het Belgisch gerecht vraagt aan de Spaanse diensten ook om informatie over een partij juwelen en waardevolle voorwerpen die Brans bij zich zou hebben, ter waarde van honderden miljoenen frank.

 

In november 1946 komt Brans vrij met een verbod om het Spaanse grondgebied te verlaten. Brans vestigt zich in Madrid waar hij diverse contacten legt, zoals met de Britse fascistenleider Oswald Mosley. Jan Brans koestert het idee van “de oprichting van een internationale organisatie van oud-collaborateurs en van Duitsers die vanwege politieke redenen veroordeeld waren”. Als zetel voor dit initiatief ziet Brans Spanje, “het enige land in Europa waar men aan iets dergelijks kon werken zonder in de problemen te komen”. Gaandeweg groeit het idee om daar ook Spaanse falangisten, Argentijnse peronisten, Italiaanse fascisten, Kroatische ustasja’s enzomeer bij te betrekken.

 

Op 24 oktober 1978 brengt Jan Brans, intussen terug in Vlaanderen, de kopstukken bijeen van twee partijen die ontstaan zijn uit onvrede met de koers die de Volksunie vaart: de Vlaams Nationale Partij (VNP) van Karel Dillen en de Vlaamse Volkspartij (VVP) van Lode Claes. Lode Claes is één van de Antwerpse advocaten die met Jan Brans zijn schouders zette onder het opnieuw uitgegeven Volk en Staat. Het komt niet tot een akkoord tussen de VNP en VVP, maar op de valreep lukt het toch nog om samen onder de naam Vlaams Blok deel te nemen aan de parlementsverkiezingen van 17 december 1978.

 

Die verkiezingen leveren het Vlaams Blok haar eerste verkozene op: Karel Dillen. De Vlaams Blok-voorzitter stelt vervolgens Jan Brans aan als eerste hoofdredacteur van het partijblad van het Vlaams Blok. In maart 1981 geeft Jan Brans wegens zijn hoge leeftijd – Brans is dan 72 jaar – het hoofdredacteurschap op. Het aantal anti-joodse stellingnamen in het Vlaams Blok-partijblad vermindert meteen aanzienlijk. Intussen heeft Jan Brans al een nieuwe hobby: de op 28 februari 1980 opgerichte Vlaams-Nationale Debatclub.

 

Zijn echtgenote Mia Dujardin leert Jan Brans kennen toen hij Karel Dillen vroeg of die iemand kent die met administratie vertrouwd is, en over adressen beschikt, om een herdenking te organiseren voor de in 1942 overleden VNV-leider Staf De Clercq. Mia Dujardin zegt ‘ja’ voor het organiseren van die herdenking, en wat later ‘ja’ voor een leven aan de zijde van Jan Brans. Mia Dujardin, intussen 87 jaar, was op vele fronten actief in de Vlaamse Beweging en onder andere verantwoordelijk uitgever van de eerste Vlaams Blok-verkiezingsaffiches.

 

Met Jan Brans heeft de Vlaams-Nationale Debatclub bij haar oprichters één van de mannen die de donkerste bladzijden van de Vlaamse geschiedenis invulden. Bij de Vlaams-Nationale Debatclub is men hem daarvoor nog steeds erkentelijk. Bij elke vermelding van de raad van bestuur wordt hij vermeld als één van de overleden bestuursleden; bij een uitnodiging voor een lezing in 2000 zelfs als erevoorzitter (foto 2, grotere versie). Voor Jan Jambon en Bart De Wever is het geen probleem om mee in het bestuur van de Vlaams-Nationale Debatclub te zetelen.

07-12-14

KRITIEK BIJ MR OVER PINOKKIO JAN JAMBON

Voorbije donderdag verliet de voltallige Franstalig en Vlaamse oppositie – op het Vlaams Belang na – de Kamer van Volksvertegenwoordigers omdat premier Charles Michel niet wilde antwoorden op de vraag of hij het vertrouwen behoudt in zijn vicepremier en minister voor Veiligheid en Binnenlandse Zaken nadat gebleken is dat Jan Jambon op 12 oktober 2014 tegenover RTL en op 13 oktober 2014 tegenover La Libre Belgique gelogen heeft over zijn betrokkenheid bij het inrichten van een lezing met Jean-Marie Le Pen.

 

In de Vlaamse pers werd de zaak afgedaan als een ordinair machtspelletje tussen oppositie en meerderheid: wie beslist welke minister moet antwoorden op een vraag, de regering of de oppositie? In de regel bekijkt de regering intern wie antwoordt, maar de Kamervoorzitter kan tussenkomen wanneer hij vindt dat het toch de ene of de andere is die logischerwijze de uitleg moet verschaffen.

 

Volgens ons was het terecht dat men de vraag aan de eerste-minister wilde stellen. Kamervoorzitter Siegfried Bracke (N-VA) dekte de regering evenwel in die het antwoord op de vragen had doorgeschoven naar Jan Jambon. Jan Jambon zou dus moeten antwoorden op de vraag in welke mate premier Michel nog vertrouwen in hem heeft, terwijl diezelfde Michel in de Kamer aanwezig was en dus beter dan wie ook had kunnen antwoorden op die vraag.

 

Yves Desmet (De Morgen, maar donderdag toevallig ook politiek commentator voor het VRT-programma Villa Politica) zag twee machtsblokken die hun rol na de verkiezingen en de regeringsvorming nog niet gevonden hebben. Enerzijds de PS die nog niet verteerd heeft dat ze niet meer opgenomen is in de federale regering. “Comment ont-ils osé?” Anderzijds de meerderheidspartijen die denken zich nu vijf jaar lang alles te kunnen permitteren. Met een ‘het-is-nu-aan-ons-en-gij-moet-zwijgen’-mentaliteit.

 

Dat kan allemaal wel waar zijn, en is ook wel zo. Maar blijft dat een parlementslid toch de elementaire vraag zou moeten kunnen stellen aan een eerste-minister in welke mate zijn vicepremier en minister nog zijn vertrouwen geniet. Er is trouwens niet alleen bij de oppositiepartijen verontwaardiging over de leugens van Jan Jambon.

 

Dat bleek toen gisterenmiddag Télé Bruxelles een interview uitzond met Françoise Bertieaux, fractieleidster in het parlement van de Federatie Wallonië-Brussel, de vroegere Gemeenschapsregering van de Franstaligen, fractieleidster voor de Mouvement réformateur (MR – de partij van Charles Michel) (foto). Het interview gaat vooral over het onderwijs. Aan het slot van de uitzending wordt de zaak-Jambon voorgelegd (video, vanaf 11’30”). Françoise Bertiaux heeft bij het verlaten van haar parlement de zaak nog maar pas vernomen en wil bevestiging krijgen van de feiten. Maar als het waar is, stoort het haar in ruime mate dat Jan Jambon de zaak ontkend heeft.

 

Jan Jambon zei bij RTL en La Libre Belgique dat hij slechts als toehoorder bij de toespraak van Jan Jambon was, terwijl zijn betrokkenheid als bestuurslid van de uitnodigende club natuurlijk groter is. Na de revelaties de voorbije week van AFF-Verzet en RésistanceS heeft Jambon toegegeven dat hij inderdaad bestuurslid was van de Vlaams-Nationale Debatclub, maar waarom heeft hij dat op 12 en 13 oktober 2014 verzwegen tegenover de Franstalige pers, en heeft hij doen uitschijnen dat hij slechts een eenvoudige toehoorder was?

 

Françoise Bertieaux zegt op haar eentje niet de hele MR te vertegenwoordigen, en niet de fractieleidster te zijn in het federaal parlement, maar alleszins de zaak binnen de MR te willen bespreken en daar vrij haar mening te zullen geven zoals ze dat altijd doet.

00:10 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: jambon, vlaams-nationale debatclub, media, bertieaux |  Facebook | | |  Print

05-12-14

DE ZAAK-JAMBON. VRAAG VOOR PREMIER MICHEL WAS TERECHT

Meerdere partijen wilden gisteren in het wekelijks vragenuurtje in de Kamer van Volksvertegenwoordigers aan eerste-minister Charles Michel vragen in welke mate hij nog vertrouwen kan geven aan vicepremier en minister voor Veiligheid en Binnenlandse Zaken Jan Jambon, nu blijkt dat Jambon flagrant liegt over zijn betrokkenheid bij een toespraak van Jean-Marie Le Pen. Zowel tegenover de Franstalige televisiezender RTL (video) als tegenover La Libre Belgique. Jambon was er niet alleen als toehoorder, hij was er ook als bestuurslid van de organiserende Vlaams-Nationale Debatclub. Zoals blijkt uit documenten die AFF/Verzet en RésistanceS konden inkijken, en niet op basis van foto’s zoals Knack online schrijft.

 

Maar de eerste-minister wilde niet op die vraag antwoorden in het parlement, en Kamervoorzitter Siegfried Bracke (foto) speelde het spelletje mee. Vicepremier Jan Jambon zou antwoorden. Een beetje gek, toch. Jan Jambon die moet antwoorden in welke mate Charles Michel nog vertrouwen in hem heeft, terwijl Charles Michel zelf ook aanwezig is in de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Omdat de eerste-minister niet wilde antwoorden verliet de voltallige oppositie – op het Vlaams Belang na – het parlementair halfrond. Het Vlaams Belang mag dan wel tegen de regering-Michel actie voeren, Jan Jambon – die mee aan de wieg stond van het Vlaams Blok Brasschaat – is in de ogen van het Vlaams Belang de kwaadste niet.

 

Bij Villa Politica merkten politici van de meerderheidspartijen op dat het vorige week juist andersom was. Toen was de oppositie boos omdat premier Michel antwoordde en niet minister Jambon. Het is altijd wat met de oppositie. Maar die redenering, onder andere van Open VLD-fractieleider Patrick Dewael, is te kort door de bocht. Vorige week was de vraag: wat had Jan Jambon precies verteld bij het KVHV-Antwerpen? Klopte het wat Apache schreef? En wat voor een bizar verwijt is het dat je “te letterlijk” geciteerd bent? Wie anders kan daar beter op antwoorden dan Jan Jambon die uiteraard op zijn eigen lezing aanwezig was (foto’s), in tegenstelling tot de eerste-minister.

 

Vorige keer was het zeer terecht dat de vraag aan Jan Jambon gesteld werd; gisteren was het zeer terecht dat men een vraag had voor de eerste-minister. In 2009 moest Anissa Temsamani (SP.A) ontslag nemen als staatssecretaris omdat ze gelogen had over haar diploma, wat als in 2014 een vicepremier en minister manifest liegt en zaken verzwijgt over zijn betrokkenheid bij extreemrechts? Hoeveel vertrouwen geniet die dan nog van de premier? Maar tweemaal liet de federale regering iemand anders opdraven dan gevraagd door parlementsleden, en Siegfried Bracke stemde daarmee in.

 

Voor een jaarwedde als Kamervoorzitter van 237.794 euro (bruto, maar parlementsleden worden maar gedeeltelijk belast en hebben nog een aantal extra legale voordelen waarvan gratis openbaar vervoer nog maar het kleinste is), voor zo’n jaarwedde mag je de partijen die je op de voorzittersstoel hebben gezet natuurlijk wel eens uit de wind zetten.

00:10 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: jambon, michel, bracke, vlaams-nationale debatclub |  Facebook | | |  Print

04-12-14

JAN JAMBON: WAAR RECHTS EN EXTREEMRECHTS ELKAAR VINDEN

La Libre Belgique pakte gisteren groot uit (foto) met de onthullingen van AFF/Verzet en RésistanceS over Jan Jambon: hij liegt als hij zegt dat een paar maanden vóór Jean-Marie Le Pen ook Kris Merckx bij de Vlaams-Nationale Debatclub sprak en hij verzwijgt dat hij niet alleen toehoorder was van Jean-Marie Le Pen maar als bestuurslid van de Vlaams-Nationale Debatclub ook uitnodiger was van Jean-Marie Le Pen.

 

Hierover bevraagd door La Libre Belgique zegt Jambons woordvoerder dat zijn minister inderdaad bestuurslid was van de Vlaams-Nationale Debatclub. Om er dan onmiddellijk aan toe te voegen: “Et alors?” Het beroemde zinnetje van de Franse president François Mitterand toen bekend geraakte dat hij een buitenechtelijke dochter had. “Als je een beetje actief bent in het maatschappelijk leven, kan je in het bestuur zitten van een honderdtal clubs.”

 

Maar de Vlaams-Nationale Debatclub nodigde wel opvallend veel extreemrechtse personaliteiten uit. “Ja, maar het is niet omdat men in dezelfde club is, dat men dezelfde ideeën draagt”, antwoordt Jambons woordvoerder. 1. Als je dan toch in “een honderdtal clubs” bestuurslid kan zijn, is het de vraag maar of je ook in het bestuur van een club moet zitten waarvan je de ideeën niet zou delen.  2. De Vlaams-Nationale Debatclub is niet de enige club waarvan Jan Jambon bestuurslid was/is die hulde brengt aan collaborateurs.

 

Jan Jambon heeft zich altijd bewogen op het punt waar rechts en extreemrechts elkaar vinden. Hij heeft altijd van twee walletjes proberen eten. Tot hij er tussen valt.

00:10 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: jambon, vlaams-nationale debatclub, media |  Facebook | | |  Print

03-12-14

ZAAK-LE PEN. JAN JAMBON ALWEER BETRAPT OP LEUGEN

Vorige week dinsdag vertelde vicepremier en minister voor Veiligheid en Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA) bij het KVHV-Antwerpen dat in Atoma-schriftjes, die in de kluizen van de meerderheidspartijen bewaard worden, afspraken staan voor een verdere staatshervorming. Goed geprobeerd om zijn achterban te paaien – Jan Jambon is erelid van KVHV-Antwerpen – maar het werd in de Kamer van Volksvertegenwoordigers ontkend door premier Michel. Ook de serieuze pers wordt door Jan Jambon voorgelogen, blijkt uit een onderzoek van AFF/Verzet en RésistanceS.

 

Bij een interview voor de Franstalige televisiezender RTL op 12 oktober werd opgeworpen dat er beelden zijn die Jambon op de huid kleven, zoals zijn aanwezigheid bij een meeting met Jean-Marie Le Pen (foto 1). Jan Jambons woordvoerder wees er bij het Atoma-schriftjesverhaal op dat zijn minister “te letterlijk” was geciteerd, maar wij hebben toch maar geprobeerd zo correct mogelijk Jambons woorden bij RTL weer te geven (de video is niet meer beschikbaar via internet, wij hebben wel de uitgeschreven Franse tekst).

 

Jan Jambon antwoordde: “Ik ken dat verhaal en ik heb het dikwijls moeten uitleggen. Ik was toehoorder toen een zekere mijnheer, mijnheer Le Pen, een toespraak hield. Dat wil niet zeggen dat ik zijn uitspraken steun. Op dezelfde plaats, een paar maanden eerder, was Kris Merckx (PVDA). Ik was toen ook bij de toehoorders. (…) Ik was bij de toehoorders om te luisteren naar mijnheer Merckx en mijnheer Le Pen. Maar ik denk dat iedereen het recht heeft te gaan luisteren naar een opinie en vandaar zijn eigen mening te vormen. Dat wil niet zeggen dat je die ideeën steunt.” Een dag later verduidelijkte Jan Jambon in La Libre Belgique dat de foto met Jean-Marie Le Pen genomen is in een debatclub in Antwerpen waar eerder ook Kris Merckx sprak.

 

Kris Merckx (foto 2) is intussen 70 jaar en heeft op vele plaatsen gesproken, maar een spreekbeurt bij de Vlaams-Nationale Debatclub, waar Jan Jambon naar refereert, kan hij zich niet herinneren. De zaak wordt nog pijnlijker als Jam Jambon Kris Merckx aanhaalt om zijn aanwezigheid bij Jean-Marie Le Pen te verrechtvaardigen. Kris Merckx ging op zoek naar de sprekerslijst van de Vlaams-Nationale Debatclub en klopte daarbij onder andere aan bij AFF/Verzet dat doorverwees naar het Archief-, Documentatie- en Onderzoekscentrum voor het Vlaams-Nationalisme (ADVN). Daar zijn vele interessante documenten te vinden over de Vlaams-Nationale Debatclub, maar op de daar teruggevonden sprekerslijsten is geen Kris Merckx terug te vinden. Een hiaat in de documentatie bij het ADVN?

 

Dan maar een e-mail gestuurd naar Koen Dillen, zoon van… en van 1991 tot 2010 voorzitter van Vlaams-Nationale Debatclub. De toespraak van Jean-Marie Le Pen vond plaats in april 1996. Als Kris Merckx “een paar maanden eerder” ook bij de Vlaams-Nationale Debatclub zou gesproken hebben, moet Koen Dillen het weten. Maar in een e-mail van 15 november bevestigt Koen Dillen dat Kris Merckx “nooit voor de VNDK heeft gesproken (destijds heette het nog de Vlaams-Nationale Debatklub, nvdr.)”. Kris Merckx “werd evenmin uitgenodigd”.

 

Als uitzondering die de regel moest bevestigen zijn er wel eens progressieve(re) sprekers uitgenodigd voor de Vlaams-Nationale Debatclub (filosoof Ludo Abicht, historicus Bruno De Wever…), naast klassieke politici (Eric Van Rompuy, Paul Van Grembergen…) en anderen (journalisten als Hugo De Ridder en Jos Bouveroux…), maar het waren toch vooral gelijkgezinden die er uitgenodigd werden: van mensen uit het Vlaams economisch milieu zoals René De Feyter en Herman Candries, over Vlaams Blok/Belang’ers als Karel Dillen en Filip Dewinter,  tot VMO’ers als Bob Maes en Bert Eriksson, en mensen die actief betrokken waren bij de collaboratie met het naziregime zoals Jan Brans, medeoprichter van de Vlaams-Nationale Debatclub en oud-hoofdredacteur van Volk en Staat, en Leo Poppe.

 

Niet alleen haalde Jan Jambon zonder redenen Kris Merckx aan om zijn aanwezigheid bij de toespraak van Jean-Marie Le Pen te verrechtvaardigen. Bij RTL en bij La Libre Belgique neemt hij over hetzelfde nog een tweede keer een loopje met de waarheid. Jan Jambon zegt slechts als toehoorder aanwezig te zijn geweest bij de uiteenzetting van Jean-Marie Le Pen. Documenten in bezit van AFF/Verzet en RésistanceS bewijzen dat Jan Jambon minstens van 1995 tot 2000 lid was van het bestuur van de Vlaams-Nationale Debatclub. Jan Jambon was dus niet alleen toehoorder van Jean-Marie Le Pen, hij was als bestuurslid ook uitnodiger van Jean-Marie Le Pen. Illustratie: samenstelling bestuur Vlaams-Nationale Debatclub, vermeld op de uitnodiging voor een lezing op 29 november 1995 door de advocaat van een voor collaboratie terechtgestelde Franse eerste-minister.

 

Een etentje van Jan Jambon aan de eretafel met Jean-Marie Le Pen (en voorts ook nog de Vlaams Blok’ers Frank Vanhecke, Francis Van den Eynde, Koen Dillen en Filip Dewinter) hoorde overigens ook bij de festiviteiten die avond (foto: 1. Frank Van Hecke, Jean-Marie Le Pen, Koen Dillen en Filip Dewinter gaan aan tafel, 2. Jan Jambon schuin tegenover Frank Vanhecke en Jean-Marie Le Pen nog een stukje zichtbaar helemaal vooraan de foto). Er was dus meer aan de hand dan dat Jan Jambon gewoon ging luisteren naar Jean-Marie Le Pen.

 

Gazet van Antwerpen-commentator Paul Geudens schreef vorige week vrijdag, na de commotie over het Atoma-schriftjesverhaal en de vragen daarover in de Kamer van Volksvertegenwoordigers: “Het wordt moeilijk om de vicepremier nog ernstig te nemen. Wanneer meent hij het? Wanneer is het om te lachen? Jan Jambon is toe aan een gewetensonderzoek. Hij moet zich afvragen of hij niet beter overschakelt naar een carrière als stand-upcomedian of als marktkramer. Dan wordt hij betaald om verhaaltjes te vertellen en de mensen aan het lachen te brengen. Als minister niét.”

 

Zo’n carrièreswitch wordt alsmaar meer het overwegen waard. Dat Jan Jambon in de studentikoze sfeer van het KVHV er zijn pet naar gooit, tot daar aan toe. Al betaamt het niet als vicepremier en minister. Bij RTL en La Libre Belgique halve waarheden en hele leugens vertellen over zijn contacten met extreemrechts, dat is van een andere orde. Kan iemand die de pers zo flagrant voorliegt vicepremier en minister blijven?  

17:00 Gepost door AFF/Verzet | Permalink | Commentaren (0) | Tags: jambon, vlaams-nationale debatclub, le pen |  Facebook | | |  Print